15 verleidelijke beslissingen waar ouders hun kinderen eigenlijk geen plezier mee doen

  • door Mamabaas

Kinderen opvoeden is een vermoeiende zaak. Je probeert het beste te doen, met je eigen karakter, dat van de kinderen, het tijdschema en je (soms zeer) beperkte energie. Al zijn sommige beslissingen, genomen uit de diepe liefde van ons moederhart, op lange termijn misschien niet het allerbeste voor de kids... Dit is zeker geen terechtwijzing, want hey, niemand is perfect (wij al helemaal niet!), maar misschien wel iets om af en toe bij stil te staan...

1. Denken dat je een baby kan verwennen

Baby's hebben noden en het is de bedoeling dat je die als ouders inlost. Het is geen verwennerij om ze vast te houden, ze te voeden als ze willen, te troosten of ze te geven wat ze vragen. Baby's die ontvangen wat ze nodig hebben op het moment ze dat nodig hebben, zijn later onafhankelijker en ontwikkelen zich over het algemeen beter. Ze hebben namelijk de zekerheid dat er iemand is om hen bij te staan.

Je wil natuurlijk je kind aanmoedigen om zelfstandig te worden, maar dat vraagt tijd. Wie het stimuleert voor het kind er rijp voor is, merkt vaak dat het een weerslag heeft en dat het kind meer aandacht vraagt, dicht bij de ouders wil zijn...kortom, zich weer veilig wil voelen.

Met oudere kinderen wordt het iets lastiger om de grens te trekken. En als ouder duurt het soms ook wel even voor je doorhebt, dat je die onmiddellijke respons van de babytijd wat meer mag loslaten... Bijvoorbeeld: kinderen die vallen, kijken vaak eerst naar de ouders om te zien hoe gereageerd wordt. Ouders in paniek betekent kind in paniek. Bij ouders die kalm reageren (bij een kleine, onschuldige val), is de initiële huilbui ook snel over - als ze er al is. Het is een beetje zelf aanvoelen waar je kind klaar voor is. Laat je niet leiden door leeftijden om te beginnen met potjestraining of slapen in een groot bed: het komt wanneer het komt! Al zijn er altijd kinderen die meer een zetje nodig hebben dan andere natuurlijk...

2. (Te) veel in hun plaats doen

Okay, we get it: soms is er te weinig tijd om kinderen zelf hun schoenen aan te doen - en soms heb je gewoon nog niet beseft dat je kind het eigenlijk wel kan. Het is gewoon gemakkelijk om de taakjes zelf te doen: het kost namelijk ook tijd en energie om te zagen, te controleren of ze het wel gedaan hebben en te vragen het opnieuw te doen als het niet goed genoeg is (en terug zagen, controleren, ...) 

En je doet het graag, en je doet het goed en ze zijn best dankbaar... dus waarom zou je ze niet nog wat ontzien van volwassen zijn? Maar tegelijk... de kindertijd is de tijd om (goede!) gewoontes te kweken en ervoor te zorgen dat de overgang naar zelfstandigheid en volwassenheid sneller verloopt. Dus ja, laat ze knoeien, proberen, doorzetten, oefenen, wat pannen aanbranden: het is voor de goede zaak!

3. Te veel afschermen

Je kinderen veilig en gezond houden is een van onze grootste zorgen. Maar sommige dingen zijn onvermijdelijk... en dus is het belangrijker om kinderen te leren omgaan met risico, pijn, teleurstelling en verdriet dan om ze af te schermen van deze ervaringen. Met uitzondering van levensbedreigende beslissingen en heel jonge kinderen natuurlijk. 

Hier is dat fameuze loslaten waar iedereen het over heeft. Het handje als ze op de trap leren lopen, het risico als ze leren fietsen, de kans dat ze ziek worden of verdriet hebben of mentale of fysieke pijn lijden. Je begint met algehele bescherming en bouwt dat een beetje af. Je zorgen zullen er niet minder om worden, maar het is ook bevredigend om te zien hoe je kinderen kunnen rechtkrabbelen en doorgaan.

4. Hun gevechten voeren

Een van de moeilijkste dingen als ouders is op de speelplaats of in een speeltuin toekijken hoe een 'kleutergevecht' ontstaat. Er wordt algauw tussengekomen, de boodschap altijd dat ze moeten 'samen spelen, samen delen'. Dat is natuurlijk juist, maar tegelijk hebben de kinderen geen kans om zelf te leren een conflict op te lossen en loop je het risico dat ze altijd vertrouwen op een volwassene om hun zaakjes op te lossen. 

Er zijn natuurlijk grenzen, zodra er fysiek geweld bij komt kijken of er een te groot leeftijdsverschil is, is ingrijpen eerder wel gepast. En sowieso is het aangeraden om de discussie te volgen - je kan er namelijk ook van leren wie de waarheid komt zeggen of niet. Achteraf kan je het ook gebruiken als leermoment: bespreek wat er gebeurd is, wat is misgelopen en hoe het de volgende keer beter kan.

5. Weinig/geen grenzen stellen

De tijd van autoritaire ouders (vaders) ligt al een tijdje achter ons, maar de tegenbeweging is ook niet dat. Grenzen en limieten zijn goed voor kinderen: ze bieden duidelijkheid en dus ook veiligheid omdat ze weten waar ze aan toe zijn - ook al tasten ze die grenzen constant af. Dat wil niet zeggen dat die grenzen niet ietwat flexibel kunnen zijn van tijd tot tijd (denk aan je eigen geluk toen je een twééde ijsje kreeg of een uurtje langer mocht spelen), maar over het algemeen moet er een lijn zijn. Het is vermoeiend om die grens te trekken en aan te houden, maar het helpt om ze duidelijk te communiceren (en te blijven communiceren). Kinderen kunnen immers niet weten wat er wordt verwacht als ze het niet eerst wordt gezegd. Als ze al overstuur zijn, is er weinig kans dat ze het gaan opnemen: dit kan je best doen op een rustig moment en vaak herhalen. 

Heb ook geen schrik om je grens uiteindelijk toch bij te stellen. Sommige grenzen houden we aan omdat we ze zelf zo geleerd hebben, maar zijn niet altijd doenbaar of juist voor je kind of de tijd. Communiceer dan ook waarom je deze regel aanpast, en niet de andere. 

6. Maar ook: onmiddellijk straffen bij slecht gedrag

Zeker bij kleine kinderen kan grensoverschrijdend gedrag (zoals slaan of schoppen) een extreme reactie van de ouders uitlokken. Omdat ze met die extra fysieke pijn echt de druppel hebben bereikt die de emmer doet overlopen en omdat je echt de boodschap wil geven dat het niet oké is. Het probleem: kleine kinderen (kleuters dus) hebben niet altijd een andere manier om hun emoties uit te drukken. Ook al kunnen ze al goed praten, op dat moment is er enkel 'brij' in hun hoofd. Hoe moeilijk ook: probeer (zoveel mogelijk) kalm te blijven, de emotie achter de boosheid en agressie te achterhalen en daarop in te spelen.

Die emoties afstraffen geeft kinderen het gevoel dat dat ze geen emoties mogen hebben. Ze begrijpen niet goed dat ze enkel voor één deeltje worden gestraft. Uiteraard moet ook de boodschap overgebracht worden dat slaan, schoppen of bijten niet oké is maar dat kan enkel door het kind te laten kalmeren, zijn emotie te erkennen en daarna de uiting van de emotie af te keuren: "Ik begrijp dat je boos bent, maar slaan kan echt niet, dat doet pijn." 

Voor oudere kinderen gaat het over liegen, iets doen wat niet mag of duidelijk tegen de regels is. Niet dat deze oké zijn, maar hou de context in de gaten: iets 'slecht' voor je kinderen als ze 99 (of 95) procent van de tijd in een positieve, bemoedigende omgeving worden opgevoed kan echt geen kwaad. De bedoeling is dat je ze iets kan leren, niet dat je ze zomaar afstraft voor proberen - wat alleen maar woede en afkeer zal opwekken bij je kind.

7. Geen verantwoordelijkheid vragen

Je kan ze jong vinden, wat zo is. Je kan ook denken dat kinderen toch kind mogen zijn, waar ook al niets mis mee is. Maar het wil niet zeggen dat ze geen verantwoordelijkheid moeten (leren) nemen voor hun beslissingen, woorden of daden. Leg ze op voorhand waar kan zo goed mogelijk uit wat eventuele gevolgen zijn en laat ze iets zelf vragen als ze per se iets willen. Maken ze een fout, dan help je hen de les eruit te trekken.

8. Meer vriend dan ouder zijn

Je kan ook een goede en een vertrouwelijke relatie hebben met je kind zonder de ouderrelatie (en - gezag) uit het oog te verliezen. Dat houdt in dat je geen beslissingen neemt (enkel) op basis van wat je kind wil, denkt dat cool is of wat hip is, maar dat je ook denkt aan langetermijnsgevolgen. Natuurlijk kan je ze eens een Spiderman of Frozen-rugzak geven, maar voor sommige beslissingen hou je beter het hoofd koel, vooral als ze een gezondheidsimpact hebben. Denk aan alcohol en roken: geef je kinderen zoveel mogelijk de handvaten voor verantwoord gebruik

9. Leugentjes voor bestwil

Als ouder zijn we allergisch voor kinderleugens - maar zelf liegen we best wel een pak tegen onze kinderen. Soms om ze te beschermen tegen verdriet ('hondje is naar een boerderij'), wat begrijpelijk is maar het kind eigenlijk niet helpt. Bovendien, wat doe je met opvolgvragen als 'Wanneer gaan we de boerderij bezoeken?', 'Waar is die boerderij?' en 'Gaat hondje ons niet missen'? Leer je kinderen met de waarheid omgaan, al kan je het best volgens de leeftijd verpakken. 'Hondje was ziek en de dokter kon het niet beter maken' is soms alles wat je kind nodig heeft.

Een andere leugen is kinderen 'opleggen' wat ze moeten denken: 'Jawel, school is wel leuk' of 'nee, jij bent niet bang, jij bent al groot'. Dat vertelt je kind twee dingen: dat zijn gevoel niet erkend wordt door de persoon waar hij het meest op steunt en dat die emoties niet oké zijn om te voelen. Terwijl, wij zijn toch ook wel eens bang en vinden ook niet altijd alles leuk. Probeer voor jouw kind te achterhalen wat het daarmee wil zeggen: misschien wil het niet naar school omdat het een drukke periode is geweest en je elkaar niet veel hebt gezien. 

En tot slot: kinderen hebben ons vaker door dan we zelf denken. Als je niet wil dat je kind veel liegt of emoties van anderen negeert, dan komt het erop aan in de eerste plaats zelf het goede voorbeeld te geven en eerlijk te zijn en emoties te erkennen.

10. Gewoontes van andere kinderen 'overzetten'

De neiging is natuurlijk erg groot, maar het is niet altijd mogelijk om zomaar gewoontes en regels die werkten bij je andere kind(eren) over te zetten naar het volgende. Kinderen hebben erg verschillende karakters en vragen dus (soms) een andere aanpak. Niet vasthouden aan wat jij goed vindt of waarvan je vindt dat moet, maar je kind waar mogelijk tegemoet komen, kan veel frustratie besparen. Het is niet altijd gemakkelijk om te doen omdat je je kinderen hetzelfde wil bieden en andere regels 'oneerlijk' kunnen voelen voor hen. 

11. Denken dat je geen of net alle verantwoordelijkheid draagt voor de ontwikkeling van het kind

De invloed van de ouders op het leven van een kind is belangrijk en op bepaalde vlakken zelfs onmeetbaar. Maar tegelijk, zoals we in eerdere artikels ook geargumenteerd hebben, hebben kinderen ook een eigen karakter en temperament en kan je op sommige vlakken niet doen wat de norm is - of dat nu gaat over eten, slapen of op tijd vertrekken.

Sommige kinderen hebben geborgenheid nodig, andere zijn gewoon slakken (oftewel geïnteresseerd in alles wat ze tegenkomen) of ze zijn kieskeurig/weten wat ze willen....

Op sommige zaken heb je als ouder geen grip, hoe graag je het ook had gewild. Wat natuurlijk niet wil zeggen, dat je op andere zaken geen grip hebt... Er zijn veel factoren die de ontwikkeling van een kind beïnvloeden. Je doet wat je kan!

Conclusie

Niet alles is altijd mogelijk. We zijn maar mensen, die soms moe zijn, of ziek, of overwerkt, of geen energie hebben. We kijken graag naar deze regels als streefdoelen en net als  de slechte invloeden die best kunnen in een algemeen positieve omgeving, moeten 'slip ups' ook kunnen voor de ouders. We blijven gaan en we zetten ons in - en dat lukt soms gewoon wat beter dan anders!