De kleine lettertjes van het Grote Ouderschapspact: je zal bij tijd en stond getest worden

Mijn naam? Zombie MacZombie. Beter bekend als mama. Of ‘Maar mamaaaaa’, als ze iets niet mogen… Maar de nadruk ligt toch vooral op het zombiegedeelte, sinds de kinderen heel recent besloten om elk om de beurt hun moeder ’s nachts uit haar bed te halen. Alsof ze eens willen testen of ik het nog zou kunnen :-)

Het circus begint opnieuw

Je zou denken: je kinderen zijn vier en zes jaar, vanaf nu begint het ‘gemakkelijke’ gedeelte. Ergens klopt dat: er zijn geen luiers meer te verversen (op de nachtluier na van de jongste), geen groentepapjes meer te fabriceren, geen huiluurtjes meer te sussen (nu ja, huilbuien en drama genoeg hoor met twee vrouwen). En ik vind dat ik dat ‘gemakkelijke gedeelte’ wel stilaan heb verdiend: ik heb mijn deel luiers, zure boertjes en slapeloze nachten gehad. Het bewijs daarvan? Een soort van permanente kleine wallen rond mijn ogen en een paar grote gaten in mijn geheugen, maar dat eerste krijg ik met wat goede make-up nog net weggemoffeld.

Maar nu ik eindelijk een jaar of zo in dat ‘gemakkelijkere’ tijdperk was aanbeland (let op: ik ben nog steeds chronisch moe, in feite, maar de oudste kan zich toch al zelf aankleden, hoera!), begint het circus opnieuw. Gewoon, omdat ze daar zin in hebben. Tenminste, dat vermoed ik, want het lijkt of de gezusters een deal hebben gemaakt: roep jij ons ma wakker vannacht, dan doe ik het de volgende nacht wel. En weet je wat? We beginnen er in de vakantie aan, net als ons ma denkt dat ze kan ‘uitrusten’. Gniffel gniffel, niets verklappen hé. 

Mama doet een beetje raar

En zo geschiedde het. Ik heb net een weekje vakantie achter de rug. En ben steenkapot. Elke nacht was er wel iets, en het liefst een paar keer per nacht: een kind dat bang was omdat ze de kamer van het vakantiehuis niet kende. Een hoestje. Beesten in de kamer. Een been dat pijn deed. Een kind dat onder de dekens was gekropen en bijgevolg kletsnat van het zweet en volledig gedesoriënteerd wakker werd…

De eerste nachten denk je: ça va nog. Het hoort erbij, ze wennen aan een andere omgeving. Maar op den duur begin je toch een patroon te herkennen. Namelijk dat van het MoederTerreurAlarm. Op dag 1 en 2 had ik nog wat energie. Je weet wel, je moet per slot van rekening niet werken overdag. Je moet niets. Maar nu, op dag 12, begin ik toch wel rare dingen te doen.

Volzinnen uitspreken wordt moeilijk. En toen de jongste vannacht weer voor de zoveelste keer riep op een veel te vroeg uur, mompelde ik blijkbaar slaapdronken tegen haar vader die probeerde op te staan: ‘Laat maar, de oudste zal het wel oplossen.’ Echt, en ik herinner me daar niets meer van.

Status van Zombie = bereikt

Ik nader met andere woorden weer een zekere status van Zombie.

En ineens weet ik het weer: het komt allemaal in fases. Je kunt een periode hebben waarin alles goed loopt en ze heel mooi doorslapen. En dan, net als je denkt: ‘Wow, dit is gemakkelijk zeg! Meer van dat!’ beginnen ze weer aan een minder, euh, gemakkelijke fase. Of worden ze ziek. Het is alsof het een voorwaarde is die ergens in heel kleine lettertjes in het Grote OuderschapsPact wordt vermeld: 'je zult bij tijd en stond getest worden'... 

Nu ja, ik moet het zo zien: vandaag mag ik weer beginnen werken. Haha!

En ook: het komt in fases (of had ik dat al gezegd? #gateninmijnhersenen). Dit zal dus ook wel weer overgaan. Denk ik. :-)