Je kind krijgt de diagnose ADHD of ASS. Hoe groot is de kans dat jij het ook hebt?

ADHD: ongeveer één op de vijf ouders heeft het zelf
Volgens een wetenschappelijk consensusrapport van ADHD-experts uit 18 Europese landen heeft ongeveer 20% van de ouders van kinderen met ADHD zelf ook ADHD.
Andere onderzoeken komen wat hoger of lager uit. In één studie voldeed ongeveer 25% van de moeders en 21% van de vaders van kinderen met ADHD aan de criteria voor waarschijnlijke ADHD als volwassene. Eén op de vijf is dus een goede maatstaf.
Bij autisme is de familiale link minstens zo duidelijk
Een Zweeds bevolkingsonderzoek bij meer dan 567.000 mensen en hun families vond dat kinderen met een ouder met ASS veel vaker zelf ASS hebben. Voor autisme zonder verstandelijke beperking lag die kans ongeveer 16 keer hoger.
Een recentere studie gebruikte de gezondheidsgegevens van 2,5 miljoen kinderen in Zweden en Finland. Van alle psychiatrische diagnoses bij ouders bleek ASS bij mama of papa het sterkst samen te hangen met ASS bij hun kind.
Ook bij ouders zonder ASS-diagnose zien onderzoekers vaker autistische kenmerken. In een studie bij 673 ouders had 21,1% van de ouders van een kind met ASS een duidelijk breder autistisch profiel, tegenover 7,5% van de andere ouders. Let op, zo een 'profiel' is geen diagnose. Het kan bijvoorbeeld gaan om een grotere behoefte aan routine, moeite met verandering of een andere manier van sociaal communiceren.
“Zou ik het zelf ook kunnen hebben?”
Dat die vraag tijdens het onderzoek van je kind door je hoofd gaat, is dus zeker niet vreemd. Jezelf herkennen is uiteraard nog geen diagnose. Maar de diagnose van een kind kan wel voor het eerst een ander licht werpen op dingen die je bij jezelf herkent.

Informatie op maat van twee breinen
Na een diagnose krijgen ouders veel informatie. Over wat ADHD of ASS precies betekent, wat hun kind nodig heeft, hoe het op school kan lopen en hoe je er thuis mee omgaat. Vaak komt die informatie in behoorlijk veel tekst. Terwijl een ouder van een kind met ADHD net een veel grotere kans heeft om zelf ADHD te hebben. Ook bij ASS weten we dat de familiale link sterk is.
Een lijvig handboek is dan niet voor elk gezin de handigste eerste stap.
Wat als je de uitleg niet eerst als ouder moet verwerken om ze daarna in kindertaal door te geven? Wat als je ze samen kunt ontdekken?
Dat is het uitgangspunt van de nieuwe boeken Wat je ziet is maar een stukje van … ADHD en Wat je ziet is maar een stukje van … ASS van Steven Gielis en illustrator Louise Marie Leuwers.
De boeken zijn gemaakt om samen te lezen. Met korte stukken tekst, veel illustraties en concrete situaties die uitnodigen om te praten over wat herkenbaar is. Voor je kind, maar misschien ook voor jezelf.
Informatie over het brein van je kind, op maat van het brein van je kind. En misschien ook een beetje van dat van jou.
Heel goed nieuws: vanaf 1 januari 2026 voorziet CM Gezondheidsfonds ook een terugbetaling voor psychodiagnostische onderzoeken naar AD(H)D en ASS bij kinderen en jongeren tot 18 jaar. Gezinnen kunnen daarbij tot 35% van de kostprijs terugbetaald krijgen, met een maximum van 350 euro per jaar. Voor leden met verhoogde tegemoetkoming loopt dat zelfs op tot 50% en maximaal 500 euro per jaar.
Dat is voor veel gezinnen een belangrijke stap vooruit. Want ouders geven vaak aan dat niet alleen de wachtlijsten zwaar wegen, maar ook de financiële kost van een diagnostisch traject. Meer info over de voorwaarden en terugbetaling vind je op de website van CM Gezondheidsfonds.
