Het is paasvakantie. En ik heb twee weken verlof. Vroeger zou ik al een paar weken hebben afgeteld en wellicht een lijstje hebben gemaakt van alle dingen die ik zou doen. Uitslapen, de boeken lezen die al maanden ongelezen op mijn nachtkastje lagen, een terrasje meepikken, … Maar dat was vroeger. Toen had ik nog geen kinderen die met al mijn energie en aandacht gingen lopen.
We hebben hier thuis een slopende periode achter de rug, met weken aan een stuk nachten die geen nachten waren. Met een baby van 8 maanden en een peuter van 3, hoef ik je waarschijnlijk niet te vertellen hoe dat gaat: een baby die plots tandjes krijgt en ontroostbaar is, een griepje hier en een oorontsteking daar, een nachtmerrie tussendoor … En alsof dat niet genoeg is, was het ook nog eens hels druk op het werk. Als een zombie moest ik deadlines zien te halen en blijven functioneren – en tussen de soep en de patatten een gigantisch project tot een goed einde zien te brengen.
En nu zit ik op mijn tandvlees. Echt – doodop ben ik.
Die vakantie is op zich dus zeer welgekomen. Nodig zelfs. Even op adem komen, even niks moeten, even de batterijtjes aanvullen. Maar ik voel alleen maar een knoop in mijn maag als ik denk aan de dagen die voor me liggen. Mijn man moet werken. En dus sta ik er twee weken lang alleen voor. Met een baby en een peuter. En die peuter heeft energie voor tien.
Twee weken waarin ik de entertainer van dienst ben, maar ook de kok, de poetshulp, de trooster, de scheidsrechter, de logistiek manager en weet-ik-veel-wat-nog-allemaal. Alles tegelijk. Ik weet oprecht niet waar ik de energie vandaan moet halen, ik word al moe als ik eraan denk.
Ontiegelijk vroeg opstaan. De kinderen entertainen, in bad stoppen, aankleden, eten geven, spelletjes spelen, boekjes voorlezen, iedereen tevreden houden. Proberen het huis een béétje opgeruimd en proper te houden. Wat een illusie – met speelgoed dat overal verspreid ligt, kruimels op de grond en stapels was.
Ik vind het vreselijk om toe te geven. Ik klink als Kabouter Lui, en dat is wel het laatste wat ik wil. Want ik zie mijn kinderen graag. Natuurlijk zie ik ze graag, doodgraag zelfs. Maar dat neemt niet weg dat een vakantie als deze gewoon geen ponykamp is. Het is gewoon lastig. Vermoeiend. En de energie ontbreekt me soms om vol enthousiasme aan de dag te beginnen.
Ik hoop dat dat van mij geen slechte mama maakt. Alleen maar een vermoeide en eerlijke mama …