“Ouders zijn te weinig bezig met hun kinderen?” Onderzoek toont net het omgekeerde

Een paar dagen geleden nog opperde Minister Zuhal Demir dat ouders “te weinig bezig zijn met hun kinderen”. Dat zei ze tijdens De Afspraak, waar ze was uitgenodigd om te praten over de bedroevende resultaten van Vlaanderen in een internationale onderwijsstudie bij vijfjarigen. Lees: de overheid en leerkrachten doen hun best, maar ouders moeten zélf ook hun verantwoordelijkheid nemen.
Ik viel bijna uit mijn stoel bij het horen van deze achteloos geuite aantijgingen, om eerlijk te zijn. En ik vroeg me meteen af: klopt dat wel? Zijn we effectief minder bezig met onze kinderen dan vroeger?
Het zal mevrouw Demir misschien verbazen, maar onderzoek toont een totaal andere waarheid. Want wat blijkt? Mama’s spenderen vandaag dubbel zoveel tijd met hun kinderen in vergelijking met de jaren ’60 van vorige eeuw. En bij papa’s gaat het zelfs bijna om vier keer zoveel.
Als we de evoluties in het ouderschap nog wat verder onder de loep nemen, dan kunnen we alleen tot een bedroevende conclusie komen: ouders investeerden nog nooit zoveel tijd in hun kinderen als nu, maar werden tegelijk nog nooit zo weinig ondersteund en bijgestaan. Geen wonder dat steeds meer ouders spreken over uitputting, mentale overbelasting en parentale burn-out.
Torenhoge verwachtingen
De verwachtingen die ouders vandaag op hun rug torsen, zijn niet min – en vooral: niet te vergelijken met vroeger.
Ouders moeten niet gewoon zorgen voor hun kinderen. Ze moeten ook emotioneel aanwezig zijn, financieel stabiel zijn, geduldig zijn, geïnformeerd zijn, altijd beschikbaar zijn, educatieve spelletjes spelen, helpen met schoolwerk, bewuste quality time inplannen, noem maar op. En dat allemaal tegelijk. Waar kinderen vroeger vaker simpelweg buiten speelden “tot het donker werd”, voelen veel ouders vandaag de druk om voortdurend betrokken en beschikbaar te zijn.
Bovendien werken ouders veelal met twee, en worden deze verwachtingen daar gewoon bovenop gedropt. Om nog te zwijgen van de andere verantwoordelijkheden: kinderen hebben meerdere hobby’s of moeten naar de bijles, psycholoog of logopedist.
En dan is er nog de moderne technologie. Het voordeel is weliswaar dat er veel informatie beschikbaar is, maar die komt met het (hoge) prijskaartje dat ouders voortdurend worden blootgesteld aan adviezen, vergelijkingen, meningen, kritiek en de illusie van “het perfecte plaatje”.
De mentale belasting is dan ook hoog. Ouders moeten aan zoveel dingen tegelijk denken, van doktersafspraken over schoolcommunicatie tot het boodschappenlijstje. En dan hebben we het nog niet gehad over het feit dat er bewuste keuzes verwacht worden over zowat elk onderwerp:
• Voeding
• Slaapmethodes
• Hechting
• Schermtijd
• Emotieregulatie
• Voldoende prikkels
• Niet te veel prikkels
• …
Waar is de village?
Vroeger groeiden veel kinderen op met grootouders dichtbij, buren die mee een oogje in het zeil hielden, neven en nichten die voortdurend over de vloer kwamen, en een gemeenschap die mee hielp dragen. Vandaag blijft er van die village helaas bitter weinig over.
Historisch gezien was het ouderschap nooit bedoeld als een individuele taak voor twee (of één!) uitgeputte ouder(s) die alles zelf moeten oplossen, tussen de werkmails en de overvolle agenda door. Maar dat is vandaag wel de realiteit voor veel ouders. Logisch dat ze maar al te vaak het gevoel hebben dat ze permanent “aan” moeten staan.
Ook maatschappelijk gezien is er minder ondersteuning. Kijk maar naar de overvolle klassen. Peutertjes die op de leeftijd van 2,5 jaar instappen in een klasje met 26 andere peuters zijn geen uitzondering. Hoewel peuter- en kleuterjuffen fantastisch werk leveren, kunnen zij ook niet toveren. Zou het niet kunnen dat dáár een groot deel van het probleem ligt? Het is maar een suggestie ...
Financiële druk
Om het plaatje compleet te maken, komt daar nog een economische realiteit bovenop. Wonen is wel heel duur geworden. Kinderopvang kost veel geld. Veel gezinnen hebben twee inkomens nodig om rond te komen. Dus hoewel ouders meer investeren in hun kinderen, voelen velen zich financieel minder gedragen dan vorige generaties. Een ook deze financiële druk zorgt voor heel wat stress.
Stop met ouders het gevoel te geven dat ze falen
We trappen een open deur in als we zeggen dat jonge ouders veel stress ervaren. Net omdat ze proberen aan zoveel mogelijk verwachtingen te voldoen. net omdat ze het gevoel krijgen dat het nooit goed genoeg is.
Het laatste waar ze op zitten te wachten, is om (nog maar eens) te horen krijgen “dat ze meer bezig moeten zijn met hun kinderen”. Om nog maar eens het gevoel te krijgen dat ze (alweer) falen. Dat ze alweer een onhaalbare verwachting niet kunnen inlossen.
Want de ouders van vandaag falen niet; ze leven alleen in een systeem dat steeds meer vraagt en steeds minder teruggeeft. En dáár zit het probleem.
