‘Trending’ op sociale media: de FAFO-opvoeding. Fuck around and find out. Say what?
6/02/2026
Door Mamabaas
Er is een punt in het ouderschap waarop je beseft dat je niet meer opvoedt, maar aan projectmanagement doet. Met deliverables. En stakeholder management. En een dagelijkse stand-up over sokken, schoenen en de existentiële vraag: waarom moet ik eigenlijk tanden poetsen als ik toch ooit doodga? En in dat collectieve ouderlijke zuchten is er een stoer label komen aanwaaien: fuck around and find out-opvoeding.
Het concept is simpel: minder redden, minder praten, meer “kies maar — en leef met de gevolgen”. Geen jas aan? Dan voel je de kou. Niet eten? Dan is de keuken dicht. Huiswerk vergeten? Dan is dat morgen jouw probleem, niet dat van mama’s mentale agenda.
Dat het aanslaat, zie je vooral online
Dit is geen opvoedstijl die uit een pedagogisch handboek is gekropen, maar eentje die uit sociale media is gerold. Britse en Amerikaanse media beschrijven het als een backlash tegen “gentle parenting”, dat soms (onterecht) wordt herleid tot eindeloos valideren en nooit consequent zijn.
En ja: de voorbeelden die viraal gaan, zijn zelden de subtiele variant: “ik neem die jas wel mee in mijn tas”. Het internet wil spektakel. Zoals die (veelbesproken) video waarin een moeder de iPad van haar kind uit het raam gooit: volgens Het Nieuwsblad goed voor 12 miljoen kijkers. Dat soort content is catnip voor ouders die al drie weken onderhandelen met een kleuter die “geen broek” een persoonlijke identiteit vindt.
We zijn moe
Maar laat ons eerlijk zijn: het succes van FAFO gaat volgens mij niet over “plots willen ouders weer harder zijn”. Het gaat over iets veel minder ideologisch en veel meer menselijks: we zijn moe.
Moe van de opvoeddruk dat je bij elke driftbui rustig moet blijven, gevoelens moet benoemen, grenzen moet uitleggen, alternatieven moet aanbieden — en liefst ook nog een verbindende metafoor moet bedenken (“je boosheid is een golf!”) terwijl die golf net je living onder water zet.
En moe van het idee dat goeie ouders elk ongemak moeten voorkomen. Dat kinderen nooit nat mogen worden, nooit teleurgesteld, nooit gefrustreerd — want dan heb jij gefaald. Terwijl frustratie nu net… het oefenterrein is. Als wij altijd het stootkussen zijn, leren ze nooit botsen. En als je nooit botsen leert, voelt één tik van het echte leven later als een vrachtwagen.
FAFO verkoopt ademruimte. Het is een ouder die denkt: “Ik kan niet nog eens 20 minuten onderhandelen over een jas. Hier. Ga. Ontdek.”
Alleen: daar zit de valkuil. Natuurlijke gevolgen zijn één ding. Triomfantelijk “zie je wel” roepen is iets anders. In stukken over de trend waarschuwen experts dat de extreme varianten kunnen doorslaan naar iets dat meer op beschaming of wraak lijkt dan op opvoeding.
Van controle naar vertrouwen
Misschien is dat de echte slinger: niet van zacht naar hard, maar van controle naar vertrouwen. Minder micromanagen, meer laten oefenen. Niet omdat je onverschillig bent, maar omdat je kind ook een mens in wording is — en jij geen 24/7 dempingsmateriaal.
En soms is de meest liefdevolle opvoedzin gewoon: “Oké. Probeer maar.”