Het verschil tussen het menselijk brein en het zoogdierenbrein is dat het eerste echt gemaakt is om de emoties van anderen te kunnen aflezen en te voelen. Dat vergroot namelijk onze overlevingskans. In onze hersenen zitten zogenaamde spiegelneuronen die de emoties matchen met die van de ander, waardoor je beter kunt samenwerken.
Als ouder kan deze kennis helpen. Je ziet bijvoorbeeld dat je kind een bepaalde emotie vertoont en benoemt dat. ‘Ik zie dat je boos bent…’ Vervolgens vraag je: ‘Wat kan ik doen om je te helpen?’ Zo stimuleer je empathie en compassie bij je kind: je benoemt een emotie en geeft aan dat je er dan iets mee kunt doen. Je kunt zelf ook het goede voorbeeld geven aan je kind door goed voor jezelf te zorgen, dan trigger je de spiegelneuronen van je kind.
Jaak Panksepp, een van de meest gerenommeerde neurowetenschappers, onderzocht hoe en waar emoties in ons brein worden aangestuurd. Aan de hand van baanbrekend hersenonderzoek onderscheidde hij zeven oeremoties, ook wel emotiesystemen genoemd: zoek, spel, lust, zorg, paniek/verdriet, angst en woede. Deze emotiesystemen bevinden zich in de diepere lagen van ons brein, in het reptielenbrein.
Volgens Panksepp, die veel hersenonderzoek bij dieren deed, hebben de mens en de zoogdieren deze oeremoties gemeen. Zo deed hij onderzoek bij tamme ratten en stelde hij een hoog geluid vast bij de dieren toen hij ze kietelde, wat hij als gelach identificeerde. Emoties zijn de drijvende krachten in mens en dier die we nodig hebben om te kunnen overleven en ons goed te voelen. De emotiesystemen zijn bij iedereen anders afgesteld. Aanleg (nature) en de omgeving (nurture) bepalen mede hoe die systemen in de loop van ons leven worden afgesteld. Bij een peuter is dat dus nog heel primair.
Hoe sneller je emoties kunt aflezen, hoe sneller je kunt gaan coreguleren, waardoor een emotie bij de ander weer sneller in evenwicht komt. Verbinding geeft namelijk troost. Heeft iemand het moeilijk en krijgt hij affectie, dan wordt hij weer rustig. Panksepp toonde in zijn onderzoek bijvoorbeeld aan hoe een kuikentje volledig in paniek is. Toen hij het zacht in zijn hand nam, werd het weer rustig en viel het zelfs in slaap. Dit rustgevende effect is zelfs chemisch in de hersenen te verklaren, want bij troost en affectie scheiden de hersenen opioïden uit.
Is je kind boos, verdrietig of bang, toon dan compassie. En heb ook compassie voor jezelf. Probeer contact te maken, al is het jouw hand die je in de zijne legt. Je hoeft het niet op te lossen, maar zeg gewoon: ‘Het is moeilijk, hè?’ Druk even de pauzeknop in en laat alle andere dingen die moeten even vallen, dat helpt om meer aanwezig te kunnen zijn.
Meer lezen: Mijn Peuter

Stap binnen in de fascinerende wereld van je peuter. Mijn Peuter neemt je mee op een boeiende reis door het ouderschap en biedt, samen met het boek Mijn Baby, een diepgaand begrip van de eerste duizend dagen van je kind. Ontdek de wetenschap achter de ontwikkeling van het peuterbrein en krijg waardevolle inzichten in denkvermogen, tijdsbeleving, temperament en emotionele groei.
Mijn Peuter behandelt essentiële onderwerpen zoals slaap, voeding, groei en belangrijke mijlpalen. Van de komst van een broertje of zusje tot de overgang naar school en het omgaan met andere veranderingen, dit boek voorziet je van de kennis en handvatten om de terrible two-fase met glans te doorstaan.
Met talloze inzichten helpt Mijn Peuter je om je kind beter te begrijpen en zelfverzekerder te worden in je rol als ouder. Een onmisbaar boek voor iedere ouder die de unieke reis van het ouderschap ten volle wil beleven!

