tieners op stap

Klinisch psycholoog Nele van Driessche: “Voor veel jongeren zijn niet de lessen, maar de pauzes het moeilijkst”

10/03/2026
Mamabaas
Door Mamabaas

Wanneer een tiener niet meer naar school wil, denken veel ouders dat het probleem in de lessen zit. Te veel druk, te moeilijke leerstof of een gebrek aan motivatie. Maar volgens klinisch psycholoog Nele van Driessche ligt het soms ergens anders. Niet in de klas, maar op de speelplaats. “Wij denken als volwassenen vaak dat pauzes het leukste moment van de dag zijn. Maar voor veel jongeren met schoolweigering zijn dat net de moeilijkste momenten.” 

Een schooldag vraagt veel meer dan we denken 

Voor jongeren begint een schooldag vaak al de avond voordien met studeren, taken maken en de boekentas klaarleggen. Daarna volgen het opstaan, het traject naar school, door de schoolpoort gaan en een speelplaats vol andere jongeren.

Tijdens de lessen is er meestal duidelijkheid: leerlingen zitten in de klas, luisteren naar de leerkracht en weten wat er van hen verwacht wordt. Maar zodra de bel gaat voor de pauze verandert dat.

Op de speelplaats is er minder houvast 

In een klas is de structuur duidelijk. Op de speelplaats is dat anders. Daar zijn veel prikkels, veel jongeren en minder voorspelbaarheid. Voor sommige jongeren kan dat erg spannend zijn.
Van Driessche merkt dat dit voor jongeren met schoolweigering vaak een moeilijke situatie is.

“In een klas weet je wat je moet doen: je zit, je volgt les en je noteert. Maar op een speelplaats met al die prikkels kan het veel moeilijker worden.” 

Voor sommige jongeren wordt net dat moment overweldigend.

Daarom is schoolweigering zo complex 

Schoolweigering is volgens Van Driessche zelden te herleiden tot één oorzaak. Het gaat vaak om een combinatie van verschillende factoren: eigenschappen van de jongere zelf, maar ook factoren in de schoolomgeving of het gezin.

Daarom is het volgens haar belangrijk om samen te bekijken welke momenten op een schooldag moeilijk zijn. Soms kan het helpen om net daar aanpassingen te zoeken. Dat kan bijvoorbeeld betekenen dat bepaalde momenten anders ingevuld worden of dat er extra ondersteuning voorzien wordt op school.

Samen zoeken naar wat wel lukt 

Een belangrijke boodschap van Van Driessche is dat schoolweigering niet betekent dat jongeren niet willen gaan.

“Het gaat niet om niet willen, maar om niet meer kunnen.” 

Daarom is het belangrijk dat ouders, school en hulpverlening samen zoeken naar wat wel haalbaar is voor de jongere. Want hoewel het traject vaak moeilijk is, bestaan er volgens haar wel degelijk oplossingen op maat.