vrouw denkt over geld

“Zal mijn tiener ooit een huis kunnen kopen?” 5 mama’s over financiële opvoeding, sparen en geldzorgen

13/02/2026

Het leven wordt steeds duurder. Van boodschappen met een stevig prijskaartje tot woningprijzen om steil van achterover te vallen: het stemt ons niet meteen vrolijk. En als mama of papa van tieners denk je dan al snel: hoe moet mijn tiener dat later in godsnaam allemaal kunnen bekostigen?! We vroegen aan vijf mama’s of zij zich zorgen maken over de financiële toekomst van hun tieners, en op welke manier ze daar dan concreet mee bezig zijn. 

‘Vandaag al bewust bezig met hun toekomst’ 

Sara: ‘Als mama van twee zonen (10 en 12) betrap ik mezelf er steeds vaker op dat ik me afvraag hoe hun financiële toekomst eruit zal zien. Zullen zij later nog een eigen plek kunnen kopen, in een wereld waarin alles zo snel duurder en duurder wordt? Het is een bezorgdheid die ik deel met veel andere ouders in mijn omgeving, en waar ik — binnen mijn mogelijkheden — vandaag al bewust mee bezig ben.

Voor elk van mijn zonen heb ik een belegging lopen bij de bank, als een manier om op lange termijn iets voor hen op te bouwen. Daarnaast hebben ze allebei een gewone spaarrekening, waarop geld van verjaardagen, nieuwjaar of familie terechtkomt.

Ook het dagelijkse omgaan met geld vind ik belangrijk. Ze kunnen af en toe extra klusjes doen om een klein zakcentje bij te verdienen, en vanaf 12 jaar krijgen ze maandelijks wat geld om zelf eens een broodje of drankje te kopen. Zo leren ze stap voor stap wat keuzes maken met geld betekent.

Zodra het kan, mogen ze van mij een weekendjob of vakantiejob doen, zodat ze ook leren wat de waarde van geld is en hoeveel tijd en inzet nodig zijn om een bepaald bedrag te verdienen.’ 

‘Inzetten op financieel inzicht’ 

Annelies: ‘Eigenlijk zijn er drie belangrijke dingen waar wij bewust op inzetten: bewustwording, sparen als ouder en sparen door het kind zelf. We vinden het belangrijk dat onze kinderen niet alleen leren wat geld is, maar dat ze ook begrijpen welke waarde het heeft en welke keuzes ermee gepaard gaan. Dat is natuurlijk ook vanuit een bezorgdheid als ouder. Zullen ze later financieel rondkomen in een wereld waar alles duurder wordt? Zeker als ze later de stap willen zetten naar het huren of kopen van een woonst. 

Bewustwording begint bij kleine, dagelijkse momenten. Wanneer het op het nieuws bijvoorbeeld gaat over het gemiddelde maandloon, nemen we dat als een kans om samen even te rekenen. We bekijken wat zo’n inkomen concreet betekent en welke vaste kosten daar tegenover staan. Zo laten we hen zelf ontdekken hoeveel van dat bedrag naar huur of de afbetaling van een huis gaat. Op die manier merken ze al snel dat wonen een grote hap uit het budget neemt en dat er dus goed moet worden nagedacht over andere uitgaven naast het huis of appartement. Door hen actief te betrekken bij zulke berekeningen, groeit hun financieel inzicht.

Daarnaast sparen wij als ouders al sinds hun geboorte elke maand een vast bedrag. Op momenten dat wij een eindejaarspremie of vakantiegeld ontvangen, leggen we nog iets extra bovenop het maandelijkse vast bedrag. Die spaarrekening staat wel op hun naam, maar komt niet automatisch vrij wanneer ze achttien worden. Wij bepalen als ouders wanneer het juiste moment is om dat bedrag over te dragen. Zo willen we ervoor zorgen dat het geld gebruikt wordt op een moment dat het echt een verschil kan maken, bijvoorbeeld voor extra studies, een eerste woning of een andere belangrijke stap in hun leven. Ze weten ook niet hoeveel er precies op die rekening staat, zodat de focus blijft liggen op verantwoordelijkheid en niet op het bedrag. Daarnaast proberen we zelf ook maandelijks te sparen en te investeren zodat we ze op het moment dat ze een huis willen kopen, een extra duwtje in de rug kunnen geven. 

En uiteraard moedigen we hen aan om zelf te sparen. Ze krijgen wekelijks zakgeld en ontvangen geld bij feestmomenten zoals hun verjaardag. Of ze doen een vakantiejob. Dat geld mogen ze zelfstandig beheren en gebruiken zoals zij willen. Zo leren ze omgaan met keuzes: geef ik het meteen uit of spaar ik voor iets groters? Ze hebben dus ook een eigen spaarrekening naast hun zichtrekening. Als ouder zien we deze rekening via onze eigen bankapp. Mijn dochter is van het type dat als er geld op de rekening staat, dat dat ook moet worden uitgegeven. Het is dan goed om het wat te kunnen volgen en daarover in gesprek te gaan en dus niet bij elke telefoon of berichtje waar ze geld ‘nodig’ heeft, toe te geven.’

‘We worden zelf al geconfronteerd met woningprijzen die echt de pan uit swingen’ 

Veerle: ‘De financiële toekomst van mijn kinderen is zeker iets waar ik weleens wakker van lig. Wij zijn net zelf op zoek naar een nieuwe woning, en de prijzen van vandaag zijn echt te gek voor woorden. Als ik zie dat het voor ons al niet gemakkelijk is, dan kan ik me alleen maar de vraag stellen hoe zwaar onze kinderen het later wel niet zullen hebben …

Vanaf de geboorte van de oudste zetten we maandelijks een bedragje in een junior spaarfonds. Na verloop van tijd merkten we echter dat de opbrengst daarvan maar magertjes was, en daarom hebben we besloten om dat geld in de plaats daarvan zelf te beleggen. De periode waarin we voor hun toekomst sparen is lang genoeg om de ups en downs van de markt op te vangen. Om eerlijk te zijn is het mijn man die zich bezighoudt met het uitzoeken van de meest interessante fondsen om in te beleggen ;-). Maar het loont wel: de opbrengsten daarvan liggen een pak hoger dan dat spaarfonds. De oudste heeft nu ook economie op school en is daar erg in geïnteresseerd. Zijn papa betrekt hem dan ook bij die beleggingen – zo blijft het niet alleen bij de theorie op school. 

Daarnaast hebben we een spaarrekening voor hen. Die staat op onze naam, omdat we willen vermijden dat het geld daarop op een bepaalde leeftijd automatisch van hen is. Wij willen toch een beetje de controle behouden en zeker zijn dat het geld voor het juiste wordt gebruikt. Daar werd bijvoorbeeld het geld van de pamperrekening op gezet en daar komt geregeld iets bij. 

En dan hebben ze, vanaf hun 12 jaar, een eigen rekening waar we maandelijks hun zakgeld op storten. De oudste, die nu bijna 14 is, heeft een tijdje geleden zelf gevraagd om ook een spaarrekening te openen en het zakgeld deels daarop te storten. Zo kan hij gemakkelijker sparen voor iets groters en heeft hij een duidelijk zicht op hoeveel hij nog effectief kan uitgeven per maand. 

Hij verdient als vrijwilliger in de sportclub soms een extraatje, en dat wordt dan ook op die rekening gestort. We zullen hen ook aanmoedigen om een weekend- en vakantiejob te doen. En daarbij zullen we ook afspraken maken dat (een deel van) het geld gespaard moet worden. Zo kunnen ze ook zélf helpen bouwen aan een financiële buffer tegen dat ze op hun eigen benen staan. En dan kunnen we alleen maar hopen dat die voldoende groot zal blijken te zijn …’ 

‘Eerst de studies betalen, daarna zien we wel’ 

Eline: ‘Behalve een maandelijkse storting op een aparte spaarrekening, zijn we nog niet echt bezig met de financiële toekomst van de kinderen. Vóór we hen iets kunnen meegeven wanneer ze op eigen benen gaan staan, moeten we eerst een andere grote hindernis overwinnen: hun studies. De kosten die daarmee gepaard gaan, zijn tegenwoordig ook niet min. Daar liggen we wel soms wakker van. 

Stel dat de jongens een periode met drie tegelijk op kot zouden gaan, dan zal dat kostenplaatje snel oplopen. Binnenkort is onze woonlening gelukkig afbetaald, en zullen we het bedrag dat we maandelijks moesten afbetalen aan de kant zetten om alvast een spaarpotje aan te leggen voor die studies. Als dat na afloop nog niet helemaal opgesoupeerd is, kunnen we de overschot samen met het spaargeld meegeven om een extra duwtje in de rug te geven. 

Daarnaast hebben we een werkruimte in onze tuin recent omgebouwd tot een tiny house, waar de kinderen (weliswaar niet tegelijk) een tijdje kunnen wonen als ze op eigen benen willen staan. Zo kunnen ze genieten van de vrijheid van een eigen leven, maar blijft er toch wat meer ruimte om te sparen. Enorme bedragen zullen we ze niet kunnen meegeven, maar alle beetjes helpen, toch?’

‘Ik wil dat ze verstandig investeren’ 

Eva: ‘Ik vraag me vaak af: “Gaan mijn kinderen later nog een huis kunnen kopen?” Ik heb zelf van mijn ouders wel een mooie som gekregen om te investeren in een eerste huis. Maar ik heb momenteel zelf niet de ruimte om grote bedragen opzij te zetten. Ik ben gescheiden en moet met 1 loon een huishouden runnen, inclusief een stevige lening. En, eerlijk is eerlijk, ik ben geen held in sparen. Ik steun met plezier de plaatselijke economie, kuch.

Ik probeer desondanks wel voor elk kind elke maand een beetje te sparen. €50 elk, om concreet te zijn. Ik investeer dit in een klassiek beleggingsfonds (low risk). Hopelijk is dat genoeg voor een eerste duwtje in de rug. En ik wil dat pas rond hun 21ste geven, niet op hun 18de — omdat ik mijn kinderen graag zie, maar ik ook realistisch ben: op je 18de is “verstandig investeren” soms nog gewoon “een nieuwe iPhone want de oude heeft een klein krasje”. De bedoeling is dat ze het later kunnen gebruiken voor iets dat écht helpt: een voorschot voor een eerste appartement, of om die eerste meubels te kopen. En als ik later wat meer ademruimte krijg, spaar ik graag nog wat verder voor die volgende grote mijlpalen.’