“Iedereen kan borstvoeding geven!” Maar wat als het toch niet lukt?

  • door Gastmama

Toen jij in mijn buik groeide voelde ik me fantastisch. Eindelijk wist ik het… Hiervoor was ik zelf geboren! Jouw mama worden was mijn lotsbestemming. Ik voelde me goed en jij deed het fantastisch. Een zwangerschap ‘uit de boekskes’. Zwevend op mijn roze wolk was ik totaal niet voorbereid op wat zou komen. Blakend van zelfvertrouwen zou ik kunnen omgaan met de angsten en onzekerheden die het moederschap ongetwijfeld met zich mee zouden brengen. Sterker nog: ik zou ze met open armen ontvangen en koesteren als een onderdeel van deze nieuwe, wonderlijke fase.

Hoe naïef, achteraf bekeken. Ik zou niet van mezelf verwachten dat ik alles moest weten, dat ik me direct mama zou voelen. Ik zou mezelf tijd geven om te groeien, tijd en geduld om jou te leren kennen en mezelf als mama. Ik zou borstvoeding geven, maar niet kost wat het kost. Niet ten koste van jou of van mezelf. Ik had al van dichtbij gezien hoe dat iemand kon slopen, de band te hard onder druk kon zetten. Ik zou dat kunnen loslaten. Ik wel...

Niet dus.

De eerste dagen liep alles goed

Jij liet even op je wachten maar dat was oké. Je kwam als sterrenkijkertje ter wereld. Pijnlijk, maar ook dat was oké. (Trouwens, nu nog houd je je blik steeds hoog op al het mooie en wonderlijke gericht!)

De eerste dagen ging alles goed. De borstvoeding was pijnlijk, maar ook dat was oké. Je kwam zelfs al bij voor we terug huiswaarts keerden na het verblijf in het ziekenhuis! De borstvoeding liep, de kloven werden erger en jij onrustiger. Advies alom. De vroedvrouw kwam elke dag. Allerlei tips en tricks passeerde de revue.

Het moest en het zou lukken

Na enkele slapeloze nachten waarbij jij ontroostbaar was en ik jou voedde met een handdoek tussen mijn tanden geklemd omdat ik het anders zou uitschreeuwen van de pijn en we samen huilden elke voeding, bleek dat je te weinig eten kreeg. Je viel af. Je had geen krampen, je had gewoon honger. Je kreeg een flesje bij en ik ging kolven om de kloven te laten genezen. De eerste keren kleurde de afgekolfde melk roze door het bloed. Het deed veel pijn maar ik zou borstvoeding geven. Zelfs meerdere borstontstekingen zouden me niet tegenhouden.

Na enige tijd heelden de kloven, maar ik bleef te weinig melk produceren. Elke voeding eerst borstvoeding, dan een fles en daarna kolven. Twee uur deed ik over elke voeding. Ik voelde me een wrak, maar het moest en het zou lukken. Het lukte niet.

Een moeilijke beslissing

Na vier maanden stopte ik met het nakolven en kreeg je na elke borstvoeding een flesje bij. Ik had nog niet echt van jou en het moederschap kunnen genieten en besloot dat dat nu prioriteit was. Het was een moeilijke beslissing maar ik was ergens opgelucht toen ik de knoop eindelijk doorhakte.

Ik kreeg veel steun van de mensen rondom mij. Van jouw papa en jouw oma, mijn mama. Steun die ik niet altijd evenveel waardeerde of niet altijd beschouwde als steun. Jouw papa bleef vertellen dat flesvoeding even goed was als borstvoeding en dat me dat geen minder goede moeder zou maken. Ik kon enkel horen dat ik een lastige vrouw was omdat ik perse borstvoeding wilde geven, hoewel dat blijkbaar niet belangrijk was. En ik voelde me vooral niet gehoord en niet begrepen.

Als ik er nu op terug kijk, begrijp ik pas hoe hulpeloos jouw papa zich moet gevoeld hebben in mijn strijd. En hoe het ook zijn tijd in de eerste stappen van het ouderschap beïnvloedde. Als ik er nu op terugkijk weet ik nog steeds niet of ik het anders had moeten, kunnen of willen doen. Ik geraak er niet uit en ik weet niet of ik daar ooit uit zal geraken en of dat überhaupt wel belangrijk is. Het is zoals het is.

Ik voelde me zo alleen

Ik weet van die periode enkel dat ik me zo alleen voelde, ondanks alle hulp en steun. Alleen in mijn strijd en alleen in mijn falen. Want iedereen kan borstvoeding geven, zeggen ze, het is enkel een kwestie van de juiste begeleiding zodat je het goed doet.

Het goed doen...

Ik heb zoveel begeleiding gehad, zo ontzettend hard mijn best gedaan, en toch lukte het me niet om het ‘goed te doen’. In mijn ogen was ik de enige moeder die niet in staat was om haar kind te voeden. De moeder die een beetje stuk was en eigenlijk geen recht had om moeder te zijn. In mijn diepste twijfels werd het iets existentieels. In de natuur zouden mijn kinderen sterven als ik geen eten kon geven, dus had ik eigenlijk geen recht op kinderen. Mijn hele moederschap leek te staan of vallen met het slagen van de borstvoeding. Alle andere vrouwen uit mijn omgeving waren betere moeders. Allemaal geslaagd voor het moederschap.

Het vertrouwen, dat ontstaan was in mijn zwangerschap, leek een verre droom. Een vage herinnering. Nu nog zoveel jaar later, twee kinderen en twee wederom mislukte pogingen tot borstvoeding later, zijn de twijfels er nog steeds. Minder frequent weliswaar, maar niet minder intens.

Het voelt nog steeds als falen

Elk topic rond borstvoeding snijdt nog diep en dat doet pijn. En elke keer als mijn derde kindje krampen heeft, denk ik dat dat niet het geval zou zijn als ik hem zelf zou kunnen voeden. Het voelt alsof mijn falen verantwoordelijk is voor hun ongemakken.

Want ik heb nog twee kindjes gekregen na jou, je broer en je zus. En ik heb het nog twee keer geprobeerd (niet meer tot bloedens toe). En twee keer is het weer niet gelukt. En het voelt nog steeds als falen, maar soms denk ik wel dat ik een goede moeder ben ondanks mijn kapotte borsten. En soms kan ik dat gevoel best een tijd vasthouden. Maar soms glipt het weg en neemt de twijfel en het gevoel van falen weer over.

Mijn zegeningen tellen

En meestal probeer ik het te relativeren, want dit alles is peanuts tegenover wat zoveel andere mensen meemaken. Luxeprobleem van een luxemoeder in een luxeleven die vooral al haar zegeningen moet tellen. Want dat zijn er heel veel! En de grootste dat zijn jullie!

Maar toch hoop ik, mijn lieve dochter, dat jij gespaard blijft van dit luxeprobleem. En zo niet ben ik er, altijd. En als dezelfde twijfel jou probeert te overvallen, dan sla ik hem de kop in met mijn leeuwinnenpoten.