12 interessante bevindingen uit bevraging over kinderopvang

  • door Mamabaas

Wat vinden Vlaamse ouders van de kinderopvang? Vinden ze een plaats, en is die goed bereikbaar? Zijn ze tevreden over de prijs en de zorg die hun kindje krijgt? De Vrouwenraad vroeg het zich ook af en organiseerde eind 2015 een onderzoek. Bijna duizend ouders gaven antwoord. 

In het toegevoegde document onderaan kan je de volledige studie inkijken. Ze is ook te vinden op de site van de Vrouwenraad

We stellen enkele bevindingen voor uit het onderzoek:

  1. De kans dat je geen opvang vindt, is klein: 7 procent. Bij alleenstaande moeders is dit wel een groot probleem: 17,5 procent vindt geen opvang.  Als de cijfers worden meegeteld dat maar voor een deel van de kinderen opvang werd gevonden, dus niet voor allemaal stijgt dat tot respectievelijk 10 en 20 procent.

 

  1. Zes op tien ouders begint 9 maanden voor de opvang start te zoeken. Bij alleenstaande moeders is dat veel later: een derde zoekt minder dan zes maanden op voorhand.  Tien procent heeft pas na de geboorte een plaats gevonden.
     
  2. Een op drie heeft vijf of meer opvangplaatsen gecontacteerd. De helft kon terecht bij de eerste keuze, en nog eens twintig procent bij de tweede keuze.
     
  3. Voorrangsbeleid werkt wel voor de meest kwetsbare groep (alleenstaande moeders zonder werk en met een laag scholingsniveau) maar toch kan vier op tien alleenstaande moeders er geen gebruik van maken. Bij de tweeverdieners heerst vooral onbegrip over de maatregel: “Wie met twee gaat werken heeft het het meest nodig!” Maar zonder opvang is het moeilijker om werk te zoeken en ook voor de kinderen is het sociale contact beter.
     
  4. Desondanks zijn tweeverdieners nog altijd de grootste groep die gebruik maken van de kinderopvang, kwetsbare groepen vinden moeilijker de weg.
     
  5. De grootste ontevredenheid is niet de kostprijs, maar wel de openingsuren en de bereikbaarheid. Niet iedereen vindt namelijk een crèche dicht bij de deur, of toch niet een met bepaalde openingsuren. De meeste ouders vragen een langere opening, een oplossing voor wie weekends werkt en een aanpassing van ‘bestellen is betalen’ (of toch tenminste van het aantal respijtdagen, dat is het aantal dagen dat je je kind niet stuurt naar de crèche en je ook niet moet betalen).
     
  6. Bijna de helft van de gezinnen betaalt 20 euro of meer per dag, 4 op tien betaalt 10 à 20 euro en de rest betaalt minder dan tien euro. Alleenstaande moeders betalen over het algemeen minder.
     
  7. De helft van de mensen vindt de kinderopvang te duur. Ook de mensen die de helft minder betalen dan anderen zijn ontevreden. Wellicht zit hier een relatie met het inkomen, maar daar is geen uitspraak over gedaan in de studie.  Bij de alleenstaande moeders was de groep die het minst betaalde het meest ontevreden over de prijs.
     
  8. Het meest belangrijk aan kinderopvang is de zorg die de kinderen krijgen. Bij alleenstaande moeders staan openingsuren en bereikbaarheid voor de zorg, wellicht voornamelijk uit praktische overwegingen.
     
  9. Waar zijn we wel tevreden over? De vriendelijkheid van de crèches en onthaalouders en de mate waarin vragen worden beantwoord.
     
  10. Er is een algemene vraag naar een overkoepelend, gemakkelijk te gebruiken en up-to-date online platform waar iedereen opzoekingen kan doen, informatie kan opvragen en zich kan aanmelden. Wat niet mag betekenen dat je een plaats toegewezen krijgt: ouders vinden het belangrijk te kunnen kiezen voor een pedagogisch project dat bij hen past.
     
  11. Aandachtspuntje voor de crèches en onthaalouders: er wordt aandacht voor gezonde voeding gevraagd en ook aanvaarding van ‘wasbare luiers’ wordt meer en meer gevraagd.
Enquête kinderopvang in vlaanderen 2015