Aan alle mama's met extra zorgen: we bestaan. We peddelen. We geven niet op.

  • door Gastmama

Er zijn veel moeders in dezelfde positie. Ik schrik er zelf van. Door in ziekenhuizen en instellingen te vertoeven, zie ik al die mama's met hun zorgen plus plus. Vaak vallen ze niet op in de menigte. Ze blijven bewust klein. Omdat ze zich schamen. Omdat het te veel van hen vraagt.

Mama van vier prentkaartkinderen

Of ik mezelf even kort wou voorstellen, was de vraag. In enkele zinnen. Wie ik ben, waarom ik schrijf, waar ik voor sta. Ik ben echter niet de vrouw van de snelle ontmoetingen. Dus bij deze.

Ik ben ik. Karolien genaamd, eenendertig lentes jong, juffrouw van opleiding. En mama. Mama van vier prachtige prentkaartkinderen. Vier kinderen op vier jaar tijd. De oudste zeven en half, de jongste drie en half. En nee, er is geen tweeling bij. Het gaat van: jongen, meisje, jongen, meisje, in een reeks waar menig wiskundige jaloers op is.

Vier op vier jaar tijd: snel erdoor en hup

Ik wou er altijd al vier. Ik ben nogal volhardend van aard, dus niemand uit mijn omgeving vindt het vreemd dat ik ook uitvoerde wat ik al van kleuter af zo luid verkondig. Mijn man wou ze vooral kort op elkaar. Snel erdoor en hup.

We kregen allebei gelijk, dat voelde best juist. Dat het zwaar zou zijn, dat wist ik. Zeker die eerste jaren, waarin ik tegelijk een baby, een peuter en twee kleuters in huis zou hebben, had ik nogal uitputtend ingeschat. De gewone zorgen die elke moeder heeft zouden me sowieso nachten slaap kosten. Eten ze gezond? Maken ze niet te veel ruzie? Lukt de borstvoeding wel? Moet ik met die griep naar een dokter? Ik was compleet voorbereid op de wallen en wanhoop en er helemaal klaar voor om die vier vanzelfsprekend grote schatten vooral met liefde te overstelpen.

Plots werd ons eerste een zorgenkind

Al snel bleek onze oudste niet volgens de boekjes te ontwikkelen. Leren stappen, starten met brokjes eten, het continue huilen, de woede-uitbarstingen. Er was iets met onze held. In de tweede kleuterklas, na een jarenlange zoektocht, kreeg dat iets een naam: autisme. Plots hadden we een kind met een ontwikkelingsstoornis en kwamen er heel wat zorgen bij. We maakten kennis met de wereld van kinderpsychiatrie, therapeuten, thuisbegeleiding, GON, buitengewoon onderwijs, internaten. Hier was ik niet op voorbereid. In geen enkele dagdroom kwam dit scenario voor.

Er was meer. Naast autisme kreeg onze eerstgeborene ook medische problemen. Een falende dikke darm en hij die door zijn autisme stoelgang bleef ophouden, gooiden nog wat stof tot nadenken bij op onze grote hoop. Tientallen dokters, een vijftiental operaties, drie ziekenhuizen met evenveel meningen, in totaal maandenlange opnames... Een chronisch ziek kind, volgens de officiële instanties. Ik werd een krak in afstandsmoederen, waarbij ik de gewone dagelijkse zorgen rond de andere kinderen vanuit het ziekenhuiskamertje van de oudste aanpak, terwijl ik ook probeer te vatten en te regelen, wat er met de zieke in kwestie gebeurt.

En ook andere zoon en dochter

Ondertussen bleek de jongste zoon een volgend kind met een handleiding te zijn, met een prikkelverwerkingsstoornis en een vermoeden van autisme.

De oudste dochter begon ook te wankelen en deed ons opnieuw naar een kinderpsychiater stappen. Zie je de hoop groeien? Zorgen plus plus, noem ik het wel eens. Want de eerste, oorspronkelijke moederzorgen, die elke mama heeft, zijn er nog gewoon. Het is niet alsof de 'speciale' problemen die zorgen vervangen. Ze komen er gewoon bij. Tot de stapel belachelijk groot en onoverzichtelijk wordt.

Veel moeders in dezelfde positie

Er zijn veel moeders in dezelfde positie. Ik schrik er zelf van. Door in ziekenhuizen en instellingen te vertoeven, zie ik al die mama's met hun zorgen plus plus.

Vaak vallen ze niet op in de menigte. Ze blijven bewust klein. Omdat ze zich schamen. Omdat het te veel van hen vraagt. Omdat ze vinden dat ze het alleen moeten dragen. Of omdat onze op perfectie gebaseerde maatschappij, hen en hun kinderen, soms niet wil zien.

Net daarom lijken ze voor zovelen onbestaand of extreem zeldzaam. Misschien is dat waarom ik schrijf en deel. We zijn er. We bestaan. We peddelen. We geven niet op. Hoe groot de stapel ook wordt. Hoeveel plusjes er ook achter die zorgen verschijnen.

Meer lezen van Karolien kun je op haar blog, karolienschrijft.wordpress.com.