Corona en vaccinatie: wat bij zwangerschap / borstvoeding?

COVID-19, een infectieziekte veroorzaakt door een coronavirus (een virus is een ziekteverwekker die nog 100 keer kleiner is dan een bacterie, onzichtbaar is voor een gewone microscoop, een stukje genetisch materiaal, DNA of RNA, omgeven door een omslag, die de machinerie van levende cellen nodig heeft om zich te vermenigvuldigen) houdt nu al een jaar heel de wereld in zijn ban.

Het is lang geleden dat een gebeurtenis letterlijk bij iedereen het leven zo dooreen gegooid heeft, dat we tot vervelens toe anders zijn moeten gaan leven, in bubbels afgeschermd. Dit als wezens die fundamenteel relationeel zijn, die niet zonder de anderen en hun nabijheid kunnen. Nederig hebben we moeten toegeven dat we nog niet zoveel kunnen en weten; nooit was het “voortschrijdend inzicht” zo belangrijk. Een infectie die aanvankelijk ons leven ”enkele weken” zou bepalen, zal uiteindelijk tot een zeer wendbare nieuwe levensstijl moeten leiden voor het postcorona tijdperk.

De gevolgen van al bijna een jaar coronamaatregelen op ons welzijn ondervinden we aan den lijve. We vinden ze niet plezant, het duurt lang en de toekomst blijft onzeker, de vaccins zijn geen heiland, er is meer stress, veel jongeren voelen zich slecht in hun vel, maken zich zorgen over hun toekomst; relaties zijn onmogelijk of springen af, het aantal echtscheidingen neemt toe, de geboortecijfers dalen (niet alleen door de negatieve effecten van een corona-infectie op de spermakwaliteit).

Toch zijn er (gelukkig) nog zwangerschappen, zwangerschappen met veel nieuwe vragen die ook nog maar met de huidige beperkte maar groeiende kennis te beantwoorden zijn. Ook hier zullen we open moeten blijven staan voor voortgaande kennis.

Preventieve maatregelen

In het algemeen gelden preventief ook voor zwangere vrouwen de universele maatregelen van afstand houden (wat gemakkelijker trouwens met een dikke buik), van zorgvuldige handhygiëne, van een zo beperkt mogelijke aantal contacten, van een luchtige omgeving en efficiënte mondmaskers. Zorginstellingen hebben geleerd dit maximaal te realiseren, en zelf je nagaan welke raadplegingen en activiteiten al dan niet op afstand, bijvoorbeeld via een teleconsult, kunnen plaatsvinden. Bezoek wordt meestal tot een minimum beperkt en ook van de partner worden extra beschermende maatregelen gevraagd. Belangrijk hierbij is regels van de verzorgingsinstelling te volgen; een risicocontact of een positieve test jonger dan 14 dagen zal je meestal uitsluiten …

Vaccinatie?

Zwangere vrouwen en moeders die borstvoeding geven werden uitgesloten uit de klinische studies, maar na bespreking van de voor- en nadelen bestaat er consensus dat er geen redenen zijn om hen mRNA-vaccins (die geen virus bevatten) te onthouden. Best wordt daarbij minstens 14 dagen interval gerespecteerd met een andere routinevaccinatie (griep, tetanos, difterie..). Vaccinatie beïnvloedt de vruchtbaarheid niet en na vaccinatie dient de kinderwens ook niet te worden uitgesteld.

Gevoeliger?

In grote lijnen zijn 80 % van de COVID-19-ziekten mild tot asymptomatisch, 15 % ernstig en 5 % kritisch, dit wil zeggen dat ze nood hebben aan een mechanische beademing. (Met nieuwe virusvarianten kunnen deze cijfers veranderen). Bij alle zwangere vrouwen dient men, zeker als ze risicocontacten hebben, zorgvuldig oog te hebben voor het ontwikkelen van symptomen en tekens van COVID-19. Net zoals bij niet zwangere patiënten zijn dit koorts, hoesten, moeilijke ademhaling en vermindering van sommige witte bloedcellen. Schrijf deze klachten niet te vlug toe aan de zwangerschap zonder verder onderzoek.

De rol van eigen kinderen als asymptomatische overdragers is praktisch moeilijk te controleren, al blijft een redelijke voorzichtigheid aan te raden. Vooral het beperken van contacten van eigen kinderen met buitenbubbelse speelgenootjes is niet eenvoudig, (maar nuttig).

Het risico om bij besmetting een ernstige vorm van COVID-19 te ontwikkelen lijkt niet hoger door de zwangerschap, ook al evolueert deze dan minder goed in vergelijking met niet-zwangere vrouwen van dezelfde leeftijd. Toch herstelt meer dan 90% zonder te moeten bevallen. De behandeling van zwangere vrouwen met gelukkig een relatief weinig voorkomende ernstige infectie die een intubatie vergt, valt buiten het bestek van deze bijdrage en dient veelal geïndividualiseerd te worden.

Effecten op de zwangerschap?

Ook hier moeten we nog veel leren, zeker over de mogelijke effecten van een besmetting in het begin van de zwangerschap. Uit de huidige gegevens blijkt niet meteen een hoger risico op aangeboren afwijkingen. Bij longaantasting van de moeder door COVID-19 is het risico op vroeggeboorte en op een keizersnede wel verhoogd.

Bij asymptomatische patiënten is er geen reden om de inleidingspolitiek (op 39 weken?) of de algemene redenen voor een keizersnede te veranderen.

Overdracht van het COVID-virus van moeder naar foetus/ nieuwgeborene?

Ook al bevestigen uitzonderingen de regel, door de band gaat dit virus moeizaam doorheen de placenta en is een intra-uteriene besmetting van de foetus eerder uitzonderlijk. Ook al is door druppelinfectie een transmissie tijdens het geboorteproces van moeder op kind mogelijk, dit is geen reden tot het uitvoeren van een keizersnede.

Na de geboorte?

De baby van een positieve moeder wordt als verdacht beschouwd en behandeld, en geïsoleerd van andere baby’s. Isolatie van de moeder wordt meestal niet aangeraden en beïnvloedt het infectierisico amper, maar bij verzorging draagt zij best een mondmasker en heeft ze extra aandacht voor handhygiëne. In de mate van het mogelijk is afstand houden wenselijk, maar niet altijd doenbaar en naar de ontwikkeling van moeder-kindhechting toe ongunstig.

Het is nog niet helemaal duidelijk hoe vaak het coronavirus door de moedermelk wordt doorgegeven - meestal niet - en borstvoeding wordt momenteel ook niet afgeraden. Belangrijk hierbij is wel zoals hoger aangehaald: het dragen van een mondmasker en een rigoureuze handhygiëne.

Voor het behandelen van de courante pijnen in het postpartum (knip, naweeën, borstspanning…) kunnen paracetamol en niet-steroïdale anti-inflammatoire geneesmiddelen worden gebruikt.