De strijd tussen te voorzichtig en avontuurlijk ouderschap: hoe ik mijn kinderen niet bang wil opvoeden

  • door Gastmama

Een ladder die achteloos tegen een boom in de tuin is blijven staan, zoiets doen we niet meer.  De oudste, koter 1, had het op nog geen tweejarige leeftijd leuk gevonden om daar eens op te klimmen. No big deal toch, mams & paps? De jongste, koter 2, vond het dan weer een keertje tof om in zijn eentje met zijn roodgeelblauw plastic fietsje alvast een stukje te gaan peddelen langs onze – thank god – eerder rustige straat. YOLO, nietwaar, mams & paps?

Koters van het avontuurlijke soort

Moet het nog gezegd dat onze koters van het avontuurlijke soort zijn? Ok, de leeftijd had er ook wat mee te maken, wisten we na het ladderexperiment van koter 1. De ondernemende inborst toch ook, wisten we na het fietsexperiment van koter 2.

De strijd tussen zin voor avontuur stimuleren en ‘correct’ ouderschap was er dus al voor die bewuste zondag. Zeker voor koter 2, merkten we met de tijd. Want uitpluizen, grenzen aftasten en weinig tot geen gevaar kennen? Aanwezig! Ook wel enigszins een mooie eigenschap vonden we, zo onbevangen in het leven staan. Ja, onbevangen en guitig, zo kennen we koter 2 wel. Evenals een knuffelbeertje, maar dit terzijde.

Onder de hoede van mama of papa

Wat dat ‘correct’ ouderschap dan wel moge zijn? Voor iedereen anders, uiteraard. Voor ons was dat de koter de trap op en af leren lopen i.p.v. hem er van weg te blijven houden eens hij wat ouder was, of al heel vroeg samen leren fietsen in onze eerder rustige straat i.p.v. in de tuin of op de oprit, op ontdekkingstocht mogen gaan en vuil mogen worden (wel met laarsjes aan!), … En dit onder behoorlijk grote, maar niet steeds continue hoede van mama of papa.

Tot die bewuste en eerlijk gezegd licht traumatische zondag dus. De ondertussen driejarige jongste kwam zwaar ten val, met een wonderwel bescheiden en bijna genezen letsel als enig gevolg.

Het was in een wip gebeurd ...

Ik hou het kort. Niet om het voorval te minimaliseren (not!), wel omdat het voorval in een wip gebeurd was.  Koter 1 & 2 waren boven aan het spelen terwijl koterouder 1 daar de lakens aan het verversen was. Tot ze beneden haar gsm hoorde rinkelen, even snel gaan opnemen maar.  Het moet ruwweg 10 minuten geweest zijn, dat telefoongesprekje met koterouder 2 die op dat moment aan het werk was. Waarna koterouder 1 zich weer naar boven richting verse lakens begaf. Nog iemand die de geur van verse lakens zo heerlijk vindt trouwens?

Daar riep koter 1 dat koter 2 uit het raam was gevallen (“Mamaaaa!!”). Koter 2 had het in tussentijd namelijk interessant gevonden om op zijn vensterbank te kruipen (hoe?!), het raam volledig te openen (hoe?!?), het vliegenraam eruit te duwen … en jawel een viertal meter naar beneden te duikelen in wat een plantvak moet worden.

Wat een schok!

Blijkbaar was de koter in kwestie zo geïntrigeerd geraakt door het zien van zijn allereerste sneeuw dat hij dat ook van dichtbij wou bekijken… De aanblik naar beneden was op het eerste gezicht en gezien het vreselijk voorval een meevaller te noemen. Koter 2 zat op zijn achterste, weende hard en bewoog. Maar toch… wat een schok.

Wat volgde, gebeurde op automatische piloot. De beknopte versie: meteen richting spoed, foto’s van kop tot teen, er wonderwel van af gekomen met enkel linkerscheenbeen in het gips voor een oppervlakkige scheur (zelfs geen breuk)... and that's it (gelukkig, maar hoe?!?)... Nog 24 uur in observatie om eventuele bloedingen uit te sluiten en 10 dagen later loopt koter 2 al vrolijk rond met een loopgips die binnenkort alweer weg mag. Je zou voor minder van een puike bewaarengel gaan spreken.

Nog altijd weinig angst

Terug bij de les. Je zou bijna vergeten dat dit de directe aanleiding was voor een stukje over de strijd tussen zin voor avontuur stimuleren en ‘correct’ ouderschap. Die is er dus – ahum – niet minder op geworden. Heb ik al gezegd dat de val weinig merkbare vrees heeft teweeggebracht bij koter 2?

Ingrepen zoals een slot op een kamerraam blijken adequaat voor het voorkomen van meer dergelijke ‘toeren’… en voor mijn eigen gemoedsrust. Toch blijf ik me ervan bewust dat er nog een hoop andere ‘toeren’ zijn die kunnen gebeuren en waar je totaal niet op voorbereid kan zijn.

Laten we de onbevangenheid koesteren

Dus ietsje vaker ogen op mijn rug: ja. Dus een tikje meer wijzen op gevaar: ja. Dus ietwat meer nabijheid: ja. Maar dit ten koste van het – mogelijk onbewust – overbrengen van angst: nee. Laten we die onbevangenheid (uiteraard binnen de perken) nog zo lang mogelijk koesteren. Dus nog veel knuffels en zottigheden: ja ja ja. Voor koter 2 én 1. En ah ja, voor koterouder 2 natuurlijk.