Hoe weet je dat je klaar bent voor nog een kind?

  • door Mamabaas

‘Wanneer ben je klaar voor een tweede kind?’ Het is een vraag die veel moeders bezighoudt, zo blijkt uit mijn omgeving. In de tijd van vandaag doe je niet meer wat je wilt, zoveel is duidelijk. Kies je voor een kind, dan moet je al bijna van tevoren een topouder zijn, want je wéét waaraan je begint. Of tenminste, dat wordt toch verondersteld. 

Een eerste kind

Maar dat weet je helemaal niet. In de jaren vijftig wisten ze dat niet en dat is vandaag niet echt anders. Je werd er toen als moeder evenveel ‘in gegooid’ als vandaag, vind ik, alleen staan we nu bij zoveel meer dingen stil. Ergens is dat heel terecht, want een kind, dat is zeker niet zomaar iets. Maar denken dat je je er voor honderd procent op kunt voorbereiden, dat is een beetje… niet juist… Het is één van de grootste clichés, maar je weet maar wat het is, ouder zijn, op het moment dat je er eentje wordt.

En als je er al eentje hebt, dan weet je dus hoe de vork aan de steel zit. Je weet dat elke dag iets nieuws brengt (juij, maar ook soms help!), en dat je jezelf voor een stuk moet wegcijferen, willens nillens. Meestal is dat niet eens zo heel moeilijk om te doen, wel integendeel; het kan enorm opluchten om niet altijd in de eerste plaats aan jezelf te moeten denken. Een kind stuwt je voort, bepaalt vaak de richting, zorgt voor een focus. Dat ondervond ik ook bij mijn eerste. Hoe moeilijk die eerste maanden soms ook waren, hoe heerlijk vond ik het om soms niet zo veel te moeten nadenken. Dat zij het goed stelde, dat was het allerbelangrijkste. 

Mama needs another baby

Maar wanneer ben je klaar voor nog een kind? Bestaat er zoiets als een magische formule die zegt dat je nu, op dit moment, klaar bent voor nog een kindje? Ik denk het niet. Het enige wat ik kan zeggen, was dat mijn verhaal nog niet af was. En dat de voordelen (nog zo’n eigen creatie/klein prutske/vriendje voor zus) in mijn hoofd zwaarder doorwogen dan de nochtans indrukwekkende lijst van nadelen (minder tijd voor relatie, ander kind, mezelf, werk/praktische organisatie/slapeloze nachten). Ik zeg wel: in míjn hoofd. Want voor iedereen is dit eigenlijk anders.

Het eerste jaar na mijn eerste was die tweede baby het laatste waar ik aan dacht. Nu al? Seriously? (opnieuw, dit is voor iedereen weer anders). Maar net voor de tweede verjaardag van mijn eerste werd ik overvallen door een heel sterk gevoel vanbinnen. Mama moederkloek was weer wakker en ineens wou ik dat tweede kipje. Was ik er klaar voor? I don’t know. Maar ik wou heel graag nog een kind.

Heel even schoot het me te binnen. ‘Oei, hoe moet ik dat nu in hemelsnaam doen, twee kinderen graag zien?’ Ik las ook af en toe een boekje voor mijn oudste voor over broertjes en zusjes, toonde regelmatig de alsmaar dikker wordende buik. Maar een kind van net twee jaar heeft nog geen besef van wat er haar te wachten staat. En, heel eerlijk? Ik ook niet echt, zo bleek.

1 plus 1 is gelijk aan 3

Want zeggen dat 1 plus 1 gelijk is aan 3 is wel degelijk een waarheid als een koe. Het wordt een pak drukker. Het wordt moeilijker om je te organiseren. Het grote voordeel, zo ontdekte ik dan weer, was dat je het hoofdstuk ‘baby’ al eens hebt kunnen oefenen met je eerste. Wat maakt dat je iets sneller kunt loslaten. Leert relativeren. Nu ja, met vallen en opstaan, maar het praktische van die baby, dat gaat meestal wel veel vlotter dan bij je eerste.

De liefde voor dat tweede kind, die was er ook meteen. Ik zag haar en ik werd verliefd. Halsoverkop. Heel vreemd. Je hart moet zich niet in tweeën splitsen, zoals je soms denkt van tevoren. Het wordt gewoon dubbel zo groot. Ik sloot haar vanaf die eerste seconde in mijn armen en in mijn hart. Voor altijd. Net als haar zus.

Maar het was, zowel praktisch als emotioneel, toch weer een hele aanpassing. Ik weet nog heel goed hoe emo ik was na de bevalling, omdat ik in de kraamkliniek mijn oudste miste. Niet zomaar een beetje, gewoon onverdraaglijk hard. Het was alsof ik een beetje ‘verraad’ pleegde door niet thuis te zijn bij haar. Pas toen we weer allemaal thuis waren, voelde mijn hart weer heel. 

Bestaat dat ideale moment wel?

En toen begon het nog maar. De aandacht moest verdeeld worden en dat gebeurde niet zonder de nodige fouten te maken ten opzichte van mijn puberende peuter, dat geef ik eerlijk toe. Die eerste babymaanden gingen voorbij in een waas. En het duurde toch een tijdje vooraleer we allemaal weer een evenwicht vonden. Maar het ging, al ging het de ene dag al beter dan de andere dag.

Er zit tweeëneenhalf jaar verschil tussen mijn kinderen en volgens veel mensen is dat ‘ideaal’, maar ik heb dat nooit zo gepland. Meer zelfs, ik heb eerst nog een miskraam gehad voor ik zwanger werd van mijn tweede dochter. Het was dus eigenlijk, zo zeiden ze me zelfs nog in de bevallingskamer, mijn derde zwangerschap. 

Is mijn tweede kind op het 'ideale' moment gekomen? Ik geloof niet dat dat er eigenlijk ooit was. Er waren redenen genoeg om nog wat te wachten, zoals die puberende peuter, een verhuis, het werk... Maar dat moment moest er eigenlijk ook niet zijn. Ze was heel gewenst en welkom, en dat is, denk ik, het belangrijkste. Al de rest - het praktische, de aandacht verdelen, het slaaptekort - daar leer je uiteindelijk ook weer mee omgaan, met het nodige gevloek en gesakker af en toe. :-)