Ik wil geen tweede kind. Denk ik

  • door Mama

Wij wisten niet eens zeker of we wel kinderen wilden toen we per ongeluk zwanger geraakten. Een abortus voelde fout, dus we zijn ervoor gegaan. Altijd hebben we gezegd ‘als we ervoor gaan, is het in theorie wel de bedoeling om er twee te nemen’. Maar toen konden we niet voorzien hoe sterk onze gevoelens nu zouden zijn: een tweede ...

Wij wisten niet eens zeker of we wel kinderen wilden toen we per ongeluk zwanger geraakten. Een abortus voelde fout, dus we zijn ervoor gegaan. Altijd hebben we gezegd ‘als we ervoor gaan, is het in theorie wel de bedoeling om er twee te nemen’. Maar toen konden we niet voorzien hoe sterk onze gevoelens nu zouden zijn: een tweede kind, dat zien wij echt niet zitten.

Alleen… waarom kan ik dan de beslissing niet nemen, de knoop doorhakken, het naar iedereen communiceren en de kinderkleren en het babyspeelgoed verkopen of weggeven?

 

Waarom wel?

Omdat ik een twijfelaar ben, en onzeker? Yep, dat zit er zeker in. Het helpt niet dat ‘het nog niet te laat is’ om je te bedenken, dat het biologisch nog kan (maar wel nog maar een paar jaar).

De belangrijkste reden om de optie open te houden, is voor ons kind. In theorie is het beter voor hem: hij heeft (na een aantal jaren) een speel- (en ruzie-)kameraadje, heeft later iemand om op terug te vallen of tegen te praten, hoeft de zorg en beslissingen over ons niet alleen te nemen (in de mate dat we ze niet zelf nemen/voorzien), de aandacht is niet meer alleen op hem gefocust als enige (in België wonende) (achter)kleinkind. Bon, de gekende sociale argumenten.

 

En als het een meisje is...

En er is altijd dat stemmetje dat zegt ‘maar wat als het volgende een meisje is?’ Sinds ik een jongensmama ben, ben ik de jongens meer gaan waarderen (echt, er zijn voordelen aan verbonden!), maar een klein meisje stoer, sterk en slim te maken en te wapenen tegen de nog steeds masculiene wereld: dat is een uitdaging die de feminist in mezelf moeilijk kan weerstaan.

 

Onder invloed van hormonen

Als je het mij had gevraagd toen ik nog borstvoeding gaf, dan had ik onder invloed van hormonen zeker geantwoord ‘dat dat nog binnen het jaar moest gebeuren’. Kasper zou dan net naar de kleuterschool gaan, je bent uit de pampers en in theorie ook uit de gebroken nachten - dus je kan er weer aan beginnen. En zeggen psychologen niet dat 2,5 jaar ‘spacing’ ideaal is?

 

Theorie vs realiteit

Maar in theorie is het altijd gemakkelijk gezegd. Want de nachten zijn wel nog vaak genoeg gebroken, en dat heeft een zware impact. Ik rouw nog altijd over mijn oude leven, mijn oude energieniveau, de afwezigheid van pilates en lopen in mijn leven. “Gewoon plannen”, “laat een babysit komen”, ... Natuurlijk. Dat klopt. Tot je kind, een notoire tegen-de-slaap-vechter en creatieve ‘gaan-slapen-uitsteller’, nog lastiger en creatiever wordt als hij minder nachten met jou in de kamer gaat slapen.

Dan denk je twee keer na over die babysit (want eerlijk: wie wil ik dat aandoen en waarom zou ik het mezelf nog moeilijk maken?). Tegen dat hij slaapt, is manlief vaak nog niet thuis en is het energieniveau te laag om me alsnog naar een fitness te slepen. Het ligt deels aan mijn keuzes, maar dat maakt het gemis niet minder groot. En met twéé kinderen, wordt dat nog wat langer uitgesteld, wordt de babysit nog onnwaarschijnlijker.

 

Regelmatig ontregeld

We hebben allebei ook onregelmatige jobs, met avond- en weekendwerk en mijn man gaat ook nog regelmatig naar het buitenland. Kasper heeft hierdoor al vaak bij zijn grootouders overnacht, hij slaapt gemiddeld een keer per week niet in zijn eigen bed. Voor één kind is dat nog te doen, twéé kleine kinderen bij een grootouder steken, is al wat lastiger en ze bij twee verschillende grootouders steken, is logistiek niet haalbaar. En dan mogen we natuurlijk als onze pollekes kussen dat de grootouders zo dichtbij wonen en nog fit en energiek genoeg zijn om die zorg erbij te nemen. 

En we reizen graag, en meer nog: op reis wandelen we ook graag. Met een klein kind (of toch met ons klein kind) is dat niet te doen: die wilde niet in de buggy of de draagzak blijven zitten terwijl zijn wandeltempo lager lag dan dat van de gemiddelde slak. We maken nu af en toe een korte reis zonder hem (wat ik deels aankan en deels niet ;-)), maar met een tweede kind zou het nog langer duren tegen dat we naar echt avontuurlijke bestemmingen met wandeluitdagingen kunnen gaan.

Ook niet onbelangrijk: kind 1 legde ook al een last op onze relatie - en wij zijn het soort koppel dat elkaar even belangrijk vindt als het kind. Ik weet niet of we een tweede kind zouden overleven - massa’s koppels doen het, en tegelijk gaan massa’s koppels ten onder, niet zelden na een tweede kind. Ik waardeer ons hoog genoeg om een tweede kind uit te sluiten als ik daarmee onze relatie red. Natuurlijk weet je het niet op voorhand, maar het risico om ten onder te gaan is het me niet waard.

 

Onoverwinnelijke hindernis

Maar het belangrijkste argument dat ik echt als onoverwinnelijk zie: ik wil voor het tweede kind graag hetzelfde kunnen doen als voor het eerste: even fit zijn (yeah right ;-)), naar zwangerschapsyoga gaan en gaan zwemmen (terwijl ik de zetel niet uitraak!), minstens even lang borstvoeding (10 maanden), evenveel toewijding bij het lezen van de eerste boekjes, het zetten van de eerste stapjes aan de hand tot die zonder hand, bij het spelen van spelletjes. Ik heb niet alleen schrik dat dat niet gaat gaan, ik wéét dat dat niet gaat gaan. Wat ik niet weet, is of ik daar mee ga kunnen leven - en mezelf zo een pak ongelukkiger ga maken.

 

Eerst dacht ik: ‘Misschien als Kasper zelfstandiger is, ik wil zeker geen twee kleine baby’s” (massa’s respect voor wie dat wel doet, ik weet echt niet hoé!), maar hoe ouder hij wordt, hoe moeilijker het op een bepaalde manier ook wordt: de afstand naar wéér pampers, wéér tuutjes, wéér middagdutjes, wéér vastgekluisterd zitten aan vaste eet- en slaaptijden, wéér Bumba en TikTak, wordt groter en de weerstand (opgeklopt door mijn eigen geest no doubt) groeit mee.

All in all: we hebben de energie, de fut, de kracht niet om ervoor te gaan. En als je zo negatief klinkt, dan moet je er niet aan beginnen toch?

Maar bij de eerste ging het toch ook beter dan verwacht dus… kan ik nog altijd de babykleren en het speelgoed niet weggooien of de beslissing finaal maken.

Want je weet nooit … en in de rest van de familie worden ooit ook nog wel baby’s geboren zeker?!