Moederdag: de vrouw die uit de boot valt

Het is Moederdag. Rondom mij zie ik allerlei wonderbaarlijke verhalen.

Zo is er de standvastige mama van vier wiens man opnieuw is gaan studeren.

De heerlijk vrijgevochten mama van één.

De moedige mama wiens sterrenkindje ondertussen een opgeschoten sterrenpuber is.

De strijdvaardige mama van drie die zich omschoolt.

De bewust alleenstaande mama die supportert voor haar voetbaljongens.

De fiere mama van één waar ze zeven jaar op heeft gewacht.

De dankbare mama van twee die het gehaald hebben.

De onbewust alleenstaande mama die één week op twee helemaal opklaart.

De levenslustige mama die geknokt heeft om er vandaag te zijn.

De minzame mama van vijf die de liefde terugvond.

Eén mama valt uit de boot

Maar in al die verscheidenheid wordt één mama vergeten. In alle groeiende media-aandacht voor mama’s bij wie het niet zo gemakkelijk gaat, valt nog één mama uit de boot. Misschien omdat ze geen mama is in de biologische zin van het woord? Omdat ze geen bom of bam wil zijn, of geen jaren op een wachtlijst wil staan?

Toch verlangt ook zij naar groeiend leven, naar het gekrijs waar wij over klagen, naar eerste stapjes, tanden die uitvallen en feesten die moeten worden georganiseerd. Maar ze wil geen kind om haar eenzaamheid op te vullen. Vrienden heeft ze genoeg. Alles wat ze wil is met twee zijn.

Iemands hand vasthouden om samen in het diepe te springen.

Een papa om Moederdag mee te delen.