Voor je aan kindjes begint: 7 dingen die je niet meer kan doen met kleine kindjes in huis

Kindjes hebben, dat is zalig, laat ons daarmee beginnen. Maar we moeten ook eerlijk zijn: ze brengen een aantal kleine veranderingen mee in je leven. Dit zijn een aantal van de dingetjes die je niet meer zult kunnen doen zodra er (mobiele) kindjes in huis zijn.

Het zijn er niet veel, het zijn er slechts een 20- tot 50-tal als we de grote veranderingen niet meetellen, dus eigenlijk valt het al bij al nog mee. We willen eventuele toekomstige mama’s en papa’s ook zeker niet ontmoedigen of angst aanjagen, wel integendeel: vanaf de eerste dag krijgen die kleine lieve grapjassen een plek in je hart. Wat zeggen we? Ze maken van elke dag een feest!

Oké, een feest waar wel wat opruimwerk, time-outs en ander geroep en getier aan te pas komt (om van dat urenlang zagen en huilen nog te zwijgen), maar één ding is zeker: je bent ALTIJD uitgenodigd op dat feest.

Een kort overzichtje van dingen die je niet meer kan doen met kleine kindjes in huis

  1. Rustig naar het toilet gaan.

Je sluitspier zal op korte tijd getraind worden om in een recordtempo de boodschap af te leveren. Maar maak je geen illusie: zelfs in die korte tijdspanne zal het kleine rondlopende wild erin slagen je minstens vijf keer te komen verstoren. Gewoon, omdat ze dat kunnen. En willen.

‘Mama, waarom hebben krokodillen zo veel tanden?’

‘Zou Janneke Maan ook naar het toilet moeten mama?’

‘Mamaaaa, ik moet ook naar het toilet. Ik moet kaka doen’…

  1. Rustig je eten opeten.

Je maag en slokdarm zullen zodanig getraind worden dat jij en je partner eerder klaar zijn dan de kinderen zelf. Om kwart voor twaalf ’s middags. Dat is op zich ook weer niet nodig, want het staren naar hun volle bordjes doet je soms wel afvragen waarmee je in hemelsnaam bezig bent. Maar soit, die tijd vul je dan wel weer met het oprapen van eten dat ze op de grond laten vallen.

  1. Cola drinken waar ‘ze’ (aka: de kinderen) je zien.

En in het verlengde daarvan: eten in de zetel. En in het verlengde daarvan: snoepen in hun bijzijn, toch zeker vóór het middageten. Want het is, naar het schijnt, pedagogisch niet verantwoord om je vol te proppen met junkfood vóór een warme maaltijd. Cola drinken doe je stiekem in de berging. Chips eten doe je door snel een greep te doen uit de zak die in de kast ligt verstopt. Intussen praat je heel luid om het geluid van de krakende zak te overstemmen. En kijk je heel dwaas als ze toch een vermoeden hebben. ‘Heu, wat? Maar nee, mal kindje van me, dat zal de wind zijn.’

  1. Een conversatie aangaan met je partner.

Korte zinnen, dat gaat nog net.

  • ‘Geef het water eens.’
  • ‘Mooi weertje vandaag.’

Maar zijn het méér dan twee zinnen, dan stopt het. Of wordt het gestopt.

  • ‘Maar mama, ik moet iets zeggeuu!’
  • ‘WAT dan?’ (= het geagiteerde antwoord)
  • ‘Ikweeniemeer’ (= het steevaste antwoord)

Tegen dan weet je al LANG niet meer waarover je het had met je man. En laat je het maar zo.

  1. Rustig naar de winkel gaan.

Geraak er maar aan gewoon dat je vanaf nu, als je kinderen erbij zijn, als half opgejaagd wild door de winkel zult razen. Eender welke winkel, vooral die waar er overal veel spullen op HUN ooghoogte staan.

Eén gouden tip: neem, in geval van verplichte gezamenlijke winkeltripjes, een stel goede oordopjes mee. Dan hoor je in elk geval het gejengel wat minder.

  • Ik wil dat zoooooo graaaaaggg. TOE mama????
  • 'Nóg eentje!!!!

(even nog een noot terzijde: als de kinderen er niét bij zijn, wordt een uitstap naar de winkel een kleine vakantie. Op je gemak eens wandelen door de winkelrekken is even ontspannend als een dag naar het kuuroord. Nou ja. Maar you get the picture.)

  1. Uitslapen. Slapen. Rustig inslapen.

Alle varianten op slapen. Je herinnert je nog wel ergens vaag hoe het was toen je als student een hele dag in je luie kaf kon liggen stinken. But those days are gone, my friend. Het komt wel terug, zegt ‘men’. Maar vergis je niet: tegen dan ben je zo oud geworden dat je weer minder nood hebt aan slaap. Tot daar de gerechtigheid.

  1. Je geheugen benutten. Nadenken tout court.

Je verstand is namelijk vertrokken met de noorderzon. Dat is ergens gebeurd tijdens het zwanger zijn en het bevallen: die extra hormonen en dat gepers op het einde vormen een dodelijke combinatie.

Nu ja, het leven wordt er ook wel wat eenvoudiger door. Dat heb je dan weer wel. En je mag je af en toe weer kinds gedragen, als je een verhaaltje voorleest bijvoorbeeld of tegen je kindjes aan het praten bent. Dus eigenlijk valt het allemaal wel mee.