Onze kinderen gingen op vaste uren naar bed (ja, ook in het weekend, en ondanks de 101 creatieve redenen om niet te moeten slapen). Ze deden op vaste momenten een dutje (ook in de kleuterschool nog, want ze hadden die slaap gewoon nodig). Frisdrank kwam er niet in: water was de norm, met hoogstens een fruitsapje of chocomelkje per dag.
Een nee bleef een neen, ook na twintig keer zagen en een driftbui of drie. Ik ben nogal snel overprikkeld, dus zomaar wat staan gillen voor de lol werd niet getolereerd. Buiten mochten ze zich volledig uitleven, maar binnen wild doen of op de zetel springen? Nope, daar stak deze strenge moeder een stokje voor.
Een koekje of een ijsje? Natuurlijk moet dat kunnen – maar ze moeten het wel eerst komen vragen (ja, tot op vandaag). Choco op hun boterham mogen ze enkel in het weekend. Enfin, om dus maar te zeggen: het ging er vrij strikt aan toe bij ons thuis.
Ondertussen zijn mijn kinderen tieners. En het was eigenlijk pas onlangs dat het mij daagde: als ik mezelf nú vergelijk met andere ouders, dan ben ik helemaal niet meer de strengste moeder van de hoop. Ergens in de loop der jaren is er blijkbaar toch één en ander verschoven.
Ik hoor ouders vertellen hoe ze hun tiener op zondag om 9 uur uit bed sleuren, terwijl ik denk: Laat die jongens maar slapen. Ze kunnen er maar deugd van hebben!
Ik zie ouders die verwachten dat hun tiener een halfuur na training gedoucht en wel thuis staat. Terwijl ik denk: Amuseer je maar met je vrienden, zolang het niet de spuigaten uitloopt én zolang je schoolwerk er niet onder lijdt.
Ik zie ouders dreigen met straf als hun tiener geen goede punten haalt. Wij proberen dan vooral te begrijpen wat er fout liep en wat er de volgende keer anders kan – en zeggen: Volgende keer beter. (Toegegeven, onze tieners doen het over het algemeen goed op school, wat het natuurlijk gemakkelijker maakt om er zo in te staan).
Als onze tieners in het weekend of in de vakantie iets willen doen met hun vrienden, dan laten we hen dat doen. Er worden weliswaar afspraken gemaakt rond hoe laat we hen thuis verwachten, hoeveel ze uitgeven en wie dat betaalt – en daar houden ze zich ook aan. Maar ik vind het fantastisch om te zien hoe ze floreren, hoe ze genieten van die vrijheid en hoe ze daarmee leren omgaan. Ze zijn daar dankbaar voor, en zien zelf dat het er bij hun vrienden niet altijd even los aan toegaat.
We praten daar trouwens ook over: dat het een kwestie van geven en nemen is. Dat ze zoveel mogen doen, net omdat we merken dat we hen kunnen vertrouwen en dat ze zich aan de gemaakte afspraken houden. Dan kunnen de touwtjes al eens wat losser – maar het omgekeerde zou ook waar zijn.
Ben ik minder streng geworden? Liggen mijn prioriteiten anders? Is de basis gelegd die strengere eerste jaren? Of heb ik gewoon geluk dat het op deze manier lukt met onze tieners? Ik weet het niet.
Maar mijn ervaring als mama leert me alvast dat “streng zijn” geen vaststaand gegeven is. Het evolueert, het fluctueert, het beweegt mee met de leeftijd, met de situatie en met je kind. Plus: elke ouder legt andere accenten. En dat is helemaal oké.
