Als 'efkes' een beetje langer duurt...

Mijn oudste dochter, inmiddels drie, heeft intussen de gewoonte om ‘(wacht) nog efkes’ te antwoorden als ik iets vraag. De eerste keer gniffel je met zo’n antwoord, maar na een paar keer wil je gewoon dat die ‘efkes’ eigenlijk nu meteen is in plaats van een half uur later. Want wij mama’s hebben uiteraard een drukke agenda...

Wanneer deed mama eens iets efkes?

Tijdens één van mijn momentjes in de zetel, in alle rust (ahum, ahum), begon ik even na te denken wanneer het de laatste keer was dat ik nog iets ‘efkes’ gedaan had. Zoals ‘efkes’ boodschappen doen of ‘efkes’ naar de post of ‘efkes’ poetsen. Ik noem maar wat. En eerlijk waar, daar moest ik toch héél ver voor terugdenken.

Het is namelijk zo dat als ik ‘efkes’ boodschappen ga doen, er eerst nog van alles ‘efkes’ geregeld moet worden.

Neem nu even dat scenario: dan moet ik zeker zijn dat de verzorgingstas van de kleinste compleet is: luiers (ah ja, poepie of pipi, in de winkel of niet, they don’t care), slabbetje (idem voor boertjes met of zonder toeslag), reservekledij, snoetenpoetsers voor de oudste, noem maar op! 

Checklist voor een gewoon uitstapje naar de winkel

Daarnaast moet ervoor gezorgd worden dat de kleine ukkepuk het niet te warm of te koud heeft (buiten 25 graden en binnen tussen de charcuterie 10 graden). En, oh ja, de oudste moet ik ook nog in de auto zien te krijgen. Want die heeft intussen de leeftijd bereikt dat ze

  1. verplicht naar toilet moet voor we vertrekken;
  2. niet eender welke jas wil aantrekken en er dus kleine drama’s kunnen ontstaan die minstens tien minuten in beslag nemen (voldoende tijd voor ukkepuk om een dikke poepie te doen en we weer van vooraf aan kunnen beginnen);
  3. absoluut zelf haar schoenen wil knopen en de brandweer haast tussenin moet komen als ik wil helpen (je weet wel, moord en brand schreeuwen);
  4. zich in de auto bedenkt dat ze haar ‘plinsessentas’ moét meehebben, anders breekt Wereldoorlog III uit.

En dan hebben we het nog niet over de mama gehad…

Nadat we Wereldoorlog III vermeden hebben en de kinderen gepakt en gezakt in de auto zitten (mét ‘plinsessentas’) en we rustig wegrijden (compleet bezweet dus) bedenk ik me dat we de tassen die we écht nodig hebben om de boodschappen in te stoppen, nog gewoon thuis liggen. Klaar om mee te nemen. Ik draai me even om en kijk naar mijn oudste. No way dat we in dat snoezig roos tasje alles in krijgen. Zorgen voor later.

1, 2, 3, 4, 5, 6… Tot tien tellen doet soms geweldig deugd.

Mama moet pipi doen...

De boodschappen verlopen as usual. Met een aantal onnodige dingen in de kar die dochterlief er discreet heeft in gemoffeld.

En dan gebeurt het… Ik moet zelf dringend naar toilet. Gelukkig gaat het aan de kassa snel vooruit, maar dan moet dochterlief nog een ballon hebben, vliegt diezelfde ballon weg onderweg naar de auto en maakt drama nummer 37 van die dag zijn intrede. Intussen word ik behoorlijk zenuwachtig want ik moet verdorie dringend naar het toilet!

De gemoederen zijn bedaard, de boodschappen liggen in de koffer, de kindjes zitten braaf op de achterbank. En dan vraagt ze het: ‘Wat is er, mama?’. Ik antwoord naar eerlijkheid ‘Mama moet pipi doen’ (en is een beetje nerveus na al dat gedoe, maar oké, dat hou ik maar voor mijzelf). Antwoordt ze zonder te verpinken: ‘Aaaah ja! Wat hebt mama gezegd? Pipi vóór de winkel hé en geen pipi in de broek hé.’

1, 2, 3, 4, 5…