Als het sterk verlangde derde kind er nooit zal komen….

Ik ben in rouw… In rouw om wat nooit is geweest en nooit zal zijn. Ik heb mezelf altijd gezien als moeder van drie kinderen. Nadat ons tweede kindje was geboren heb ik altijd gedacht dat dit niet het laatste was. Onze weg naar het ouderschap liep echter niet over rozen. We liepen wat butsen en builen op (lees: spoedkeizersneden, vroeggeboortes met couveuse en nog meer heftige ervaringen).

Ik begreep dat mijn man tijd nodig had om wat te bekomen van de heftige rit die we hadden afgelegd als ouders alvorens hij opnieuw goesting zou hebben in nog een doldwaas avontuur van een derde kind…  Echter, de tijd liep ondertussen door en mijn man ziet zichzelf ondertussen als te oud om opnieuw vader te worden. En eigenlijk; hij heeft er gewoon geen zin meer in. Punt. Meer kan hij daar niet over zeggen.

Het kind dat er nooit  ‘echt’  is geweest, maar zo levend was in mijn gedachten en in mijn buikgevoel zal nooit bestaansrecht krijgen. Voor mij was het er nochtans al, zo levensecht. Ik bedacht namen die leuk zouden passen bij de namen van de andere twee kinderen. Ik had al heel concrete ideeën voor het geboortekaartje. En de kamertjes van de kinderen had ik in gedachten al helemaal heringericht zodat er een baby bij kon. De uren waarin ik mijmerde over dit (in mijn gedachten aanstaande) baby’tje zijn bijna ontelbaar.

Ik zag mijn kinderen dan ook als geweldige Grote Broer en Grote Zus… Ik kon het me al perfect voorstellen en keek al bijna exclusief door die bril naar hen. Het baby’tje in de co-sleeper naast me, dat hummeltje in de draagdoek, ik kon het al zo voelen. De uren op de sofa, met een baby in mijn armen, ooh, ik keek er reikhalzend naar uit….

Maar het zal nooit zo zijn. Ik kan en wil mijn man niet dwingen tot een kind en ik wil zeker geen kind op de wereld zetten dat niet 100% verlangd is. Dat wil ik het kind niet aandoen. Dus ik heb dit te aanvaarden en hier mijn weg in te zoeken. Maar het doet pijn. Sinds de definitieve ‘njet’ van mijn man staan de tranen me steeds dichter bij dan het lachen. Ik ga door een periode van rouw om een kind dat enkel heeft bestaan in mijn verlangen en in mijn gevoel.

Als mamacoach heb ik mezelf beloofd dat ik dat zal doen wat ik andere mama’s zou adviseren: tijd nemen om te rouwen en voldoende steun zoeken. Ik heb dit dan ook zo uitgesproken naar mijn man en zal dat ook naar anderen doen. ‘Ik heb verdriet, ik heb het lastig, en ik vind het fijn als je me hierin kan steunen… ‘ Meer kan ik niet doen: het rouwproces ten volle aangaan. En het zien van een mama met een dikke buik, een zwangerschapsaankondiging van een leeftijdsgenoot, een gelukkig gezin van vijf, … die dingen zullen nog een hele tijd wat pikken… Maar ook dit gaat voorbij.

Het is trouwens niet de eerste keer dat ik door gevoelens van rouw ga omtrent het moederschap. Mijn eerste kind heb ik moeten laten gaan op twaalf weken zwangerschap, bij mijn dochter kregen we een verkeerde diagnose (door een menselijke fout) waarbij ons werd geadviseerd om ons voor te bereiden op een afscheid van haar en ook bij mijn zoon hebben de omstandigheden ertoe geleid dat ik werd gedwongen om op een bepaalde manier om hem te rouwen.

Het moederschap is het meest vervullende, het mooiste wat er is voor mij en vooral een bron van Puur Geluk. En tegelijk brengt het ook de meest rauwe gevoelens met zich mee. Het leven op zijn heftigst in allebei de polen, puur Leven met een hoofdletter ‘L’. Dit heftige gevoel van rouw staat naast het enorme gevoel van dankbaarheid om mijn twee fantastische kinderen die er wel zijn in het ‘echte’ leven.

 

Meer informatie over verbindend opvoeden en emotionele ondersteuning voor mama’s vind je op Mamacoach.