Als je plots drie weken vroeger dan voorzien moet bevallen met een keizersnede … in het buitenland

  • door Gastmama

“Mevrouw, dit kindje moet ten laatste aankomende maandag geboren worden.” Daar sta je dan, of beter gezegd lig je, bij een routinecontrole op vrijdag de 13de, 36 weken en 6 dagen zwanger. Compleet verbaasd, maar vooral ook bezorgd. De Amerikanen hebben er een woord voor wat ‘spot on’ mijn huidige staat beschrijft : “flabbergasted”. Een wirwar van gedachten en emoties overmeesteren me.

Ik ben alleen, zoals altijd bij dit soort afspraken in het lokale ziekenhuis trouwens. Mijn man werkt, mijn dochtertje van anderhalf zit op de crèche (en die heb ik er eerlijk gezegd liever niet bij in deze situaties…).

En mama, zussen, vriendinnen dan, vraag je? Aaaaah, dat heb ik nog niet verteld. Ik woon in Spanje!  Al vijf jaar overigens, maar op het desbetreffende moment zijn we net van Malaga (terug) verhuisd naar de regio van Barcelona. De mama komt binnen een drietal weken uit den Belgique overgevlogen, zoals nauwkeurig van te voren gepland. Binnen… drie… weken…

Te risicovol

De gynaecoloog licht zijn opmerking toe. Het kindje heeft bijna geen vruchtwater meer. En aangezien hij ook in stuitligging ligt, is een natuurlijke bevalling in dit geval uit den boze. Ten eerste omdat er niet kan gewacht worden, en ten tweede omdat de bevalling (die bij stuitligging sowieso ingewikkelder is) te risicovol zou zijn.

Allemaal heel duidelijk, en ook logisch dus dat de keizersnede snel moet gebeuren. Maar, wat en hoe nu? Wat met die onstuimige peuter die we thuis hebben?

Ik heb 1 vriendin in Barcelona. Eentje. Al een geluk dat het om een ontzettend goede vriendin gaat, die op dat moment (midden in de zomer) nog net niet op vakantie is, en die ons monstertje net genoeg kent om gerust te zijn dat die twee het samen goed zullen hebben als ze een dagje samen door moeten brengen.

Bibberend pak ik mijn koffertje in

Mijn man en ik beslissen om samen met ons meisje diezelfde middag naar het ziekenhuis in Barcelona ‘city’ te gaan dat mijn voorkeur geniet. Bibberend pak ik mijn koffertje in. Later zal ik tot mijn grote verbazing merken dat ik niks ben vergeten.

Na lang wachten, overleg tussen en heen-en-weer geloop van verschillende gynaecologen, geeft het hoofd van de dienst gynaecologie me de second opinion: “Mevrouw, u blijft beter hier. Morgen voor de middag (dus zaterdag, niet maandag) voeren we een keizersnede uit. Ik  denk echt dat dit het beste is, om geen risico te lopen.”

Ik voel me opgelucht, want dat gegeven van ‘bijna geen vruchtwater’ heeft me ongerust gemaakt. Ik wil niet dat mijn mannetje lijdt, en ben blij dat we hem de volgende dag al vast zullen kunnen nemen.

Mijn man en dochtertje keren terug naar ons appartement, in een kustgemeente op een 45-tal kilometer van Barcelona. Hij zal de volgende ochtend terugkomen naar mij, en mijn Barcelonese vriendin gaat bij ons thuis op (bijna) grote zus passen.

Schrik om helemaal alleen te moeten bevallen

Die nacht slaap ik NIET. Ik ben enorm zenuwachtig, en met de afwezigheid van… iedereen, ben ik bang dat ik ineens weeën ga krijgen en alleen moet bevallen. Helemaal alleen. Maar weeën komen er niet, en het wordt ochtend.

Ik word naar het bevallingskwartier gebracht, waar ik op mijn man wacht, die de hele ochtend een race tegen de klok heeft gevoerd om  relatief op tijd bij mij te kunnen geraken. We gaan richting de OK, en daar gebeurt het: ons ventje wordt geboren. Een heel, heel klein mannetje, dat waarschijnlijk zelf nog liever even was blijven zitten, maar jammer genoeg geen keuze had. Alles verloopt prima. Hij weegt net genoeg, zijn Apgar scores zijn prima, en hij ziet er goed uit.

Grote zus

De dag daarna komt grote zus haar broertje voor de eerste keer bewonderen. Zij heeft een enorme glimlach op haar gezicht, hoewel ze uiteraard niet begrijpt wat er allemaal aan het gebeuren is (en hoe ontzettend veel haar wereldje nu gaat veranderen). Gelukkig mag ook zij de daaropvolgende twee nachten bij ons in het ziekenhuis blijven slapen, en hoeven we verder niemand lastig te vallen om voor haar te zorgen.

We krijgen twee keer bezoek, van een vriendin van mijn man en zijn nicht, die maar eventjes kan blijven omdat ze klierkoorts heeft, en dus niemand of niks wil aanraken in verband met besmettingsgevaar.

Bang om me eenzaam te voelen

Ik was bang geweest dat ik me eenzaam zou voelen. Maar dat is niet het geval. Ik mis mijn ouders, mijn zussen, en mijn vriendinnen, dat wel. En toch zijn ze op de een of andere manier aanwezig. Ze bellen me zodat ik me niet alleen voel, en ik krijg veel berichtjes binnen.

Ook zorgt het verplegend personeel ervoor dat ik me op mijn gemak voel.

In het buitenland wonen kan hard zijn

In het buitenland wonen kan soms enorm hard zijn. Vooral in tijden van nood, eenzaamheid of verdriet. Of zieke kindjes ;-)! Maar het leert me ook, elke dag opnieuw, om creatief te zijn, oplossingen te zien in plaats van problemen. Het maakt van mij een sterkere mama en een sterker mens, en van ons een ontzettend  warm en hecht gezin.

We overleven de eerste tien dagen, een beetje in een roes. Met behulp van de crèche, die ‘big sis’ opvangt een aantal uurtjes per dag is het doenbaar. Op dag 11 komt oma ‘België’ (de andere oma is ‘abuela’ en die komt uit Ecuador, maar dat is weer een heel ander verhaal) toch iets vroeger dan gepland. Time for pampering in 3…2…1… :-)