De fases die je doorloopt als je eindelijk (!) eens alleen thuis bent in de zomervakantie

Ik ben nog niet echt vaak alleen thuis geweest deze zomervakantie… We hebben samen al twee weken vakantie doorgebracht, er is wat opvang thuis geweest, mijn man was thuis... En begrijp me niet verkeerd: ik zie mijn kastaars doodgraag, maar euh, als ik dan eens helemaal alleen thuis ben na een lange tijd, dan kan ik daar zo keihard van genieten jong… Zo onlangs had ik zo’n gestolen dagje… Ik doorspartelde toch een aantal fases, zo ondervond ik… Herkennen jullie dat?

  1. Je brengt de kinderen naar de opvang, geeft de echtgenoot thuis nog een afscheidskus, hij trekt de deur achter zich dicht… De rust die dan op je schouders valt is… hemels… Zoals een goede massage aan de oren of een engeltje dat een deken van stilte over het huis heeft gelegd… Je haalt diep adem. In. Uit. Het dringt nog niet helemaal door…
  2. De radio die nog zou opstaan gaat uit. Je wilt de stilte volledig in je opnemen. Geen overigens erg lieve en onmisbare, maar soms ook luide stemmetjes meer in huis. Geen man die iets aan je vraagt (maar die overigens erg lief is hoor, wink wink).  Je hart maakt een sprongetje. Yeah girl, je denkt eraan om eens goed luid te roepen en een gat in de lucht te springen. Dit is de fase van de ‘home-alone-gone-wild!
  3. Na een kwartier sijpelt het door je hoofd: Je. Bent. Alleen. Thuis!!! 25 verschillende scenario’s komen in je op: of je kijkt naar een volledig seizoen van Orange is the New Black (of Jane The Virgin), of je gaat joggen of iets van sport doen voor jezelf, of je gaat eindelijk eens werk maken van die ene kast in de berging die nu wel echt eens moet uitgemest worden, of je kruipt lekker stiekem terug in bed om nog wat te soezen, of je leest éindelijk eens dat ene boek dat je wil lezen… Welkom in de fase van ‘alles-is-nog-mogelijk’!
  4. Oké, je belandt in de fase van de keuzestress… Er zal een keuze moeten gemaakt worden.
  5. Je beseft: oeps, eigenlijk zou ik ook nog wat moeten werken (van thuis uit in dit geval)… Damn… Oké, dat eerst maar effe doen. Maar misschien met Jane the Virgin op de achtergrond. En terwijl de wasmachine en de vaatwas aan het draaien zijn. Die haal je tussendoor snel uit. En je ruimt terwijl een beetje op. Dat kan nog net voor je snel gaat sporten. Damn girl, you are on fire! O ja, nog snel een beetje eten! Je zit in de fase van ‘als-ik-het-allemaal-door-elkaar-doe-lukt-het-misschien-wel’!
  6. Een paar uur later zie je dat de tijd keihard is vooruit gevlogen. En je had zo graag nog wat willen genieten en een paar dingen gedaan… Dat boek beginnen lezen misschien? Of gewoon wat voor je uitstaren en genieten van de rust? Het besef is gekomen: een dag is niet lang genoeg. Maar de klok is meedogenloos: tijd om de kinderen te gaan halen. Want je wil ook geen ‘slechte’ moeder zijn natuurlijk die haar kinderen te laat gaat halen. Je neemt een diepe teug zuurstof naar binnen, neemt nog één keer de stilte in het huis op en zegt tegen jezelf: ‘Tot de volgende keer, stilte! We’ll meet again!’ Je bent duidelijk in de realiteitsfase belandt: finito moedre, hop naar de kinderen.
  7. De kinderen zijn thuis. Je bent blij om hun gezichtjes te zien. O, je hebt ze eigenlijk wel echt gemist… Zo’n schatjes dat het zijn… Verliefd geef je hen een knuffel. Je zuigt hun verhalen van de dag op… Maar dan gebeurt er iets… Een misverstand, een boze blik, ruzie… De decibels gaan in de hoogte. Maaa-maaaaaaaaaa? En je denkt bij jezelf: zal ik dat volgende me-timemomentje dan toch maar even plannen misschien?