De herfst en de winter zijn keiheavy... En snot... en hoest...

De herfst of de winter, dat kan keigezellig zijn. Als je lekker in je fleece pyjama voor een haardvuur zit en naar een leuke serie kunt kijken bijvoorbeeld. Maar jammer genoeg brengt deze tijd van het jaar toch ook wel andere toestanden met zich mee. Zoals hoest. En snot. En koorts. Bij elk gezinslid. Het liefst netjes na elkaar.

Want wordt er een kindje ziek, dan wordt ook minstens één van de ouders ziek. Zijn er meerdere kinderen, dan zijn er ook meer potentiële patiënten. Concreet betekent dat lange, lange herfstperiodes. En winters… Waarvan je op het einde snàkt naar de zon, en naar een week zonder koorts, hoest of snot.

Puffen en snuffen

Sinds ik kleine kiddos heb, is het al élke winter van dattum. De winter sucks. Is kak. De winter (maar meestal ook de herfst) staat voor véél snot. Koorts. Hoest. Korte, onderbroken nachten. Vermoeiende dagen.

Zodra het herfst is begint het hier. Dit jaar was een meevaller, tot nu toe ben ik de enige die al ziek is geweest (maar dan ben ik wel meteen goed ziek geweest). En oké, vorige week was de oudste ook wel een dagje thuis. Maar nu zit de jongste thuis met rsv. Voor hoe lang, dat is af te wachten. Yes, puffen en snuffen! Gelukkig doet ze nog niet al te moeilijk, het is al ingewikkeld genoeg (eerst de ene puf, dan de andere, maar wel tien minuutjes tussenlaten). Het is vanzelfsprekend dat ik intussen ook weer aan de pillen zit en hoest als een maniak. Living the dream, zoals we zeggen :-).

Jezusmina, wat is hier de afgelopen jaren al niet gepasseerd van beest? Hoeveel keer heb ik die aerosol/aërochamber niet moeten bovenhalen? Perdolan gegeven? ’s Nachts als een zombie heen en weer gelopen om koorts te meten, neusjes te spoelen, hoofdjes hoger te leggen, snot en andere toestanden op te vegen? 

Winter = keiheavy

Het maakt dat die herfst en winter toch wel elk jaar keiheavy zijn… Elk jaar denk ik: yes, nu worden ze al wat groter, nu zijn ze al wat resistenter voor al die rare shizzle. En het is ook zo dat mijn oudste al veel minder ziek wordt. Maar toch. Als ouder moet je toch soms serieus op je tanden bijten. Want als je dan zelf ook nog eens ziek wordt, dan ben je helemaal gescheten (soms letterlijk...). Je moét voort, ook al wil je zelf gewoon in je zetel kruipen om onder je favoriete deken naar een romantische komedie te gapen…

Elk jaar is het hier zo’n beetje als een bevalling: net op het moment dat je het écht niet meer ziet zitten en wilt dat het stopt, wordt het lente. En gaat het geleidelijk aan weer beter.

Maar tot dan is het een beetje overleven. Goochelen om de zieken thuis te kunnen houden en toch wat werk gedaan te krijgen. Ik moet dan vaak denken aan mensen die er alleen voor staan en geen sociaal vangnet hebben. Of mensen die écht ziek zijn… Dat doet me altijd weer relativeren. ‘Get a grip, woman, dit is gewoon een fàse. De kleine kindjesfase.’ Nu ja, wat mij betreft dus de ‘snothoestprutfase’, althans toch in de winter. De ‘extra korte nachtenfase’ omdat je écht niet gerust kunt slapen als er daar eentje de longen uit haar lijf hoest en je doodongerust ligt te waken… 

Een echte snotwizard

Ik voel mij ook al een halve apotheker intussen… Op den duur leer je je plan wel te trekken en spoel je die neuzen als een echte snotwizard. En o ja, als ik zo rondom mij kijk in de wachtzalen van huisarts/pediater blijk ik echt niet de enige ouder te zijn die er net iets vermoeider, bleker en verstrooider dan gewoonlijk uitziet. Met andere woorden: we’re all in this together! ;-)

Nu ja. ’t Is nog maar… vijf maanden tot de lente zeker? (En intussen kunnen we druk rondsurfen om te kijken waar we mogelijk op vakantie kunnen gaan... Zoektermen: kindvriendelijke vakantie met veel zon). Zucht...