De instapklas versus de eerste kleuterklas: toch wel een groot verschil

  • door Mama

Onze zoon is een van de gelukkigen die vier kleuterjaren zal hebben, waaronder een volledig jaar instapklas. Toen hij vorig jaar instapte, was hij oud genoeg en er helemaal klaar voor. Dachten wij toen… Maar wat was hij nog ‘baby’ als ik dat vergelijk met wie hij nu is in de ‘echte’ eerste kleuterklas!

De taalontwikkeling is een van de opvallendste evoluties. Er komen volzinnen uit, soms compleet met bijzin. Redeneringen zo krom dat een banaan trots zou zijn… en soms toch onweerlegbaar in hun simplisme. De woordenschat is uitgebreid, het aantal vragen geëxplodeerd en het schattigst: conversaties met de andere kleuters komen op gang. Grapjes worden gemaakt (hoe platter, hoe beter, dat spreekt), de lach is luid en aanstekelijk.

Eigen ruimte

Onze kleuter is (nog) niet echt een spraakwaterval over school, maar houdt ook de lippen niet stijf op elkaar. We komen dus al eens te weten wat er te eten viel ‘s middags, of hij iemand heeft geduwd en is gestraft, welk spelletje hij met zijn vrienden heeft gespeeld. Vorig jaar kwam er alleen ‘goed’ uit. Vooruitgang!

Bijkomend voordeel is dat hij de schoolroutine kent. Hij weet waar hij moet staan, wat hij moet doen, wat er mee moet. En ook welke dag wat betekent, het concept ‘tijd’ komt op gang. De school is minder angst, meer ‘eigen’ ruimte. En dat loont ook thuis: minder apenkuren!

Vriendjes

Hij begint nu echt vriendjes te maken. Bepaalde namen komen vaker terug dan andere, ze spelen al eens mét elkaar in plaats van naast elkaar. Het helpt dat ze daarin gestimuleerd worden, maar toch.

Aan de keerzijde begin ik ook te merken dat ze elkaar opsteken. Zo heb ik zoonlief na wat gefezel toch ook al een groter en ouder kindje zien benaderen om hem te 'slaan' (aantikken, maar het gaat om het principe). Dat was even slikken: dat begint dus ook nu al! 

De motoriek

Maar wat me echt heeft verbaasd, is de motorische ontwikkeling. Van wankel op de loopfiets, naar mensen aan een rotvaart omver rijden. Als hij niet wat aan de kleine kant was geweest, was de stap naar fietsen al gezet! Vangen gaat beter en beter, en meppen op ballen ook. De bewegingen worden algemeen ingewikkelder, zekerder, gerichter. De handjes gaan in de richting van de penhouding, fijnere draadjes lukken ook, er wordt minder geknoeid met puzzelstukjes... of yoghurt :)

En voor hem? Dé verandering is duidelijk: hij is nu (al) een grote jongen! Behalve als het hem niet uitkomt, dan is ie plots weer klein… ;-)