De waarheid komt uit een kindermond… maar soms toch liever niet in het openbaar!

  • door Gastmama

Dat ze ons met de regelmaat van de klok in verlegenheid brengen, die zonen van ons. De dingen worden er op zich alleen maar plezanter en makkelijker op wanneer je kroost begint te praten. Maar soms, heel soms, zou je willen dat ze het nog níet zo goed konden uitleggen, die kleine schatjes. Het zijn allebei tetterkonten, onze boys. Veel verhitte discussies bij ons thuis draaien dan ook rond het gewichtige topic “wie er al het meeste mogen zeggen heeft”. Enfin, om maar te zeggen dat ze graag hun zegje doen.

Onze jongste van drie zit nu volop in de fase waarin hij uitermate gefascineerd is door de verschillen tussen jongens en meisjes. In de badkamer gaat dit tegenwoordig steevast gepaard met uitvoerige anatomische vergelijkende sessies. En aangezien mama in dit mannenbastion nu eenmaal in de minderheid is, ga ik regelmatig door als didactisch materiaal. Allemaal geen probleem denk ik dan: ik wil hun nieuwsgierigheid niet inperken, ben niet echt preuts en zolang dit in huiselijke kring gebeurt heb ik er geen probleem mee. Maar laat dat laatste nu soms nog niet helemaal duidelijk zijn voor onze jongste telg.

"Waarvoor dient dat touwtje?"

Zo stonden we onlangs met z’n tweetjes in het kleedhokje voor de zaterdagse zwemles (mama of papa gaat mee het water in bij deze lesjes) toen hij plots alle activiteiten staakte en overging in staarmodus met duidelijke focus op mama’s euh… ‘down below’. “Mama! Waarom heb jij daar een touwtje???” klonk het met luide stem. “Mag ik eens kijken? Waarvoor dient dat??” Op dat moment word je je plots heel erg bewust van het feit dat de hokjes (open boven- en onderaan) rondom jou ook allemaal bezet zijn en dat ik de gesprekken van onze buren ook gewoon kan meevolgen. “Euh, dat is iets voor mama’s schat, ik leg het je straks wel eens uit”. “Maar WAT is dat dan juist voor de mama’s? En waarvoor dient het? Mag ik nog eens kijken?” (waarop hij van zéér dichtbij polshoogte komt nemen…)  “Hum, kom, we moeten ons haasten want de zwemles gaat beginnen”

"Heeft die mevrouw dan ook geen plasser?"

Onze oudste zoon presteerde het ook eens op een overvolle - maar muisstille - tram toen hij een jaar of drie was. De zoon in kwestie produceert jammer genoeg ook behoorlijk veel decibels (ironisch genoeg niet zozeer wanneer je een luid en duidelijk antwoord op een vraag verwacht, maar des te meer in situaties waar dit niet echt gewenst/gepast is). “Mama ik ben een jongen he?” “Yep”. “Dus ik heb een plasser en meisjes hebben geen plasser”. “Helemaal juist” (hmmm, ik heb al zo’n licht vermoeden waar dit gesprekje naartoe gaat… OK,  afleiden… ik leid hem gewoon af) “Kijk jongen, daar staat een supergrote kraan!” “Ja. Maar heeft die mevrouw dáár (gecombineerd met uitvoerig wijzen) dan ook geen plasser maar gewoon een gaatje?” 

Gênante genderuitspraken

Of nog in het segment “gênante genderuitspraken door kinderen”: in de supermarkt “kiiiiiijk, die meneer neemt ook choco” “Euh, ja, die MEVROUW zal er ook nieuwe nodig hebben hé” (onmiddellijk volgend op een gesprekje met de vriendelijke dame in kwestie over hoe schattig de krulletjes van zoonlief wel zijn. Hopelijk zijn ze schattig genoeg om ermee weg te komen, hm hm)

Weliswaar in een andere sfeer, maar ook altijd een topper, elke keer opnieuw: “Bij deze slager krijgen de kindjes NOOIT een rolletje vlees!  Waarom niet? Ik wil wél een vleesje krijgen mama! Ik heb honger!”

Pertinente onwaarheden

In de categorie ‘pertinente onwaarheden, maar oh-zo-overtuigend gebracht’ verkondigde onze oudste van vijf dan weer recent aan de buurvrouw dat hij “thuis vaak buiten op blote voeten op straf moet staan” (hij voegde er trouwens nog fijntjes aan toe dat hij dit wel een goede straf vond?!). Hij wordt dan wel af en toe gestraft, maar de lijfstraffen hebben we (voorlopig nog) geskipt. Al geeft hij ons wel inspiratie! Je zou je gaan afvragen wat ze zo nog allemaal over ons rondbazuinen op school en ver daarbuiten, zeker als je weet hoe overtuigend ze het soms kunnen brengen. Hopen maar dat de ontvanger van de boodschap in kwestie deze met een emmer zout neemt zeker?

Gekrenkt ego

En dan hebben we het nog niet gehad over de confronterende uitspraken waar je toch even van moet slikken en die je met een ietwat gekrenkt ego achterlaten, in de trant van “mama, jij bent wel oud want ik zie dat jij al rimpels hebt” of “papa, vanboven op jouw hoofd heb jij niet veel haar. Waarom heb jij zo weinig haar?” Of in culinaire sferen, wanneer mijn pasta/rijst/… nog maar eens overkookt (omdat ik –  juist ja – ondertussen met de kindjes bezig ben...): "Bij Jeroen Meus kookt het eten nooit over, maar bij jou wel hé mama". Tsjakkkaaa!

Ach, als ze je dan ’s avonds in bed met datzelfde spraakvermogen toevertrouwen dat jij de “allerliefste mama van de heeeeeele wereldbol bent" vergeef je hen instant alle eerdere (minder flatterende) uitspraken…