Deense baby’s huilen minder dan Nederlandse

Onderzoekers van de Engelse universiteit van Warwick verzamelden alle mogelijke studies over huilende baby’s en stelden vast dat er geen bewijs is dat een baby op zes weken zijn bekende ‘huilpiek’ heeft. Ze vergeleken gegevens van 8690 baby’s uit acht landen: Verenigd Koninkrijk, Canada, de Verenigde Staten, Italië, Nederland, Duitsland, Denemarken en Japan. Tussen die landen onderling waren er verschillen vast te stellen.

Geen echte piek

Normaal krijgen we altijd te horen dat baby’s een huilpiek kennen rond 6 weken, maar dat blijkt dus moeilijk te staven met bewijzen, zo ontdekten de onderzoekers. Wel is het zo dat ze vaststelden dat baby’s de eerste zes weken meer huilen, gemiddeld 117 tot 133 minuten (een dikke twee uur dus), en dat daarna het huilen afneemt naar ongeveer 68 minuten rond de tiende tot twaalfde week.

Ook heel erg veel huilen – meer dan drie uur huilen per dag gedurende minstens drie dagen in een week doet zich vooral in het begin voor. De eerste zes weken zijn 17 tot 25 procent van alle baby's huilbaby's, waarna het percentage daalt naar 11 procent rond de achtste à negende week en naar 0,6 procent rond week twaalf.

Verschillen onderling

Wel opmerkelijk is dat er verschillen zijn tussen landen: Deense baby’s bijvoorbeeld huilen minder; anderhalf uur per dag in de eerste zes weken. Ook in Duitsland en Japan huilen baby’s minder.
In Nederland, Groot-Brittannië, Italië en Canada huilen baby’s meer: ongeveer twintig minuten langer. Hoe dat komt, daar hebben de onderzoekers het raden naar.

Een verklaring zou kunnen zijn dat Duitse en Deense ouders lang wachten voordat ze hun kind oppakken, maar wel meer tijd met ze spenderen. Deense baby’s worden ook vaker gedragen. Maar er zijn ook genetische factoren die een rol kunnen spelen: rust zit namelijk ingebakken in de Denen.

Speculeren is niet de bedoeling van de onderzoekers, ze hopen dat hun onderzoek anderen aanzet om de redenen voor het verschillende huilgedrag te achterhalen.