Ik kreeg een zware postnatale depressie met psychoses erbovenop

  • door Gastmama

2019 was niet echt mijn jaar. Eigenlijk helemaal niet mijn jaar. Het was een onmetelijk zwaar jaar met veel up en downs, met veel valkuilen, en een ongelooflijke zware test voor ons gezin. Ik kreeg een depressie. Ik kreeg een zware postnatale depressie met psychoses erbovenop. Ik hoop met mijn verhaal het taboe over mentale gezondheid te doorbreken en mensen die in hetzelfde schuitje hebben gezeten of zitten een hart onder de riem te steken. Ik begin bij het begin.

Het was 20 juni 2018, het einde van de dag, en ik beviel van een fantastisch derde kindje, een dochtertje Lot. Om 22u30 werd ze in mijn armen gelegd en de volgende ochtend vertrokken we samen naar huis. Op dat eigenste moment begon ook mijn kalender onmiddellijk te tellen: binnen 6 maanden terug aan het werk. Ik wilde bij mijn kinderen blijven. Voor altijd.

Struggle

Lot was mijn zonneschijn in het drukke gezinsleven, maar algauw struggelden wij ook om dat nieuwe mensje in ons gezin te laten passen. Al zag ik dat op dat moment helemaal niet zo. Na een maand bleek dat ze reflux had en de medicatie werd opgestart. De nachten waren zwaar, ze at borstvoeding op vraag en dat gebeurde heel erg vaak op een nacht. Maar het enige dat ik dacht was ‘doorgaan’. Iedereen heeft deze struggle, ik kon dit. Mijn huishouden runnend als net daar voren, elke dag vers eten op tafel, was netjes in de kast, tuintje in orde, kinderen bijna elke dag in bad. Mijn man kwam thuis van zijn werk en schoof netjes zijn voetjes onder tafel. Maar ik wilde dit zo, dit was mijn levensdoel. Ik wil voor mijn gezin zorgen.

Tot onze verbouwingen begonnen in september. We besloten een bestaand deel van onze woning af te breken en er een nieuwere en grotere ruimte voor in de plaats te zetten. Dit om de kinderen een ruime speelkamer te kunnen geven. We lieten het werk door een aannemer doen om het kort maar te krachtig te kunnen laten verlopen. Elke dag waren er vreemde mannen in en rond ons huis. Ze liepen door de living terwijl ik een dutje in de zetel lag te doen, ze kwamen in de keuken als ik het eten aan het maken was, dagen aan een stuk drilboren in ons huis. Maar ik was ok. Ik ging door.

Psychoses

Zonder dat ik het in de gaten had, was de depressie stilletjes aan mijn leven aan het overnemen. Ik kreeg alsmaar meer ‘filmpjes’, zoals ik ze noem, later bleken dat psychoses te zijn. Ik durfde niet naar boven om iets weg te leggen als niet alle deuren op slot waren beneden, bang dat er iemand ons huis zou binnendringen en de kinderen iets zou aandoen. In openbare plaatsen was ik steeds op mijn hoede voor een aanslag, een vuilbak ging ik met een grote omweg voorbij want er zou een bom kunnen inzitten.

Het begon mijn leven te beheersen en ik werd er ook heel erg bang van. Die filmpjes zijn altijd levensecht, ik zie, ik hoor en ruik alles. Bepaalde filmpjes kwamen ook heel erg vaak terug. Degene waarin mijn kinderen misbruikt werden door een indringer, mijn dochter die huilend mama riep om haar te helpen. Ik die moest kiezen om haar te helpen en doodgeschoten te worden of haar niet te helpen en te blijven leven. Als ik doodging was ze alleen... Eén van de zovele filmpjes.

Als ik een bepaald voorwerp zag, kreeg ik ook vaak ineens een enge gedachte. Een adapter was iets waar Lot mee gewurgd kon worden, het rode lampje van de rookdetector was iemand met een sniper die op ons huis aan het richten was. Alles wat in de media gebeurde kwam bij mij ook recht binnen. Ik moest maar een krantenkop lezen en ik kreeg er een heel filmpje voor in de plaats. Levensecht. En alleen maar over gruwelijke gebeurtenissen. Kortom alles was een aanleiding en soms zelfs niets. Mijn hoofd was vol.

Huisarts

Het was ondertussen december en toen ik naar de Colruyt ging en mij tot drie keer toe moest afvragen waarom er gehakt in mijn karretje lag, ben ik op aanraden van Kristof naar de huisarts geweest. Ik maakte mij ongerust over jongdementie. Ik voelde mij heel erg onnozel bij de huisarts, vergeetachtigheid is toch niet zo gek? Tot ik daar in tranen uitbarstte.

Ik wilde absoluut niet terug aan het werk, en binnen 2 weken was het zover. Ik wilde er zijn voor mijn kinderen, er zijn om hun naar en aan school op te halen, samen fijne dingen doen, kortom echte waardevolle tijd met hun hebben. Mijn huisarts schreef mijn onmiddellijk 3 maanden ziekteverlof om nog wat bij te rusten. Ik was nog niet klaar om te gaan werken, verkondigde hij. Ik onderhandelde nog even met hem, dat ik dat niet durfde naar mijn werk toe, thuisblijven. Maar zijn besluit stond vast, en eigenlijk gaf me dat op dat moment een zekere rust.

Kristof bracht de volgende dag mijn ziektebriefje naar mijn werk, ik durfde niet. Bang voor de reacties, ik voelde mij gefaald. Een zwakke moeder met 3 kinderen. Gelukkig waren de reacties alom positief en had ik enorm veel aan mijn collega / vriendin die mij begreep doordat ze zelf ook in soortgelijke situatie zit. Toen was er nog geen sprake van een depressie.

Overweldigend ‘filmpje’

In januari was het laatste punt van onze verbouwingen aangebroken, de gietvloer. We konden niet in ons huis blijven omwille van de giftige gassen en huurden een huisje in Holsbeek voor een week. We hadden een ruime ganse bovenverdieping, kamers voor de kinderen, kortom alles wat je nodig hebt. Tot ik op een avond ruzie had met Kristof, we gingen slapen zonder het uit te praten.

Het filmpje dat toen kwam was enorm overweldigend. Ik zag mezelf afscheidsbrieven schrijven, berichtjes sturen met 'sorry', zag de glimlach van de kinderen voor mijn ogen en het geluid van hun stem. Het volgend beeld was ik. Ik hing aan de trapleuning van ons huurhuisje. Kinderen werden niet van school gehaald, Lot huilde van de honger. Kristof werd opgebeld door school, pikte de kinderen op en haastte zich naar het huurhuis. Daar vonden ze me. Het leven ging verder. Kristof vond een nieuwe vrouw en de kinderen hierbij een nieuwe mama. Ik werd vergeten en zelfs nooit meer herinnerd.

Het benam me zo de adem dat ik echt erg in paniek was van dit filmpje. Ik vertelde het heel kort aan Kristof en viel dan huilend in zijn armen in slaap. De dag erna schreef ik alles op in mijn dagboek, dat Kristof dan vervolgens kon lezen om te weten wat er in mijn omging. Erover praten was moeilijk voor me, maar dit werkte voor ons. Kristof was heel erg over zijn toeren en moest toevallig de dag erna naar de huisarts waar hij alles vertelde. Ik wuifde alles weg, ik had gewoon een slechte dag.

Toen we terug onze intrek in ons huis hadden genomen dacht ik echt dat het beter met me zou gaan. Maar dat bleef uit. De huisarts had me al een keertje proberen te overtuigen om een antidepressivum te nemen maar dit blokte ik resoluut af. Ik gaf nog steeds borstvoeding en dit kon absoluut niet goed zijn voor Lot. Van stoppen met borstvoeding was al helemaal geen sprake, en ik was toch niet depressief? Ik had gewoon even een dipje.

Ik geraakte niet vooruit

Ons huis bleef onaangeroerd. Dozen werden niet uitgepakt, en steeds minder vaak stond er warm eten op tafel, de was en strijk hoopten zich op. Zelfs mijn dochter van 5 jaar vroeg me regelmatig wanneer er eindelijk eens gewassen kleren in haar kast zouden liggen. Maar ik raakte niet vooruit. Ik wilde heel graag, maar het ging niet.

Openbare plaatsen probeerden ik zoveel mogelijk te vermijden, maar aan school moest ik elke dag staan. Daar zette ik telkens mijn beste masker op. Niemand had een vermoeden wat er gaande was, zelfs mijn heel naaste omgeving niet. Mijn masker deed blijkbaar goed zijn werk. Het veiligste was ik thuis. Met Lot in mijn armen, de 2 kinderen om me heen, Kristof in de buurt en de deuren op slot. Dit was mijn eiland. Hier wilde ik voor altijd blijven.

Al die aanwijzingen over depressie zette me toch wat aan het denken. Ik wilde weten wat een depressie echt was, dus ik deed wat opzoekwerk en kwam zo bij het filmpje 'I've got a black dog, and it's called depression'. Een heel levendig en duidelijk filmpje over symptomen van depressie. Ik herkende mij er helemaal in. Elk beeld was een eigenschap van mij geworden. Ik vertelde het aan Kristof en we keken er samen naar. Dit is hoe ik me voel zei ik hem. Maar toch, ik heb heus geen depressie.

1 Februari, Lot haar eerste dag crèche. Ondanks dat het mijn werk is, dat de verzorgster haar meter is en dat ik absoluut weet dat ze goed voor haar zorgen, was die voormiddag een hel. Ik huilde van begin tot einde en lag in de zetel alleen maar onwezenlijk voor me uit te staren. Ik voelde me zo alleen. Een nutteloos bestaan. Wat een moeder was ik als ik niet voor mijn eigen kinderen kon zorgen? Ik kon niets betekenen en maakte ook geen verschil. Wat zou ik graag rust in mijn hoofd willen…

Kristof merkte en las dat ik het steeds moeilijker had en hij probeerde me te motiveren door me te zeggen dat ik moest vechten, vechten , vechten... Dat spookte constant door mijn hoofd. Ik deed de hele dag mijn huishouden, loodzwaar voelt het. ‘Ik moet vechten. Ik moet volhouden. Ik kan dit overwinnen, ik kan dit alleen. Even een dipje en weer doorgaan.’ Tot de kruik barstte...

Ik was op

Dinsdag 5 februari 2019 - fragment uit mijn dagboek.

'Ik wil niet dood!': schreeuwt mijn hele hart. Waarop mijn hoofd steevast blijft zeggen dat dit me de rust zal brengen die ik nodig heb. En het me vervolgens verschillende mogelijkheden laat zien hoe ik het kan laten gebeuren. Hoe gaat dit voelen, hoe zou dat zijn? Ik zie de kinderen huilen. Wat vind ik het eng om ze achter te laten, ze te kwetsen. Waarop mijn hoofd me weer met respons dient, je hoeft ze toch niet achter te laten...Je kan ze ook voor altijd bij je houden. Beelden flitsen door mijn hoofd. Voor altijd samen, nooit meer alleen. Ik wil dit niet. Ik wil niet dood. Ik wil mijn eigen kinderen niets aandoen. Ik wil dit niet! Mijn hoofd staat niet stil. Niet nu. Nooit. Laat dit stoppen, laat ons allemaal veilig zijn, echt veilig. Help mij...

Ik was op en kon niet meer. Ik moest praten en ik maakte een afspraak bij mijn huisarts. Bibberend vertelde ik mijn gedachten, huilend, schamend. Mijn hart klopte in mijn keel en Lot friemelde op mijn schoot. Hij raadde me aan om naar spoed in het ziekenhuis te rijden, mij daar aan te melden voor mentale hulp. Hij zag ook dat dit niet verder kan, en dat ik mezelf niet helemaal meer in de hand had. Ik durfde absoluut niet alleen naar spoed, hij liet mij beloven dat ik op mezelf moest passen en vroeg om de volgende dag terug te komen. Dan kon ik met Kristof komen en maakte hij een begeleidende brief klaar. Op weg naar huis stopte ik nog even langs het werk en stuurde een berichtje naar mijn collega om naar buiten te komen. Ik huilde nog even de ziel uit mijn lijf in haar armen en vertrok terug naar huis.

Ik voelde me gesterkt door het gesprek met mijn huisarts en wist dat ik geholpen ging worden. Ik was opgelucht. Ik had de stap gezet. Alles kwam goed. De volgende dag zo gezegd zo gedaan, ging ik met Kristof naar mijn huisarts. Mijn dip was even weg en ik zat zelfs met een kleine glimlach in zijn praktijk. Hij stuurde mij hierdoor niet naar spoed maar naar een vrije raadpleging bij een psychiater. We vertrokken onmiddellijk.

Psychiater

Met de Maxi-Cosi in de hand stapten we de wachtzaal binnen. Ik voelde me er helemaal niet op mijn plaats. De enige jonge vrouw in de wachtzaal, wat zat ik hier toch te doen? Dan was het onze beurt. Ik gaf mijn begeleidende brief van de huisarts samen met mijn dagboek af aan de psychiater. Mijn dagboek vertelde namelijk alles wat ik zelf niet kon zeggen. Na wat vraagjes en enkele pagina's gelezen te hebben vroeg ze ons om terug in de wachtkamer te wachten. Ze wilde dit bespreken met haar overste.

Nadat heel de wachtzaal leeg was, was het terug aan ons. Het verdict, de zwaarste vorm van een postnatale depressie met psychoses erbovenop. Ik schrok, helemaal niet denkend dat het zo erg met me gesteld zou zijn. Ik? Een depressie? Ik had gewoon een dipje. Ik voelde me zo zwak en zeker als ze de mogelijkheden voor mijn behandeling begonnen te bespreken schoof de grond onder mijn voeten weg. Een opname. Zonder kinderen.

Ik sprak dit meteen tegen, Lot kon niet zonder borstvoeding en ik liet heus mijn kinderen niet achter. Hoe moest Kristof dat allemaal regelen? Dat was gewoon geen optie. De volgende optie was in mijn ogen misschien zelfs nog erger. Moeder-kind opname, maar Lot mocht niet bij me op de kamer en ik mocht er geen moment alleen mee blijven. Er zou dus iemand anders voor haar zorgen. Ik voelde me stilaan helemaal gek worden, ik werd boos en snapte niet dat ze niet inzagen dat ik haar heus niets zou aandoen. Zij is mijn dochter en ik wilde voor haar zorgen. We werden terug naar de wachtzaal doorverwezen.

Na een uurtje ofzo mochten we terug bij hen komen. Ik mocht naar huis, met de kinderen. Op enkele voorwaarden: ik kreeg huishoudelijke hulp, drie keer per week psychologische hulp van het mobiele crisis team, medicatie werd opgestart die veilig was met de borstvoeding en Kristof bleef 3 weken bij me thuis. Ik mocht op geen enkel moment alleen gelaten worden. Ik voelde me net een klein kind. Ik deed nog wat moeilijk om het feit dat Kristof thuis moest blijven maar zag dan ook dat dit de enige optie was. Ik had geen keuze als ik beter wilde worden.

De bal ging aan het rollen

De procedure werd opgestart en de dag erna zat ik al mijn keukentafel met twee wildvreemde psychiatrische verpleegkundigen te praten over wat ik voelde en zag. Enkele dagen daarna werd mijn medicatie opgestart en de bal gingen stilletjesaan aan het rollen. Ik voelde me enorm gesteund door Kristof, hij zorgde voor me zo goed hij kon, eigenlijk het beste wat zou kunnen. Hij vertelde de naaste omgeving over wat er allemaal aan de hand was. Zelf kon ik dit niet. Mijn mama steunde mij enorm en kwam zelfs regelmatig op me babysitten als Kristof even weg moest. Ze nam huishoudelijke taken over en ik zag dat ze zich sterk hield voor mij en ik probeerde ook mijn best te doen. Al voelde ik me vanbinnen nog steeds gefaald als moeder, als vrouw, als geliefde, als persoon...

Alles ging langzaam vooruit. Te langzaam naar mijn zin. Mijn medicatie werd een keertje verhoogd en na enkele weken leek er beterschap in te komen. Ik mocht al eens een uurtje alleen blijven. Wat best wel heel eng voor me was. Ik voelde me enorm opgejaagd en mijn hart ging heel dat uur snel te keer. Ik moest dit allemaal terug leren.

Kristof bleef uiteindelijk 2 maanden bij me thuis. Om op me te passen. Zo zag ik dat. Maar ik zag ook dat ik dit nodig had. Ik had niet door de harde kern kunnen breken zonder zijn steun en de andere steun van buitenaf.

Ik vecht nog elke dag

Ondertussen zijn we een jaar verder. Ik moet nog steeds elke dag hard werken om er te raken en er is nog niets dat vanzelf gaat. Maar ik geloof erin en ik zie de toekomst positief in. Ik heb er vrede mee dat ik niet op één, twee, drie genezen ben en kijk er zelfs tegenop om ooit met de medicatie te stoppen.

De onzekerheid blijft, ga ik terug hervallen? Wat met de filmpjes? Want deze zijn nooit volledig weggeweest, maar wel fel geminderd. Ik kan niet meer tegen drukte, dat wordt in mijn hoofd teveel. Ik ben nog vaak moe, krijg mijn huishouden nog steeds niet volledig rond terwijl ik fulltime thuis ben en de kinderen wegbrengen naar iemand anders blijft een heikel punt.

Ik ben in juni gestopt met borstvoeding wat een enorme moeilijke stap voor me was, maar gelukkig heeft Lot er bijna niets van gemerkt. Te veel op een dag plannen gaat me nog niet, één uitstap per dag is genoeg. Al is die uitstap gewoon een familiebezoekje, meer is te veel.

Ik besliste onlangs dat ik huismoeder word, omdat het vooruitzicht om ooit terug te gaan werken me te veel stress bezorgde. Ik weet dat ik mijn huidig werk niet meer aankan en ben zeker nog niet sterk genoeg om aan iets anders te beginnen. Maar gelukkig is elke dag weer een nieuwe dag. Een nieuwe dag om er te zijn. En meer moet dat niet zijn.

Mijn leven is veranderd

Mijn, ons leven is grandioos veranderd. Ik bekijk alles vanuit een ander oogpunt. Ik probeer overal het positieve in te zien en vooral iedereen zijn eigen leven te laten leiden. Mij niet meer te storen aan hoe iemand anders het doet. Te genieten van de wind in de bomen en de zonnestralen die in mijn ogen prikken. Een natte zoen van mijn dochters of een boze zoon die ineens niet meer met me wil trouwen. En vooral niet meer te klagen of naar de klaagzang van anderen te luisteren. Er zijn toch zoveel mooie dingen?

Mijn depressie heeft ons gezin sterker gemaakt en mij en Kristof als koppel sterker dan ooit. Hij is mijn steun en toeverlaat. Hij is er altijd, altijd, altijd! Ik had dit nooit zonder hem kunnen verwezenlijken. Hij is de man van mijn leven.

Mijn kinderen zijn mijn engeltjes, mijn alles. Het is voor hen dat ik altijd ben blijven vechten. Ze hebben mij nodig! Bedankt lieve schatten.

Ook mijn mama die mij door dik en dun gesteund heeft, sprong wanneer ik het vroeg en mij steeds het gevoel gaf begrepen te worden. Ik kan ze niet genoeg bedanken voor alles wat ze het afgelopen jaar voor ons gedaan heeft.

Niet te vergeten, mijn beste vriendin. Bedankt voor alles. Ik weet dat je al veel aan je hoofd hebt maar toch was er altijd een plaatsje vrij voor mij.

Mijn huisdokter heeft mij het afgelopen jaar enorm bijgestaan, mij begrepen, mij niet veroordeeld, mij doen inzien dat alles wel in orde komt. Ook zonder hem had ik het zeker niet kunnen redden. Hij is mijn redder. Bedankt.

Hier dus mijn verhaal over mijn afgelopen jaar. Een jaar om snel te vergeten. Maar ook een jaar dat ons heel veel levenswijsheid heeft bijgebracht, en ook die zou ik voor niets meer willen inruilen. Maar toch, naar die zwarte wereld wil ik nooit meer terug.

Geen taboe meer over mentale gezondheid. Geen schaamtegevoelens. Je kan dit!

 

Annelies <3

 

Deze blog verscheen eerder op Norainnoflowers.