Kleine pruts, prachtige ster…

  • door Gastmama

Twaalf weken echo. Wat spannend. Ik was gerust en benieuwd naar het kleine wondertje dat leefde en groeide in mijn buik. Op slag was ik verliefd geworden op een wezentje dat ik nog niet kende, maar wel al voelde groeien. Het zat goed, dat dacht ik toch.

Op 10 weken waren we langs spoed moeten gaan, ik had verlies. Niet veel, niet rood, maar toch waren we niet gerust. De echo vertelde ons dat alles in orde was met ons kleintje. Hij was al een goede 3 cm  groot en bewoog zo veel dat ik vroeg aan de gynaecoloog of dit wel normaal was. Een bewegelijke baby is een gelukkige baby zei de gynaecoloog ons. Alles was in orde met ons wondertje. Die harttonen terug horen, fantastisch! Voor ons een grote geruststelling na die lange fertiliteitsperiode van hormonen, pillen, spuiten en dan uiteindelijk IVF.

De wereld stopte met draaien

“Ik zie een cystische omgeving in de buik.” “In mijn buik?” “Nee in de buik van de baby.” Miljoenen vragen kwamen in me op. Is dat erg? Gaat dat weg?  Komt dit vaker voor? Wat nu? … “Er zou iets mis kunnen zijn met de blaas en de darmen.” Meteen werd er een afspraak gemaakt in het UZ in Leuven, waar we door een speciale echo meer zouden weten. De gynaecoloog maakte een afspraak met de woorden “een aangeboren afwijking”.

Op dat moment voelden wij dat de wereld gestopt was met draaien, alles stond stil. Ik kon alleen maar naar buiten kijken en de woorden die aan de telefoon werden gezegd aan me voorbij laten gaan. Ik bleef kalm, mijn vriend panikeerde. Hij was er niet gerust in, ik had nog hoop. Het komt wel goed, als er iets zou zijn met ons kindje dan kunnen ze daar tegenwoordig veel aan doen.

Er werd bloed afgenomen voor de NIP-test maar daar was de gynaecoloog gerust in. Terug naar huis dan. En wachten, wachten op wat komen zou, met zoveel vragen en onzekerheden. Ik zocht hier en daar wat op via het internet en werd al wat gerustgesteld. Niets ernstig kwam ik tegen. Alles kwam wel goed.

De moed zonk me in de schoenen

Een week later werden we verwacht op de echoscopische afdeling van het UZ in Leuven. Wachten duurt lang, maar als angsten en onzekerheden opkomen dan duren minuten uren. Ons kleintje groeide flink en ik had de ergste kwaaltjes al gehad. Vanaf nu kon ik een beetje genieten zonder mij ziek te voelen. Ik hield de hoop op omdat ik voelde hoe sterk onze kleintje was. Ik verlangde ook enorm naar het moment van de echo omdat wij vandaag ook te weten zouden komen of ons wondertje een jongentje of een meisje zou zijn en natuurlijk ook gewoon omdat we ons kindje terug zouden kunnen zien. De moed begon me echter in de schoenen te zinken. Elk koppel dat buiten kwam, was in tranen en zag er verslagen uit. Dit was niet goed, dat beseften we maar alle twee. We waren daar niet op een goednieuwsafdeling…

Trots en angst

Is het ernstig dokter? “Ja, dat kan…” Dat was zijn antwoord voor we begonnen met een ander onderzoek. Ik kon niet meer helder denken. Het tweede onderzoek duurde zo lang dat de angst die we toen voelden niet uit te leggen valt. Na het onderzoek begon de gynaecoloog te vertellen over de resultaten van de 2 onderzoeken die ik had gekregen. Een waslijst van mogelijke afwijkingen in de onderbuik van onze kleine man. Ja, toen hoorde we dat ons klein prutsje, zoals we hem noemden, een jongentje was. Trots en angst begonnen zich toen met elkaar te mengen. Ons klein ventje was ook nog zo klein, dat het moeilijk was om al definitief te kunnen beslissen hoe ernstig het effectief was. Binnen 3 weken moesten we terug komen om te zien hoe alles verder ontwikkelde. Maar toch… het woordje zwangerschapsafbreking was gevallen. En dat woordje liet me niet los.

Omgekeerde wereld

Na drie lange weken in onzekerheid, afwachtend op een nieuwe echo van ons ventje was het eindelijk zo ver. Een team stond ons bij, want er moest ook een vruchtwaterpunctie gebeuren om dan na te gaan of er geen infectie was of om genetisch een oorzaak te vinden. Na de controle zag ik de blik van de gynaecoloog, een blik waar we zo voor vreesden. Hij groeide goed, hij was superflink. Maar levensvatbaar was onze kleine pruts niet. Zijn niertjes werken niet. Heel simpel eigenlijk. Geen nierfunctie, geen urine, geen urine, geen vruchtwater. En vruchtwater is nodig om zijn longentjes te doen rijpen. Niet levensvatbaar, een aangeboren afwijking die niet verenigbaar was met het leven. Daar zaten we dan. In de mooiste periode van ons leven moesten wij de moeilijkste en de hardste beslissing nemen die je jou nooit kon voorstellen. Een beslissing met maar 1 uitweg, een beslissing tegen de natuur. Een omgekeerde wereld.

Het mooiste en tegelijk triestigste moment van ons leven

We kregen nog 2 extra weken. Een bewuste keuze. Samen zijn we met ons drietjes nog naar de zee geweest. We hebben genoten van het wonderlijkste dat in ons leven was gekomen. We hebben tijd gehad om afscheid te nemen, om hem te vertellen hoe graag we hem zagen en hoeveel liefde we voor hem voelden. Liefde die nooit zal verdwijnen, die een speciaal plekje in ons hartje krijgt. Voor altijd.

Onvoorstelbaar hoe zo een klein wezentje van 18 weken er kan uitzien. Helemaal zijn papa. De geboorte van onze kleine pruts was het mooiste maar ook het triestigste moment wat wij ooit al hebben mogen meemaken. Hij was perfect, van zijn vingertjes, teentjes tot zijn neusje. Gewoon helemaal perfect. Maar we hebben moeten ondervinden hoe 2 uitersten zo dicht bij elkaar kunnen liggen. Kleine pruts, prachtige ster.

Van je mama.