#Metoo: spreken is blijkbaar verliezen

  • door Gastmama

#Metoo, daar hebben we met velen al verschillende mopjes rond gemaakt. #Metoo, het overkomt je toch niet zomaar zeker?  #Metoo werd een echte #metoo. Lap! Shit! Waarom? Zwijgen is goud. Spreken is … verliezen.

En ja, ik heb het weggelachen. Want ja, ik wou mijn job niet in gevaar brengen. Bijna twee jaar geleden kreeg ik een sms die bevestigde waarvoor ik ‘vreesde’.  Eén van de vrijwilligers kwam wel vaker te dicht bij me. Een begroeting was steeds net iets te innig. Bij een kus (ja… nog in de tijd dat een kus bij het begroeten bijna standaard was) kwam zijn hand steeds naar mijn rug. Je weet wel … net laag genoeg om ‘heel subtiel’ richting mijn billen te willen gaan. En zo dat extra duwtje in mijn rug te willen geven om ‘naar hem toe te gaan’.  Je hebt nu eenmaal van die mannen die het onbewust doen, maar ik merkte echt op dat dit niet meer onbewust was. Integendeel…

En toen kwam die dag dat ik een sms kreeg: ‘Ik durf het u niet te zeggen, maar ik vind u een heel aantrekkelijke vrouw, zo met uw wilde haren …’

Slik … zwart op wit. Het vieze gevoel dat ik steeds had bij hem, bleek gewoon waar. 

Die man was altijd de eerste om mijn vertaal-vragen te beantwoorden en uit te voeren. Waarvoor ik hem dan ook steeds een dankjewel stuurde. Meestal volgde wel een ‘alles voor u mailtje’ terug. Maar je denkt: negeren.

Na de sms ben ik onmiddellijk naar iemand van het bestuur gegaan. Maar omdat de situatie tussen de persoon met ‘zulk’ gedrag ‘framily’ is van iemand anders van het bestuur … lag dat toch wel moeilijk. Dus volgde het advies: negeren en zwijgen. 

Doen we. Bah!  Ergens wou ik gehoor dat dit niet oké was. Maar langs de andere kant dacht ik: ‘Misschien overdrijf ik? Misschien valt dit wel nog onder te tolereren gedrag?’

Knop proberen om te draaien en denken: negeren, negeren en nog eens negeren. En vooral: professioneel blijven. Iets wat ik altijd hoog in het vaandel draag.

Die bewuste man zag ik gelukkig niet zo veel keer per jaar.  Dat hielp wel.  Maar toch, elke keer opnieuw kwam hij te dicht. En echt, te dicht.  Maar wederom: professioneel blijven.

Ook wanneer hij tragisch nieuws te verwerken kreeg, was ik er. Om te luisteren naar een vrijwilliger.  Eén van mijn taken: er zijn voor vrijwilligers. En dus ook voor iemand die ik liever niet te veel zag.  Troost bieden. Met woorden uiteraard. Waarop achteraf berichtjes volgden dat hij me liever in zijn armen had vastgehouden. Dat ik toch zo’n prachtige vrouw ben …   Onschuldig? Misschien wel.  Ik hield afstand.  Damn, waar was toen die sociale distance?

Maar ik kreeg ook suggesties om me te laten masseren door hem, een – houdt u vast – tantramassage. Reden: ik had te veel stress. 

Uiteraard heb ik dit NIET geaccepteerd, heb ik gezegd dat ik me echt niet comfortabel voelde bij de hele situatie.  Maar hij bleef volhouden en heeft het meermaals gevraagd.  En ik heb het meermaals genegeerd.  Aangezien ik wist dat ik bij het bestuur geen gehoor zou krijgen, zweeg ik.  Zwijgen … is goud waard?  Maar ik bleef niet zwijgen …

Eind juni 2020 legde de man zijn hand op mijn been. Na een hele litanie dat ik toch een goede man nodig had, iemand die me kon onderhouden … Ik trok weg. Verstijfde. En schrok.  Ik schrok van mezelf. Ik die tegen iedereen zou zeggen: ‘Je hebt toch gezegd dat dit niet kan? Of je hebt toch een mot gegeven?’ Ik zweeg.  Ik stapte uit de auto (wat een redding was op dat moment, want wat zou ik gedaan of gezegd hebben als het op mijn bureau was?)

Het was volop in de vakantieperiode, ik zag niemand van het bestuur en dacht: na de vakantieperiode moet ik hier toch iets van zeggen. 

Die kans kreeg ik niet.

Begin september:  een vergadering. De bewuste persoon zou mijn ‘rechtstreekse baas’ worden, om mijn werk te verlichten en te ondersteunen. Van een paar keer per jaar samenwerken naar twee tot drie keer per week samenwerken.  Samenwerken met de man voor wie ik een angst had ontwikkeld. De man die me met alle plezier een tantramassage wou geven en zijn handen liever te dicht bij mij legde … werd op vrijwillige basis mijn ‘baas’. 

Ik sloeg toe op dat moment.  Ik ben onmiddellijk naar de vertrouwenspersoon gestapt, heb melding gemaakt. Ik ben naar de huisarts gegaan en heb me thuis laten zetten. Het was de spreekwoordelijke druppel. Alles ging door mijn hoofd. Maar vooral: moet ik me nu bijna gaan prostitueren voor een goede job, ideale uren om te combineren met mijn kinderen? Het antwoord was duidelijk: neen! Dit moet ik niet tolereren. Dit wil ik niet. Dit kan ik niet!

Het heeft me moed gekost. Veel moed.  Maar ik heb alles, maar echt alles tegen het bestuur gezegd. Alle bewijzen van mails en sms’en, zonder gemene beschuldigingen. Zonder de woorden seksuele intimidatie of #metoo te gebruiken. Geschreven uit de hoop dat ik op een greintje menselijkheid en begrip zou kunnen rekenen.

Er kwam een gesprek tussen mij, het bestuur en de vertrouwenspersoon.  Een pijnlijk gesprek. Ze kozen de kant van de bewuste man. Een man met vele capaciteiten op zijn vorige job, goede connecties en hij had echt wel de beste bedoelingen met me. Er werd besloten de samenwerking met mij stop te zetten. Zodat ik beschermd zou zijn en tijd voor mezelf kon vinden. Een verademing. Ik die wel aan het overwegen was om terug naar het onderwijs te gaan, had dan ook snel weer een nieuwe job. Gelukkig maar!

Alles moest uiteraard officieel verlopen.

Officieel, maar niet eerlijk.  Integendeel.

De brief die ik kreeg: ‘ontslagen wegens het niet of onvoldoende uitvoeren van haar opgelegde taken.’  kwam binnen. Heel hard binnen.  Ik zweeg niet meer en werd gestraft.

Ik kwam op voor mezelf.  En werd gestraft.  Plots was ik de slechte.

Ik heb dan ook alles eventjes laten bezinken, maar een uitbetaling bleef even uit, waarop ik duidelijk heb gemaakt hoe pijnlijk het was. Hoe enkele vrijwilligers en de verpleging me contacteerden met de vraag wat er allemaal aan de hand was, want zo waren er ook verhalen dat ik hen plots verlaten heb wegens een andere job. Dat ik hen in de steek gelaten heb.  Anderen hoorden dan weer dat ik ergens een fout gemaakt had etc.  Maar niemand hoorde de waarheid van hen. 

En ik? Ik bleef met alle respect handelen. Naar hen, maar vooral voor de belangen van de organisatie waarvoor ik werkte. Voor die kinderen. Voor die kinderen die mijn hart gestolen hebben. Stuk voor stuk. Maar niet voor die mensen achter de organisatie. Daar walg ik intussen van.

Ik liet hen weten dat de reden van ontslag een leugen was en dat als ik geen andere job zou vinden, ik geen enkel recht had op een uitbetaling. Geen enkele! Maar het zijn duidelijk geen mensen met eer en geweten. Want ik kreeg te horen dat ik plots in september onwettig afwezig was. Say what? Ik ontving vandaag mijn C4. Eindelijk. Maar ook hier weer een dikke vette leugen als reden. 

Walgelijk! En vooral pure ongeloof!

Ongeloof dat de vrouw in deze tijden nog steeds gestraft wordt, wanneer ze opkomt voor haar rechten!

Ik ben geen eigendom. Ik heb geen bordje hangen met ‘raak me aan’ als ik een jurkje aanheb of zelf een broek. Gewoon NOOIT.  En het is niet omdat ik stress heb of een zere nek dat ik heel erg graag een tantramassage wil.

Maar dat twee vrouwen en twee mannen volledig de kant kiezen van de man met ongewenste intimiteiten dat kan er bij mij niet in.  Ze hebben gekozen in de belangen van de organisatie. Gekozen omdat hij in het bestuur zou moeten komen. Iets met geld, connecties en macht?

Ik walg van zulke praktijken. Ik walg van de mensen die zeggen dat de vrouw de aanleiding is.

Zwijgen is goud waard.  Maar ik vraag me af wat het nog waard is … Spreken is… zilver. En niet eens dat. Spreken is blijkbaar verliezen.

 

A.