Mijn bevalling: een rollercoaster door besmetting met listeriose

  • door Gastmama

Heel wat vrouwen ervaren hun zwangerschap, bevalling en kraamtijd als een heerlijke roze wolk. Tenminste… Zo wordt er vaak over verteld. Voor mij was het helemaal anders... ik had een miskraam achter de rug en was dus eerder onzeker terug zwanger geworden. En toen verliep ook de zwangerschap én de bevalling niet bepaald van een leien dakje. Dit is mijn verhaal. 

De zwangerschap

De zwangerschap was niet bijzonder vlot. Ik had allerlei zwangerschapskwaaltjes zoals misselijkheid, migraine, duizeligheid, rugpijn, hoofdpijn, huidirritatie en vooral… ik sliep ontzettend slecht. Al vanaf de derde zwangerschapsweek kon ik in het midden van de nacht uren wakker liggen, zonder reden! Zwanger zijn vond ik dus eigenlijk vervelend. In verwachting zijn daarentegen… heerlijk! Ik keek samen met mijn man ontzettend uit naar het kleine wondertje dat we zouden verwelkomen rond Kerstmis! We probeerden ons zo goed mogelijk voor te bereiden op de komst van ons prinsje. We fantaseerden over hoe het zou zijn met z’n drietjes.

Huilend in de badkamer

Ik was 26 weken in verwachting als ik me steeds minder goed voelde. Het wakker liggen leek z’n tol te eisen. Ik zat soms midden in de nacht huilend met pijnlijke ‘harde buiken’ in de badkamer. Hoewel ik mijn man niet wilde wekken, kwam hij me dan toch vaak troosten. Ik kreeg steeds minder eetlust en viel bijna twee kilogram af op korte tijd. Ik plaatste die ongemakken in mijn eerder vervelende zwangerschap tot dan toe.

Tot ik plots op ruim 27 weken zwangerschap ook hoge koorts kreeg, 39 graden. We belden het ziekenhuis voor de zekerheid even op en daar vond de arts van wacht het toch best dat ik even langs kwam. Ik werd aan een monitor gelegd en kreeg een koortsremmer. Er werd bloed genomen voor de zekerheid. Uiteindelijk mocht ik dezelfde avond naar huis want ik had vermoedelijk een virus.

De dag die erop volgde bleek ik echter weer erg ziek en die nacht moest ik wel in het ziekenhuis blijven. Aangezien ik al een hele zwangerschap slecht sliep, zag ik er enorm tegenop daar te blijven. Ik lag op een klein kamertje met een andere vrouw. Ze vertelde dat ze 13 weken zwanger was en al een hele zwangerschap ontzettend misselijk was. Ze kon niet meer eten. Hoewel ik er geen makkelijke zwangerschap had op zitten tot dan toe, leek het mij echt niet erger te kunnen zijn dan wat zij meemaakte.

Het verdict: listeriose

’s Middags kwam er een assistent-arts in de kamer binnen die zei dat uit mijn bloedresultaten bleek dat ik listeriose had… Listeriose?! Mijn hele zwangerschap lang had ik zo goed opgelet met eten! Ik begon meteen te huilen als de arts de kamer verliet. Ik dacht na over hoe ik in godsnaam zoiets had kunnen oplopen? Mijn mama was bij mij en probeerde me te kalmeren. We zochten wat informatie op via internet. Behalve preventie van listeriose, kon ik enkel terugvinden dat het zware afwijkingen, een spontane miskraam of doodgeboorte, en sterfte bij bevalling of zelfs na de geboorte kon veroorzaken. Ik raakte in paniek. Ik wilde ons schatje niet verliezen. Schuldgevoelens overvielen mij, maar tegelijk wist ik dat ik er niets aan kon doen.

Mijn man kwam aan in het ziekenhuis en mijn mama vertrok. Aangezien ik steeds meer harde buiken kreeg die middag, vroeg ik of ik in een bad kon zitten. Dat kon. Ik mocht in bad gaan. Dat gaf afleiding en zelfs wat rust. Maar als ik uit dat bad kwam, had ik weer koorts en de harde buiken volgden elkaar opnieuw op.

In de late namiddag kwam er opnieuw een arts aan mijn bed staan die zei dat er toch wat extra onderzoeken zouden gebeuren. Ik zou naar het bevallingskwartier gebracht worden daarvoor. Ik vroeg waarom dat op het bevallingskwartier moest gebeuren. Ze antwoordde dat ik die nacht waarschijnlijk zou bevallen.

Bevallen?! Ik was nog geen 28 weken zwanger geweest! 

Mijn buik, een gevaarlijke plek

Eenmaal op het bevallingskwartier aangekomen, wilden ze met een vruchtwaterpunctie kijken of de listeriose in mijn vruchtwater was terecht gekomen. Listeriose was erg gevaarlijk, zeiden de aanwezige artsen en kon zware schade toebrengen aan ons kindje. Ik moest mij volgens hen niet schuldig voelen, want het was uiterst zeldzaam en ik had brute pech gehad, zeiden ze.

Toch werd het schuldgevoel alsmaar groter, en de paniek natuurlijk ook. Ik voelde mij steeds alerter worden en had het ontzettend warm. Ik kreeg preventief antibiotica en longrijping toegediend. Ik merkte aan de uitspraken van de verschillende artsen dat er van 40 weken zwangerschap op dat moment geen sprake meer was. De vruchtwaterpunctie werd uitgevoerd. Ons baby’tje werd aan de kant geduwd en een grote naald kwam in mijn buik terecht. Hoewel ik doodsbang was, probeerde ik ijzersterk te blijven. Dat moest immers voor ons kleintje en onderging dus alles wat gevraagd werd.

Ik vond het verschrikkelijk te weten dat ik plots geen veilige omgeving meer kon bieden voor ons kindje. Misschien was ik zelfs de gevaarlijkste plek waar hij kon zijn… Ik bracht nog een hele nacht en dag door op die verloskamer en deed geen oog dicht. Ik kreeg een tweede injectie longrijping en antibiotica. Een hele lieve vroedvrouw sprak met mij over de onzekerheid, vroeggeboorte enz. Ik kon voor het eerst echt huilen en voelde me steeds rustiger worden.

Opluchting

Na enkele dagen was er het vermoeden dat de listeriose niet bij ons kindje zou geweest zijn. Wat een opluchting! We hadden zoveel geluk gehad! Ik moest nog drie weken in het ziekenhuis blijven voor een immense hoeveelheid antibiotica die de listeriose moest verjagen, en elke 4u tot 6u werd ik aan een monitor gelegd, zelfs ’s nachts… Dan werd er gekeken of alles goed ging met ons ukje… Erg vermoeiend vond ik dat, maar onder het motto ‘alles voor ons kleintje’, ging het vanzelf.

Op ruim 30 weken zwangerschap verliet ik het ziekenhuis met een extra dosis antibiotica geïnjecteerd in mijn spieren. Die dosis zou nog ruim 10 dagen werken en werd enkel toegediend voor de zekerheid. Normaal gezien kon de listeriose niet meer terugkomen. We waren door het oog van de naald gekropen! Hoewel ik nog wat verdriet had om de angsten die ik had gehad, was ik vooral ontzettend dankbaar dat mijn zwangerschap gewoon zou verdergaan.

Voorgevoel

Alles was achter de rug, maar toch had ik omwille van de contracties soms het gevoel dat ik misschien twee of drie weken eerder zou bevallen. Ik had dan ook een koffertje klaar gemaakt voor het geval dat… Ik had enkele mooie kleedjes voorzien voor mezelf na de bevalling, een toilettas, handdoeken en uiteraard… ons wondertje zijn eerste kruippakjes in een maatje 50 en enkele heel schattige rompertjes. Ik sliep goed, ik at goed, ik wandelde geregeld en ik probeerde te genieten van mijn zwangerschap.

Mijn voorgevoel dat ik te vroeg zou bevallen, bleek te kloppen. De timing echter niet… Nauwelijks twee weken later had ik opnieuw minder eetlust, dezelfde vreemde rugpijn van voorheen en ik kreeg lichte koorts. De nacht daarna kreeg ik weer contracties. Dat had ik wel vaker. Alleen gingen ze deze keer na een uurtje niet meer weg. Ik kroop in bad om de harde buiken te verzachten. Daar zat ik dan, om 5u ’s nachts in bad. Ik had zelf niet echt in de gaten dat ik eigenlijk weeën had. Wel merkte ik dat ons kindje nog nauwelijks bewoog. Ik werd bang.

Weer naar het ziekenhuis

Om 11u ’s morgens beslisten we om alles in te pakken en naar het ziekenhuis te gaan. We namen gauw mijn koffertje en stapten in de auto. De contracties werden tijdens de autorit steeds erger. Ik had nauwelijks enkele minuten tijd om te bekomen tussen mijn ‘harde buiken’ in. Aangekomen in het ziekenhuis zei ik tegen een verpleegkundige dat ik pijn had. Ze zei dat ze dacht dat ik aan het bevallen was. Ik schrok en zei dat dat absoluut niet kon, want dat ik maar ruim 32 weken zwanger was. Ze zweeg even, legde me op een bed en aan de monitor. Er werd bloed genomen en een echo gedaan.

Plots werd ik naar een verloskamer gebracht. Dit kon toch niet waar zijn? Ik voelde mezelf weer heel alert worden. De lieve vroedvrouw die ik enkele weken eerder sprak in de verloskamer, kwam binnen. Ze probeerde me gerust te stellen. De monitor werd aangesloten en zou voor meer dan 5 uur aan mijn buik hangen. Het ging niet goed met ons klein wonder. De artsen zeiden dat hij nog nauwelijks bewoog en dat zijn harttonen slecht waren en moesten opgevolgd worden. Als ik dat hoorde, stroomde paniek de kamer binnen. Contracties werden ondraaglijk pijnlijk en ik vroeg mij stilaan af of ik dan toch aan het bevallen was… 

Te zwaar

Rond 13u30 in de namiddag had ik geen tijd om te bekomen tussen de weeën, maar had mijn lichaam blijkbaar ook nog geen ontsluiting gemaakt voor een natuurlijk bevalling. Artsen kwamen en gingen. Er werd gesproken over infectiewaarden, weeënremmers, geen ontsluiting, geen beweging enz.  Ik probeerde opnieuw ijzersterk te zijn, maar voelde mezelf soms wegglippen. Urenlang volgden vreselijke contracties elkaar op, vaak met nauwelijks tijd tussen. Ik mocht niet in bad gaan omdat ik koorts had. Bewegen of draaien, was geen optie, want ik hing aan een monitor. Het werd geleidelijk aan stiller in mijn gedachten. Alles rondom mij werd wazig. Ik smeekte om verdoving, maar een epidurale verdoving kon ik niet krijgen, want dat zou het ziektebeeld verstoren. 

Af en toe kwam de vroedvrouw binnen om mij te kalmeren. Ik zag dat ze zag hoeveel pijn ik had. Om 18u50 kwam de prof gynaecologie binnen en zei dat ze vermoedde dat dezelfde listeriose was terug gekomen en dat ons zoontje mogelijk ook geïnfecteerd was. De vreselijkste gedachten kwamen in mij op… Listeriose was zo ernstig.

Ze zouden mij laten bevallen met een keizersnede. Een gewone bevalling zou immers te zwaar zijn voor het kindje, zo zei ze. Ik vroeg haar wanneer de keizersnede zou plaatsvinden. Dat zou ‘nu’ zijn. Hoezo ‘nu’? En bevallen met een keizersnede? Ik had daar helemaal niet bij stil gestaan dat dat zou gebeuren. Ik had een hele middag pijn gehad? Nu ineens bevallen? Ik was nog geen 33 weken zwanger? Ze zei dat zij ons kindje zou ‘verwelkomen’. Die woorden stelden mij opnieuw even gerust tussen alle paniek door. Ik werd enkele minuten later naar de operatietafel gebracht waar ik meteen epiduraal verdoofd werd.

Het leken slechts seconden, en daar was hij dan… Om 19.14 uur. Onze zoon. 

'Zorg goed voor hem'

Maar hij huilde niet. De stilte maakte opnieuw plaats voor paniek. Waarom huilt hij niet? Zou hij niet meer leven of heeft hij hersenschade opgelopen en kan hij niet huilen? De vroedvrouw zei met wat humor dat baby’tjes tegenwoordig na de geboorte niet moesten huilen. Dat stelde mij weer gerust.

Er werd mij gevraagd hoe ons kindje zou heten. Even vroeg ik mij af of ik dat wel mocht zeggen. Tot Kerstmis ging ik zijn naam immers niet uitspreken. ‘William’ zei ik. Enkele artsen zeiden proficiat en ik vroeg mij af waarom. Ik snapte het niet. Ik had hem op een vreselijke manier op de wereld gezet… Doodziek en veel te vroeg. Ik voelde mij ontzettend schuldig en schaamde mij zelfs terwijl ik daar lag.

Hij werd meteen na zijn geboorte meegenomen, en begon in de verte te huilen van de prikjes die hem werden gegeven. Zijn pril gehuil brak mijn hart. Mijn man mocht hem enkele seconden vasthouden, maar ik kon hem niet zien. William werd even later in een couveuse gelegd en weg gebracht. Mijn man moest meegaan en ik zei “Zorg goed voor hem”.

Gelukkig, angstig, suf en vol vragen

Na de afronding van de keizersnede kwam de vroedvrouw binnen die vroeg of ik borstvoeding wilde geven. Mijn eerste reactie was: 'Maar ik heb geen melk'.  Dat was geen probleem, dat kon op gang gebracht worden, zei ze. Ik zei meteen: 'Ja, ik wil borstvoeding geven!'.

Enkele seconden lang dacht ik dat ik mijn kindje zelf aan mijn borst borstvoeding zou geven… Wat een naïeve gedachte. Uiteraard kon dat niet. William kon immers nog niet drinken. De vroedvrouw zou manueel melk afkolven. Hoewel die pijn onvergelijkbaar was met wat ik die dag al meemaakte, kon ik dat er toen niet meer bij nemen. Het afkolven leverde enkele druppeltjes melk op die naar William werden gebracht.

Toen de vroedvrouw dan de verloskamer verliet, voelde ik mij helemaal leeg. Ik heb mij nooit in mijn leven zo eenzaam gevoeld als toen. Bevallen van een zoon bleef ik urenlang alleen achter. Zonder man, zonder kind. Ik voelde mij enerzijds zo fier en dolgelukkig, maar ook zo schuldig, angstig, suf, hyperalert, uitgeput, verdrietig… en vol vragen. Zou het goed gaan met hem? Zou hij pijn hebben? Als hij pijn heeft, of ziek is, is dat mijn fout… Zou hij zo een typisch geboortemutsje dragen?’ Zal ik hem mooi vinden? Wanneer mag ik hem laten voelen dat ik er ben voor hem?.'

Eerste keer gezien op foto

Na enkele uren liep mijn man buiten adem binnen met een foto van William. Ze hadden een foto genomen zodat ik hem kon zien. Ik schrok ervan mijn zoon voor het eerst op foto te zien, in plaats van in het echt… En ik schrok van zoveel draadjes. Ik zag dat ons zoontje opgezwollen was. Ik vroeg hoe het met hem ging. De artsen moesten allerlei dingen doen, zei mijn man. Hij lag ook in een couveuse blijkbaar. Nu moest er iets steriel gebeuren bij William en kon mijn man even weg.

Ik vroeg of William verdriet had. Hij zou af en toe gehuild hebben, maar was ook rustig. Hij had koorts blijkbaar, maar zou er iets tegen krijgen. Mijn man verliet na een halfuurtje de verloskamer om weer naar William te gaan. Hoe belangrijk ik dat ook vond… Ik was op dat moment ontzettend jaloers op mijn eigen man, want hij was wel bij William. En ik wilde William zo graag zien, maar kon er niet naartoe. Urenlang bleef ik nog alleen achter, maar gelukkig kon ik wel telefoneren met mijn ouders, en mijn zus. Dat gaf afleiding, afleiding van de eenzaamheid en de angst.

Leeg bed in de kraamafdeling

Uiteindelijk werd ik naar de kraamafdeling gebracht. Daar werd het babybedje in de kamer weg gezet toen ik arriveerde en lag ik op een aparte kamer aangezien ik zelf nog ziek was. In een andere kamer hoorde ik een baby’tje huilen. Die andere baby horen brak mij opnieuw. Ik moest wachten tot er iemand mij naar de NICU zou brengen waar ons zoontje lag. Het was ondertussen al ’s nachts.

Uiteindelijk kwam er rond 1u30 iemand binnen die mij die hele weg door het ziekenhuis reed naar een hypermoderne, steriele afdeling, de NICU. Ik kwam het kleine kamertje binnen waar hij lag, maar ik mocht hem niet vasthouden. Dat zou een beetje te zwaar zijn voor hem. Weer brak mijn hart. Ik wilde hem zo graag troosten en koesteren, laten voelen dat ik er was voor hem… Ik zag zijn broos lijfje liggen, volgeprikt met draadjes. Ik mocht zijn handje vasthouden, zei de verpleegkundige. Ik wilde hem over zijn hoofdje strelen, maar ook dat mocht niet, want dat hebben premature kindjes niet zo graag.

William lag daar rustig te slapen, maar wel ziek en koortsig. Na een klein uurtje werden we terug naar de kraamafdeling gebracht. Ik moest proberen te slapen en tot rust te komen, zei de nachtverpleegster. ‘Slapen en tot rust komen?!’ Ik heb die hele nacht geen oog dicht gedaan. Ik moest huilen, voelde mij schuldig, was klaarwakker… Ik wilde bij ons zoontje zijn. Ik vond het vreselijk dat hij de eerste nacht van zijn leven helemaal alleen, ingepakt in draadjes, achterbleef. Ik was zelfs bang dat hij me niet zou kennen. Ik voelde mij heel even zelfs geen mama meer. Alleszins geen goede mama.

Ik dacht na over hoe ik familie en vrienden op de hoogte zou brengen. Ik was enerzijds zo fier, maar anderzijds ook zo bang en beschaamd. Hoe zet je dat in een berichtje?

Het fantastische mamagevoel

Een dag later mocht ik William voor het eerst vasthouden. En toen voelde ik het wel, een overweldigend mamagevoel. Fantastisch! Hij was, ondanks zoveel draadjes, echt prachtig! De eerste dagen waren een rollercoaster van ongelooflijk geluk, verdriet en angst. We waren nog erg bang over hoe hij het er vanaf zou brengen en of de listeriose schade zou hebben aangericht.

En na een week moesten we thuis gaan slapen en William elke avond achterlaten in zijn ‘box’. Vreselijk vond ik dat. Ik was elke avond bang dat hij zou vergeten dat wij zijn mama en papa zijn.  Elke avond zat ik huilend in de auto en troostte mijn man mij. Slapeloze nachten had ik de eerste dagen thuis. Zijn leeg kamertje thuis vond ik vreselijk.

Steeds meer lichtpuntjes

Maar geleidelijk aan kwamen er steeds meer lichtpuntjes. William deed het steeds beter. De artsen en verpleegkundigen op de NICU waren ontzettend lief en betrokken. Ze zorgden heel goed voor William, én voor ons. Geleidelijk aan konden we hem zelf verzorgen en in bad zetten! Hij mocht ook zijn eerste kleertjes aan doen in een maatje 44 en we konden zachtjes liedjes zingen voor hem. De koorts ging weg en geleidelijk aan waren er steeds meer draadjes weg. Hij toonde zich als een minisuperheld! Hij overwon met antibiotica de listeriose en werd sterker en steviger.

Op 24 november 2015 mocht hij mee naar huis. Eén van de mooiste dagen van ons leven. Superfier was ik om hem eindelijk zijn ‘geboortekruippakje’ aan te doen en met hem door het ziekenhuis te wandelen. William heeft veel ‘babyongemakjes’ gehad de eerste maanden thuis, maar bleef het steeds fantastisch doen! Hij is een echte held, een kleine grote superman! We zingen nu nog steeds dezelfde liedjes voor hem, en zijn kamertje is nu goed gevuld met boekjes, speelgoed en vooral veel William.

En als hij ons ’s morgens ziet, lacht hij naar ons. Heerlijk!

Gastmama M.