Mijn kind gaat niet graag naar school

Geen paniek als je kind eens geen zin heeft om naar school te gaan. Net als mama's en papa's hebben ook kinderen weleens zin in een luilekkerdagje. Geef dan ook aan dat je dit wel begrijpt en dat het normaal is van eens geen zin te hebben, maar dat alle kinderen vandaag naar school gaan. 

Geen zin!

Het wordt echter wel een probleem wanneer een kind op regelmatige basis een scène maakt om naar school te gaan.  

De achterliggende reden

Bij kinderen die weigeren om naar school te gaan, is er wel vaker iets achterliggends aan de hand. Het is dan essentieel om op een rustige, veilige manier in gesprek te gaan met je kind; wat is er aan de hand? Is je kind bang om een bepaalde reden? Praat met je kind en laat je kind zijn verhaal doen, zonder te minimaliseren. Hij/zij zal wellicht graag gehoord willen worden. Probeer de vicieuze cirkel te doorbreken: ‘Als ik klaag en zaag, mag ik thuis blijven, dus dan doe ik dat in het vervolg ook’ en kijk of er een patroon is: maakt het kind op een bepaalde dag meer/minder problemen?

Te druk, te veel

Bekijk ook de dagelijkse gang van activiteiten: sommige kinderen hebben een zodanig druk weekschema (maandag: dans, dinsdag: logopedie, woensdag: ...), waardoor zij snakken naar rust. Het is belangrijk je kind niet te overladen met allerlei (verplichte) activiteiten die als doel hebben om te ontspannen, maar te veel van het goede zijn, waardoor ze meer spanning opleveren. Kinderen hebben voldoende rustmomenten nodig om alle gebeurtenissen en ervaringen te kunnen laten bezinken en te verwerken. 

Schoolfobie

Heel soms kan er sprake zijn van 'schoolfobie' of de angst voor school. Vaak zijn er dan ook lichamelijke klachten (vb. buikpijn). Verschillende redenen kunnen aan de basis liggen van schoolfobie:

  • Problemen binnen het gezin: de kinderen zijn bang om weg te gaan van de thuissituatie, omdat ze schrik hebben dat de ouders bijvoorbeeld opnieuw zullen ruzie maken.
  • Wanneer kinderen een bepaalde achterstand hebben opgelopen bijvoorbeeld door afwezigheid (ziekte), kunnen ze extra bang worden om opnieuw naar school te gaan. Ze zijn dan bang de achterstand niet te kunnen inhalen. Om die reden is het opnieuw belangrijk de vicieuze cirkel te doorbreken; hoe langer ze thuis blijven, hoe moeilijker om opnieuw naar school te gaan.
  • Scheidingsangst: wat vaker voorkomt bij jonge kinderen met schoolfobie. Het kind is bang om weg te gaan van de vertrouwde, veilige persoon of omgeving. Met tijd kan dit beteren, zeker ook wanneer de schoolomgeving meer gekend en veilig terrein wordt.
  • Sociale angst: het kind is bang om met andere kinderen om te gaan. Soms is er sprake van pesten en het kind voelt zich eerder eenzaam. Wanneer het kind beperkte sociale vaardigheden heeft, kunnen die wel geoefend en getraind worden.  

Enkele tips

  • Werk in alle gevallen zeker samen met de school. Ga in gesprek met de leerkrachten en de zorgfiguren. Misschien hebben zij signalen opgevangen waarom het kind niet graag naar school gaat. Zeker wanneer je kind vertelt wat er scheelt, blijft het belangrijk om de school te betrekken, zodat alle partijen het kind kunnen ondersteunen en er eventueel naar oplossingen kan gezocht worden.
     
  • Bij peuters/kleuters kan je consequente afspraken maken met de leerkracht: een vast afscheidsritueeltje installeren, waarop de leerkracht voor de nodige afleiders en positieve momentjes zorgt.
     
  • Geef je kind tijd om te wennen aan de nieuwe situatie (bijvoorbeeld bij de overgang naar het eerste leerjaar). Erken ook de twijfels en spanningen die dit met zich mee kan brengen. 
     
  • Vertel over jouw schoolperiode toen je klein was, de fijne en minder fijne gebeurtenissen. Je kan er een gezellig, fijn momentje van maken.
     
  • Sommige kinderen ervaren schrik over het schoolgebeuren door het verlies aan controle. In tegenstelling tot de gekende gang van zaken thuis, is de schoolcontext eerder een onvoorspelbare, spannende omgeving. Je kan hier rust in brengen door het verloop van de dag voorspelbaar te maken en ook aan de leerkracht te vragen om dit geregeld te doen. Ook gewenning is hier uiteraard belangrijk.
     
  • Eventueel, bijvoorbeeld bij schoolfobie, kan er een beloningssysteem gekoppeld worden aan het naar school gaan. De verworven stempeltjes of dergelijke, kunnen dan beloond worden met een gezellige activiteit in het weekend.
     
  • Wanneer je kind thuis blijft en je het vermoeden hebt dat het niet echt ziek is, kan het thuisblijven zo weinig mogelijk aantrekkelijk gemaakt worden. Geen tv, geen beloningen, ...
     
  • Vooral: blijf positief en empatisch en luister naar de ervaringen en gevoelens van je kind, de schoolperiode is een opstapeling van de éne gebeurtenis na de andere!
     
  • Bevorder sociaal gedrag: organiseer eens een speelpartijtje thuis met een klasgenootje.