Rouwen in coronatijden

  • door Gastmama

Mijn zoon is dood. Nee, niet door het coronavirus. Zijn niertjes ontwikkelden zich niet. We hebben hem moeten afgeven. Na bijna zes maanden zwangerschap. Hartverscheurend. Ondraaglijk. Oneerlijk.

Mijn zoon is dood. Hij komt niet meer terug. Ook niet als straks de restaurants en cafés weer open mogen. Ook niet als straks alle winkels weer open mogen. Ook niet als we elkaar straks weer mogen zien. Ook niet als er (hopelijk snel) een vaccin is. Ook niet als het coronavirus ons leven niet langer bepaalt.

Mijn zoon is dood. Net zoals de meer dan twaalfduizend andere Belgen die gestorven zijn, wel door het coronavirus. Sommige omdat ze oud en ziek waren, sommige omdat ze onderliggende aandoeningen hadden. Een ongelijke strijd. Sommige omdat ze gewoon brute pech hadden. Het verkeerde lotje getrokken. Sommige omdat ze besmet zijn geraakt door de onvoorzichtigheid van anderen.

Mijn zoon is dood. Ik mis hem. Keihard. Elke dag. Zo hard dat het pijn doet in elke vezel van mijn lijf. Ik heb nood aan mijn familie dicht bij mij. Ik heb nood aan mijn vriendinnen dicht bij mij. Ik heb nood aan mensen dicht bij mij. Ik heb nood aan knuffels. Veel knuffels. Maar dat kan nu even niet. Want ik volg de maatregelen. En dat is lastig. Heel lastig. Maar ik volg de maatregelen, want ik kan niet nog iemand verliezen.

Mijn zoon is dood. Ik rouw, in eenzaamheid, zonder knuffels. Want ik volg de maatregelen. Volg ze alsjeblief ook. Het is lastig. Heel lastig. Maar minder lastig dan iemand te moeten verliezen die je doodgraag ziet. Dan afscheid te moeten nemen in tijden waarin er zelfs geen ruimte is voor een volwaardig afscheid.

Mijn zoon is dood. Volg gewoon de maatregelen. Ook al is het lastig. Denk aan iedereen die de afgelopen maanden afscheid moest nemen van iemand. Door corona of niet door corona. Het maakt niet uit. Iemand verliezen is keihard. Zeker in tijden waarin we elkaar niet gewoon eens mogen vastpakken. In tijden waarin troosten op afstand moet terwijl troost net zoveel nabijheid vraagt.

Mijn zoon is dood. Volg de maatregelen. Red een mensenleven. Morgen wordt niemand beloofd.

Mama van Aster*