Sinterklaas als overgangsritueel

  • door Gastmama

Wat is Sinterklaas eigenlijk? Eerst en vooral is het een traditie die al generaties wordt doorgegeven van ouders op kinderen. Dat het al zo lang bestaat, geeft het op zich geen bestaansrecht. Maar voor we de traditie onder het mom van racisme of leugens weggooien, kunnen we best even stilstaan bij de functie van deze traditie. Stel je nu maar voor, dat we onze hele maatschappij ontwrichten door het weghalen van deze ene traditie.

Goed gedrag en beloning

Sinterklaas is in de eerste plaats een verhaal dat we aan onze kinderen vertellen. Heel traditioneel gaat het over goed gedrag en daarvoor beloond worden. Waarom kunnen we dat niet gewoon zelf? Hebben we daar een ‘goedheiligman’ voor nodig? Kunnen we niet gewoon zelf zeggen ‘als je je goed gedraagt, krijg je speelgoed’?

Ik denk het niet. Belonen werkt, maar niet op lange termijn. Kinderen hebben dit systeem al snel door en zetten het naar hun hand met alle gevolgen van dien. Waarom mag de sint het dan wel? Omdat hij alle kinderen cadeautjes brengt en omdat hij steevast zegt ‘er zijn geen stoute kinderen’. Hij leert ons dat alle kinderen er bij horen, dat ze inherent goed zijn en dat hij gelooft dat het ook goed komt.

Tegelijk geeft hij duidelijke waarden en normen mee. ‘Lief zijn, je broertje of zusje geen pijn doen, je huiswerk maken,…’ Uiteraard gekleurd door de eigen voorkeuren van de ouders die het vertellen. In tijden waar ‘god’ niet meer alomtegenwoordig is, hebben we iemand nodig om collectief naar te kunnen verwijzen. De sint laat ouders toe om de wet buiten zichzelf te leggen. Om autoriteit uit te dragen, geen macht, om het in de woorden van Paul Verhaeghe te zeggen.

Sociale ontwikkeling

Is het dan nodig om hen leugens wijs te maken? Geloof in iets dat we delen met anderen is een hoeksteen om sociaal te ontwikkelen. Elk kind in ontwikkeling gaat door een lange periode waarin ze moeilijk onderscheid kunnen maken tussen fantasie en realiteit. Er is een tijd waarin kinderen geloven dat kabouters echt zijn, dat ze wat ze zien op tv als waar aannemen. Hier grip op krijgen is een belangrijke ontwikkelingstaak die hun sociaal-emotionele ontwikkeling een boost geeft. Met de ontwikkeling van identiteit, met het vergaren van kennis, komt redeneervermogen.

Als wij, volwassenen het verhaal van de sint vertellen dan hebben we het niet over een realiteit, ook al ‘spelen’ we met z’n allen mee. Het oudere kind begint te zien dat het ‘spelen’ is, ontdekt dat de puzzelstukjes niet kloppen en merkt dat de details niet overeen komen. Dit kind komt vaak zelfstandig en in stilte tot een conclusie: ‘ik denk dat het niet waar is’. Vaak gaan kinderen dit vragen aan hun ouders en krijgen zij (liefst fantasie-) antwoorden die verklaren waarom het wel waar is. Hun rationeel denken wordt ernstig op de proef gesteld.

De meeste kinderen zullen een aantal jaar nodig hebben om tot de conclusie te komen ‘toch is het niet waar, ook al zeggen alle volwassenen van wel’. Dit moment van trots en zelfvertrouwen, van zelfstandigheid in denken, van moed om autoriteitspersonen aan te spreken over een beter weten is een cruciaal moment, een overgangsmoment.

Fantasie versus realiteit

Laten we onze kleine denkertjes omarmen met trots en hen uitnodigen in de wereld van de volwassenheid. Zij kregen grip op het verschil tussen fantasie en realiteit, zij staan nu open voor een volgende fase in hun ontwikkeling, namelijk het groepsfuctioneren. ’Je bent groot, je weet het, je hoort er nu bij én je speelt nu mee’. Je kan je eigen denken, je eigen waarheid met zoveel zekerheid vasthouden, dat je het ook kan loslaten ten dienste van het grotere geheel. We moeten jou niet meer zeggen dat je braaf moet zijn om cadeautjes van de sint te krijgen. Jij kan je houden aan de waarden en normen van onze gemeenschap zonder dat daar iets tegenover staat.

Elke cultuur heeft zijn overgangsritueel om kinderen toe te leiden tot volwassenheid. Kinderen starten dan een leven waarin ze een volwaardig lid zijn van de gemeenschap waar ze toe horen. Ze kunnen zelfstandig denken en zich houden aan de normen en waarden van de gemeenschap. Ze ‘voegen’ zich.

Vaak zijn er kinderen voor wie die overgang negatief gekleurd wordt. De waarheid wordt hen opgedrongen of niemand helpt hen om het grootse en de waarde van hun ontdekking te zien. Dan gaan ze uiteraard focussen op het verlies en dat is jammer. Laten we dit voorkomen.

Omgaan met moeilijke onderwerpen

Verhalen en sprookjes leren onze kinderen omgaan met moeilijke onderwerpen in ons leven. De boze stiefmoeder gaat niet over stiefmoeders. Maar gaat over boze moeders. En welke mama is er nooit eens boos op haar kinderen? Door er een stiefmoeder van te maken, maken we het onderwerp begrijpbaar, verteerbaar en verwerkbaar voor kinderen.

Ik ben opgegroeid met een sint, die duidelijk de wet incarneert ‘zo hoort het’ en heel veel pieten, in alle varianten (al durf ik het bijna niet te zeggen) gaande van ondeugend, druk, rustig, getalenteerd, wild, dom, slim, speels, managend, snoepend, verantwoordelijk, grappig, onhandig, stout en braaf. De sint is een god, en mag voor mij gerust zwart zijn, net zoals er zwarte kerstmannen zijn. Maar dan moeten alle pieten wit zijn, want het gaat over de tegenstelling. In die tegenstelling kunnen we zien, dat er maar één (lees niemand) heilig is en dat er veel mensen in alle soorten zijn, die er ook allemaal bijhoren. Of het nu pieten of elfjes zijn.

Socialiserende functie

Dus voor we Sinterklaas ondermijnen, moeten we misschien toch even stilstaan bij zijn socialiserende functie. In plaats van ouders met de vinger te wijzen, Sinterklaas af te doen als passé, van de daken te schreeuwen dat hij juist wel echt is of moet verdwijnen (vooral zijn pieten dan), kunnen we ouders ook ondersteunen in hoe ze kinderen op het einde van hun sinterklaastijd erbij halen en hen uitnodigen in de wereld die we samen vorm geven. Dan kunnen we dit sinterklaasritueel met z’n allen omarmen en er het mooie van zien.

En nee dus, Sinterklaas is niet schadelijk voor kinderen.

Inneke Thyssen, kinderpsychologe