Slapeloze nachten (nooit gedacht dat gesnurk mij zo tot rust kon brengen)

  • door Gastmama

Als je dacht dat Castle Black goed omwald was, moet je mijn ogen eens zien. Ik speel dan ook al een jaar van Night’s Watch met een huidhongerige baby aan of tegen mijn borst. In het diepste van anderen hun dromen, ijsbeer ik langs de muur van zijn kamer. Wiegend, wiebelend, soms stilletjes wenend.

Twijfel kruipt als een koude rilling onder mijn huid. In mijn hoofd. Is er meer aan de hand? Neem ik hem te snel op de arm? Ik wijs mezelf met de vinger: ‘vertrouw nu gewoon op je gevoel.’ Dus volg ik de warme, liefdevolle golf die mijn handen, voeten en lippen in beweging brengt. Op en neer. Cirkelend, stappend, sussend, kussend.

Stof tot nadenken

Er zijn uren dat ik radeloos ronddool. Heel soms zelfs razend. Maar vaak stap ik midden in het moment, midden in de nacht: ik moet hem toch troosten, dus kan ik de tijd beter omhelzen dan te vertikken. Ik maak de klik. Mon en ik, we snoezelen samen in het holst van de nacht. En als ik voorbij het venster slenter, sta en staar ik even stil. Verre sterren geven stof tot nadenken. Want te veel ouders omhelzen alleen nog een hemellichaam. Zij liggen wakker in het diepste van hun nachtmerries. Zij zouden genezen van gebroken nachten. Zij verdwalen ijsberend in de koude plassen van hun verdriet, stilletjes wenend.

Alles klopt

Liefde borrelt als een warme bron onder mijn huid. In mijn hoofd. Mijn hand rust vredig op zijn rug en ik omarm elke vluchtige seconde. Adem. In, uit. In, uit. In, uit.

Hij slaapt. Ik laat hem zachtjes zakken op zijn matras en geef hem terug aan de nacht. Hij snurkt. En hoewel mijn vriend in dat geval een stamp krijgt, is het nu alleen mijn hart dat stampt. Alles klopt. Van kop tot teen, van krop tot traan. Ik loop net niet over van ontroering.
Nooit gedacht dat gesnurk mij zo tot rust kon brengen.

Slaapwel lieve schat.

Snurk zacht.

 

Deze blog verscheen eerder op Rienderien.