Terug in de tijd: 1 september

De grote vakantie begint stilaan in te korten en 1 september komt met rasse schreden dichterbij… Ik schreef dit stukje toen mijn oudste, intussen al een flinke dochter van net geen 7 jaar, naar het tweede kleuterklas ging.

‘Mama, ik wil niet naar juf Ann’

1 september. De spanning zindert in de lucht. Het kleine mensmeisje levert een halfuur lang een verbeten gevecht met zenuwen en, diep in de keelholte verborgen, traantjes. Het is de eerste dag in de tweede kleuterklas, bij een NIEUWE juf nog wel. Huh? Niéuwe juf? Dus geen Els meer? Juf Els, formerly known as Superjuf Els?

 

Eerste reactie: ‘Mama, ik wil niet naar juf Ann.’

Tweede reactie: ‘Jullie moeten mee naar mijn klas.’

Derde reactie: ‘Mimi (haar grote nicht) moet mee.’

Om dan in een nadenkend zwijgen te vervallen.

‘Nee, mama en papa moeten mee.’

Beteuterde blik

Ze probeert ons er nog van te overtuigen dat dat een leuk idee is, maar we geven zachtjes aan dat haar plan niet echt haalbaar is. Een beteuterde blik uit twee grote bruine ogen is het gevolg. Gelukkig geeft ze nog de concentratie van een eekhoorn en dwarrelt haar aandacht rond als losse herfstbladeren, naar haar zus, haar boterham of gewoon een verdwaalde vlieg.

Op school houdt ze zich kranig. Eén keer nog richt ze haar hoofd omhoog, twee grote kijkers vragend naar het moederschip wendend, om dan ineens het vriendinnetje op te merken. Daaa-aag! Your services are no longer required.

Alles is relatief

Om half vijf zitten we alweer in de auto, op weg naar huis. Ze deelt haar eerste indruk in losse zinnetjes mee: ‘Juf Ann was grappig. Gespeeld met Inte. Gespeeld met de barbies. En nog gespeeld, maar dat weet ik niet meer zo goed. (in de bocht) Wow mama, een huis met een megagroot zwembad! Zo cool! (volgende straat) Is het morgen mijn verjaardag mama? Yes!’

Om maar te zeggen dat alles relatief is als je, op één dag na, vier bent. Het grote verdriet van de ochtend was al in geen velden en wegen meer te bespeuren na school. Yes, terug nieuwe dingen leren, knutselen, tekenen, en vooral, iemand om naar op te kijken: Juf Ann. Superjuf Ann? Daarvoor was het nog even te vroeg, maar toch al Grappige juf Ann.

‘Vond je het echt zo leuk?’ pols ik nog even voor de zekerheid. ‘Ja mama. Mijn hartje was zo blij vandaag… Het was aan het lachen! Maar ik heb je wel heeeeel hard gemist!’