Vraag/antwoord: "Help! Mijn zoon van drie staat ieder uur op ... en ik ben oververmoeid"

Vraag:  Help! Mijn zoon van 3 jaar slaapt niet door 's nachts. Ik heb al vanalles geprobeerd maar zonder succes. Hij staat ieder uur op en is om 6u al klaar om naar beneden te gaan. Hebben jullie soms nog tips? Groetjes een oververmoeide mama...

Antwoord van ontwikkelingspsychologe Inge Glazemakers

Dag mama,

Je vraag gaat over een combinatie van 2 problemen (’s nachts wakker worden en vroeg wakker worden), ik heb mijn tips over ook in die twee delen opgesteld.

Wat het ‘s nachts opstaan betreft is het misschien goed om te weten dat iedereen ‘s nachts wakker wordt tussen slaapcycli in, maar dat je je er vaak niet meer bewust van bent de volgende ochtend. De meeste mensen draaien zich immers om in bed en slapen daarna rustig door. Kinderen die moeilijker inslapen of hier hulp bij nodig hebben (bv. Mama of papa die bij hen moeten blijven) en ’s nachts wakker worden gaan ook op zoek gaan naar diezelfde hulp. Het is dus belangrijk dat kinderen zelfstandig leren inslapen, zowel ’s avonds als ’s nachts zodat ze jouw hulp daar niet steeds bij nodig hebben.

Wanneer je kind moeilijkheden heeft met het slapen is het belangrijk dat je alle aspecten van het slapen zo optimaal probeert te beïnvloeden. Focus je dus niet enkel op het stukje van de slaap dat net iets minder loopt, maar bekijk het gehele plaatje.

Het ontwikkelen van een “positieve routine” ’s avonds voor het slapen kan helpen om je kind mentaal voor te bereiden op het slapen. Wanneer je kind mentaal niet klaar is om te slapen, kan het zijn dat je kind uiteindelijk wel in slaap valt maar onrustig is zodat het doorslapen misschien moeilijker verloopt. Een positieve routine bestaat er uit dat je de dag samen met je kind afsluit met een rustige activiteit die je kind leuk vindt (bv. Een spelletje spelen, een puzzel maken, …).

Hierop volgt een slaapritueel dat eveneens voorspelbaar gemaakt wordt voor je kind (elke stap in het slaapritueel heeft een vaste volgorde: bv. Eerst pyjama aan, dan tanden poetsen,…). Het kan helpen om dit te visualiseren met behulp van prenten of foto’s. Een slaapritueel duurt best ook niet langer dan een half uur zodat je kind nog de link kan leggen tussen het afronden van de laatste activiteit en het slapen. Kinderen die hun bed en dus ook slapen associëren met een gevoel van geborgenheid en veiligheid zullen ’s avonds en ’s nachts makkelijker zelfstandig kunnen inslapen/doorslapen.

Daarnaast is het belangrijk om een dagelijks routine aan te houden met een vast slaapuur en een vast uur om op te staan (zowel tijdens de week als in het weekend). Dit is belangrijk voor de slaapkwaliteit omdat deze mee bepaald wordt door ons bioritme. Een bioritme dat beter functioneert wanneer we een stabiel slaap-waakritme aanhouden.

Uit bed komen

Wanneer je kind steevast uit bed blijft komen ’s nachts kan je als ouder op twee dingen letten. Eerst en vooral is het belangrijk dat het kind beloond wordt wanneer het in bed blijft (in mijn boek 'Slaap zacht') staat uitgebreider uitgelegd hoe je een beloningssysteem best aanpakt). Daarnaast is het belangrijk dat je kind in staat is zelf in slaap te vallen en dit is een vaardigheid die elk kind op een bepaald moment moet aanleren. Hiervoor zijn er verschillende manieren, maar één mogelijke oplossing zou kunnen zijn dat je je kind opnieuw naar bed stuurt, eventueel het laatste stukje van je slaapritueel herhaalt (bv. nog even over het hoofdje aaien, een dikke zoen geven en slaapwel zeggen), dan de kamer verlaat met de mededeling dat het tijd is om te slapen.

Een slaapdagboek kan je meer zicht geven op de slaap van je kind (hoeveel uren slaap krijgt je kind op een dag? Wordt het steeds op dezelfde momenten wakker? Kan je het(vroeg) wakker worden linken aan gebeurtenissen overdag?) Een voorbeeld van een slaapdagboek kan je vinden op het eind van mijn boek, maar bv. ook op de website van CM (www.cm.be/slaapwel).

Door het slaapdagboek bij te houden kan je veranderingen in kaart brengen en kan je dus ook registreren of je aanpak werkt. Vaak zien we echter dat wanneer je je aanpak verandert, het probleemgedrag (hier dus het opstaan) eerst verergert vooraleer het verbetert. Volhouden is dus de boodschap! Wanneer je echter merkt in het slaapdagboek dat er geen verbetering is nadat je je aanpak gedurende twee weken consequent hebt volgehouden, is het raadzaam om hulp in te schakelen. Dit kan iemand zijn die je helpt in je aanpak van het probleem en je helpt om zicht te krijgen in bepaalde patronen omtrent het slaapgedrag van je kind te herkennen (zie bv. op www.groeimee.be voor opvoedingshulp in je buurt), of dit kan een slaapcentrum zijn dat het slaappatroon van je kind verder in kaart brengt.

Vroeg opstaan

Wanneer je naar het vroege opstaan gaat kijken zijn er eveneens een aantal dingen die je uit het slaapdagboek kan halen. Kijk bijvoorbeeld naar het aantal uren slaap dat je kind heeft op een dag (dus 24u), en bekijk hoe je kind gedurende de dag functioneert. Misschien zal je kind om 6u wel klaarwakker zijn, maar valt het in de vroege vooravond opnieuw in slaap. Is dit het geval? Dan kan je gradueel het inslaapuur proberen naar achter te verschuiven door je kind iets langer wakker te houden.

Moet je kind tijdens de week ook om 6u opstaan, dan is het bioritme van je kind hierop afgesteld en zal het op den duur inderdaad elke dag om 6u wakker worden. Regelmaat aanhouden is zoals reeds vermeld belangrijk voor de slaapkwaliteit. Sommige kinderen hebben hun vroege wek-uur in hun genen geprogrammeerd staan, in dit geval kan je je kind waarschijnlijk niet toe brengen om effectief langer te laten slapen.

Wat je wel kan doen is je kind leren dat het nog even stilletjes in de kamer moet blijven tot het afgesproken uur. Een slaapwekker kan hierbij helpen.