Vraag/antwoord: "Mijn baby doet veel te korte dutjes en is moe. Wat kan ik doen?"

VRAAG:

Ik zit al even te zoeken op internet, maar vind geen hulp, dus probeer ik het bij jullie... Ons zoontje van 4,5 maand doet steeds dutjes van 40 minuten (je kan er je klok op gelijk zetten), om dan wenend wakker te worden. Hij is nog moe wanneer hij wakker wordt, maar niet meer in slaap te krijgen (heel soms lukt het in de draagdoek wel), dikwijls is hij overstuur. Deze namiddag is hij aan zijn 3de dutje bezig...

Ook aan zijn nacht begint hij met een dutje van 40 minuten, dan weer even wakker, om vervolgens echt aan zijn nacht te beginnen. Weten jullie raad?
Alvast bedankt!

Antwoord van slaapexperte professor Inge Glazemakers

Er zijn verschillende mogelijke oorzaken die de slaap van je zoontje zouden kunnen onderbreken. Om een goed beeld te krijgen van wat er juist bij jouw zoontje aan de hand is, is het belangrijk om even een aantal zaken goed in kaart te brengen. Dit is niet altijd even gemakkelijk, omdat je soms in een vicieuze cirkel kan raken. Baby’s slapen beter wanneer ze niet overprikkeld zijn, maar wanneer ze slaaptekort hebben kunnen ze net heel prikkelbaar worden.

Eerst en vooral is het belangrijk om in kaart te brengen hoe en waar je zoontje in slaap valt en wat hij nodig heeft om opnieuw in slaap te vallen. 

Zijn er externe oorzaken die je zoontje wekken (bv. straatgeluiden) of kan hij beter slapen in een verduisterde kamer? Om hier zicht op te krijgen kan het invullen van een slaapdagboek helpen. Elke keer dat je zoontje gaat slapen noteer je hoe (spontaan, terwijl je hem in slaap wiegde,…) en waar (in bed, in de draagdoek, …) hij in slaap gevallen is en hoe lang hij geslapen heeft, vermeld hierbij uitzonderlijke omstandigheden (bv. je was op een familiefeest) en hoe zijn stemming was bij het inslapen en wakker worden (bv. rustig ingeslapen, ingeslapen na hevige huilbui,…). Hou het dagboek een week bij om te zien of je elementen kan vinden die bijdragen tot een goede slaap.

Slaapassociaties

Baby’s (en kinderen) maken soms associaties met dingen die aanwezig zijn op het moment dat ze in slaap vallen en zich veilig en geborgen genoeg voelen om in slaap te vallen. Denk hierbij aan verschillende dingen zoals een tutje, beweging (als je met hem rondloopt), voeding (zowel borst- als flesvoeding), warmte omdat je hem vasthoudt, het geluid van je hartslag of je geur omdat hij op je ligt. Wanneer dit 'veilige element' niet meer aanwezig is, kan het zijn dat hij alerter zal reageren op het moment dat hij van een slaapfase naar een andere overgaat. Hij zal op dit moment immers weer nood hebben aan die veilige associatie om met voldoende rust verder te kunnen slapen. 

Veilig bedje

Om je zoontje te leren dat zijn wiegje/bedje een veilige plek is, is het belangrijk om hem er al in te leggen wanneer hij nog wakker is. Je kan beginnen met hem in zijn bedje te leggen op het moment dat je ziet dat hij zich aan het settelen is om in slaap te vallen, maar nog wakker is. Sommige kinderen zullen hierbij protesteren omdat ze langer vastgehouden willen worden. Je kan in dit geval in het begin nog laten voelen dat je er bent (bv. door je hand op zijn buikje te houden/wrijven) en zachtjes tegen hem te praten. Neem hem niet meer uit zijn bedje, maar probeer hem te troosten terwijl hij in zijn bedje ligt. Door je aanwezigheid stelselmatig geleidelijk aan te verminderen zal hij leren om zelf in slaap te vallen.

Blijf in tussentijd je slaapdagboek bijhouden om te zien of er verandering in de situatie komt. Indien niet, aarzel dan niet om advies in te winnen (bv. bij je pediater, huisarts, Kind & Gezin).