Wat als … opvoeden een sport was?

Hoe langer ik papa ben, hoe meer parallellen ik zie tussen sport en mijn gezin. Dus wat als we opvoeden nu eens als een sport bekijken? Of een combinatie van sporten. Want ik denk dat alle deelnemers het met mij eens zijn dat opvoeden een multidisciplinaire sport is. Zoals het principe van een tienkamp in het atletiek waar je verschillende disciplines combineert over enkele dagen.

Het succes van het programma de Container Cup bewijst dat het hip is om sporten te combineren en daar een willekeurige puntentelling bij te verzinnen. Je doet maar wat. Net zoals een peuter die leert tot tien tellen. De volgorde telt niet en dubbel tellen mag. Het belangrijkste is dat je als deelnemer mooi lacht als de camera’s draaien en doet alsof alles vanzelf gaat. Aan de zijlijn staan er een hoop commentators die – uiteraard – wat staan te lachen met jouw okselvijvers.

Dat klinkt dus helemaal zoals kinderen opvoeden.

Ik doop deze nieuwe sport tot… legiokamp. Legio betekent immers ‘oneindig’ of ‘ontelbaar’. De deelnemers, ouders, zijn dus legiokampers. De deelnamevoorwaarden zijn heel eenvoudig: papa of mama zijn van minstens één kind.

Legiokamp

Laat mij beginnen met de duurtijd van een wedstrijd legiokamp. Da’s heel eenvoudig. Een wedstrijd legiokamp stopt nooit. Nooit. Heel af en toe is er een rustpauze. Uiteraard, het moet doenbaar blijven want de sport leeft van een dagelijkse instroom van nieuwe deelnemers. Verwacht wel niet veel van die pauze. Het is eerder een rustpauze zoals een marathonloper die een bekertje water nuttigt tijdens een wedstrijd. Al lopend en de helft giet hij over zijn hoofd. Je blijft hollen, je krijgt geen tijd om op adem te komen. Je kan ook niet anders. Want de wedstrijd stopt nooit. Nooit.

Cricket is een sport met een van de langst durende wedstrijdvormen die ik ken. Wikipedia leert mij dat in 1939 Zuid-Afrika en Engeland 43u en 16 minuten speelden, gespreid over elf dagen. Dat betekent dus ook dat ze ongeveer 221 uren niét speelden. Met de laatste statistiek lachen legiokampers. Niét spelen, is iets wat zij niet kennen. Legiokamp stopt nooit. Maar dat had ik al geschreven zeker?

Trouwens: die langste cricket wedstrijd ooit eindigde onbeslist…

Tienkampers zijn de meest complete atleten ter wereld, zegt men. Dit moet ik heel even corrigeren. Ze worden los voorbij gestoken door legiokampers. Ik wil maar zeggen: een tienkamp duurt twee dagen. Op dat moment ligt een mama nog in de kraamkliniek, bezig aan haar opwarming. De papa loopt ondertussen de muren op. Dan is 1.500 meter lopen op het einde van zo’n tienkamp een eitje.

Doping

Wat uniek is, is dat tijdens een legiokamp doping is toegestaan. De definitie doping is wel rekbaar. Elke deelnemer geeft er zijn eigen invulling aan. De ene doet het op koffie, de andere op witte wijn en nog iemand anders roept de hulp in van fastfood. Alles mag, alles kan. De collegialiteit is gigantisch. Taboes zijn er amper want ouders delen ongegeneerd foto’s van hun dopinggebruik op sociale media en moedigen elkaar zelfs aan.

Maar nu concreet, wat moet een deelnemer kunnen om zich te meten in een legiokamp. Welke disciplines komen aan bod?

Disciplines

Zoals bij een triatlon sta je voor dag en dauw op. Maar in plaats dat jij in het koude water springt, komt het water naar jou. Of die kans is toch groot als je deelneemt als ouder van een zoontje dat houdt van scherpschieten. Je kan wel niet klagen: het water in je gezicht is op een warme aangename lichaamstemperatuur.

Daarna start een judokamp. Je kind moet zich wassen en kleden. Je scoort een ippon als het kind twee dezelfde kousen aanheeft. Oh ja, deze discipline is tegen de tijd. Wel, ’t is te zeggen: je hebt géén tijd want jij moet op tijd naar je werk en je kind op tijd naar school. Deelnemers vergelijken deze discipline vaak met schaken omwille van de tactische vindingrijkheid die je hier aan de dag kan leggen. Leg je het slecht aan boord dan ontaardt de judokamp in een bokskamp. Een gouden tip: vermijd dit want je kind heeft lak aan de regel dat ‘onder de gordel niet mag’.

Tijdens legiokamp heb je ten alle tijde het gevoel buitenspel te staan. De vergelijking met voetbal is hier dus niet ver te zoeken. De vrouw snapt er vaak niets van, de man dénkt dat hij het snapt. Maar je kinderen fluiten je de hele tijd terug. En ze fluiten je uit. De spreekkoren kwetsen. Van ‘jij bent mijn beste vriend niet meer‘ tot de klassieker ‘neeeeeeee‘.

Voordat de moed in je schoenen zakt, heb ik wel een oppepper. Ritmisch gymnastiek levert je eenvoudig punten op mits wat (gespeeld) enthousiasme. Op muziek van Frozen en Maya De Bij krijg je de kans om te excelleren met je stijlvolle heupbewegingen. De jury kan hier gul met lovende commentaren gooien en wie weet je zelf herbenoemen tot ‘hun beste vriend’.

Een onmisbare competentie bij legiokamp is hoog en ver kunnen springen. Speelgoed en bergen was komen op je speelveld te liggen waar je als een fietsende berggeit over kan of die je als een volleerde hamerslingeraar katapulteert richting de desbetreffende mand. En terloops kan je een driepunter scoren als dit lukt met een huilende baby op je arm.

En we kennen allemaal wel polsstokspringers. Een spectaculaire sport. Tijdens hun aanloop houd je je adem in en hoop je dat ze zonder problemen over de lat geraken en op de juiste plaats landen op de mat. Wel, die vergelijking geldt ook voor kinderen die met een vork eten in hun mond mikken. Punten scoor je telkens een hap in hun mond terechtkomt. Helaas krijg je punten in aftrek voor elke portie die op de grond belandt. Maak je geen illusies: zelden scoren deelnemers op deze proef een resultaat boven nul.

Een verrassende discipline is misschien geocaching. Vooral omdat je geen kompas hebt, noch een kaart. Je hebt geen enkele tip om die verdomde knuffel van je kind te vinden nét voor het slapengaan. Op zoek naar de knuffel veeg je als een gek de vloer, als speelde je curling. En vliegt er een spin of wesp binnen in je huis dan start plots de volgende sport: kleiduifschieten, maar dan met een vaatdoek.

Je blinkt ook best uit in bmx wanneer je kind leert fietsen en je ondertussen zelf verschillende hindernissen op de weg probeert te ontwijken. Een eigenschap die tijdens het winterseizoen, want ja: legiokamp is een sport van alle seizoenen, van pas komt tijdens het bobsleeën. Trekken aan een slee is trouwens een win-win discipline. Je kweekt meteen spierkracht voor tijdens het kogelstoten met je zoontje in de zetel. Iets wat je ontelbare keren moet herhalen totdat je arm van je lichaam valt.

Er zijn uiteraard klassieke disciplines zoals tikkertje, paardje rijden en verstoppertje. Die behoeven weinig uitleggen. Maar er is bijvoorbeeld ook touwtje trekken, of ‘kindje trekken’ zoals legiokampers zeggen. Dat gaat zo: je kind ligt roepend op de grond en weigert te doen wat je zegt. De enigste optie is het kind op te heffen en mee te nemen. Op zich valt dit mee. Het wordt pas écht een uitdaging als je op verplaatsing speelt zoals in de supermarkt of schoenenwinkel waar het publiek massaal aanwezig is.

En wat mag zeker niet ontbreken? Uiteraard: de zwemcompetitie. Zwemmen is veel gezegd. Waterpolo of onderwaterhockey past beter als je het haar van je kind probeert te wassen. Trekken, bijten, slaan… alles is toegelaten in deze bikkelharde discipline.

#Corona

Het mag duidelijk zijn, legiokamp is een sport in opmars. Er vond onlangs zelf voor het eerst een WK legiokamp plaats. Deelnemers moesten thuis maandenlang met een minimum aan hulp van buitenaf zien te overleven terwijl ze zowel hun werk als de zorg voor hun kindjes moesten combineren. De kinderen mochten niet naar school, noch naar de grootouders of vriendjes.

#Corona.

Maar hoe zit het nu met de score van legiokamp? Wel, dan verwijs ik naar het tennis. Daar spreken ze zo mooi van een love game. En dat is legiokamp toch vooral: een love game.

En weet je waarom? Bij een love game scoort een van de twee spelers geen enkel punt. En dat is wat er bij legiokamp gebeurt: het lijkt alsof je geen enkel punt scoort, continu in het verliezende kamp staat en enkel maar kan dromen van de overwinning.

Legiokamp is een harde sport. Waarom doen zoveel deelnemers over de hele wereld mee?

Wel, uit liefde voor de sport.

 

Deze blog verscheen eerder hier.