Wat als brussen aan het ruziën gaan?

Ruzies en verhitte discussies tussen broers en zussen zijn onvermijdelijk. Leuk is het niet, maar er is ook goed nieuws, want ruziemaken is niet altijd slecht. Een beetje kibbelen leert kinderen namelijk omgaan met verschillen en de lessen die ze eruit trekken kunnen ze gebruiken in de toekomst.

Geef hen de kans om ruzie zelf op te lossen

Je probeert het te vermijden, maar tevergeefs. Voor je het weet staat er iemand aan je mouw te trekken om gelijk te krijgen of om de andere zijn verdiende straf te zien krijgen (en daar achteraf een ietsiepietsie van te genieten). Toch is het soms beter om het vanop een afstand te bekijken.

Want als mama of papa een einde maken aan de ruzie, dan leren kinderen niet op zoek te gaan naar een construcieve oplossing. Het conflict is dan misschien wel bedaard, maar onderhuids of gevoelsmatig zetten je kids het wel verder. Geef ze de ruimte om hun ruzie zelf op te lossen en een interessante ervaring op te doen. 

Hoe doe je dat in de praktijk?

Ook bij kinderruzies heb je uiteraard gradaties.

Onschuldige discussies kun je het best negeren. Gewoon diep inademen, jezelf voorhouden dat je het gebakkelei niet hoort en dat het ook wel leerrijk kan zijn.

Dreigt de boel te escaleren (je ziet de haarplukken nog net niet in het rond vliegen), dan kun je de bekvechters met een paar eenvoudige stappen op weg helpen naar een staakt-het-vuren:

  • Benoem en erken de gevoelens van elk kind.

‘Oei, ik zie dat jij erg boos bent, en dat jij verdrietig bent.’

  • Reflecteer over en benoem beide (of meerdere) standpunten.

‘Zo, dus jij was met de poppen aan het spelen en je vond dat wel fijn op je eentje.’

‘En toen jij je zus zag spelen, wilde je graag meedoen.’

  • Benoem het probleem, zonder het te minimaliseren.

'Oké, we zitten met een probleem: twee kindjes die tegelijkertijd met dezelfde poppen willen spelen.’

  • Toon en benoem je vertrouwen in hen. Laat blijken dat je denkt dat ze zelf een eerlijke oplossing kunnen vinden.

‘Ik denk wel dat jullie zusjes een oplossing kunnen vinden die eerlijk is voor jullie allebei.’

  • Trek je even terug en geef je kinderen de kans om het uit te klaren.

‘Denk er eens over na, overleg wat, terwijl ik even naar het toilet ga.’

  • Merk je dat ze geen idee hebben hoe het conflict op te lossen, dan kun je extra aanzetjes geven

‘Misschien kunnen jullie elk met een verschillende pop spelen of samen voor één pop zorgen.’

how2talk2kids cover

En als het écht uit de hand loopt...

Moet je toch strenger ingrijpen – lees: de oorlogszone wordt alsmaar meer uitgebreid – leg dan uit dat er een beslissing zal volgen die voor niemand leuk is. Benadruk ook dat jullie later op de dag nog afspraken zullen moeten maken voor het geval er zich binnenkort een gelijkaardig probleem stelt.

Loopt de situatie zodanig uit de hand dat er tandafdrukken en blauwe plekken zitten aan te komen, vul de bovenstaande stappen dan zeker aan met het afbakenen van duidelijke grenzen (elkaar pijn doen = niet oké) en las de nodige afkoeling in. Laat de ruziemakers stoom afblazen en boos zijn in een veilige ruimte (niet samen dus, wil je extra blauwe plekken vermijden) voor je ze weer met elkaar laat praten om een oplossing te zoeken.

Gouden tip: haal het boek How2Talk2Kids (Broers en zussen zonder rivaliteit) van Adele Faber en Elaine Mazlish in huis. Een echte aanrader: leuk geschreven, leest vlot en bevat tal van voorbeelden en situaties.