Zij is klaar voor school, maar ik nog niet

  • door Mama

Nog twee weken en het is zover: de snoezemie gaat naar school. Het gaat mijn mensenverstand te boven. Dat het moment waar ik zo naar uitkeek toen ze maar bleef huilen die eerste maanden, nu mijn maag laat omkeren alsof ik een gemene buikgriep heb opgedaan.

Ik had gedacht dat ze groter ging zijn, ik had gedacht dat ik haar al beter zou kunnen loslaten. Maar ze is nog steeds klein, en ik zou haar het liefst in een fluwelen doosje steken zodat haar nooit iets kan overkomen.

Duizend-en-één angsten

Toen ze pas geboren was kampte ik met duizend-en-één angsten. De aanslagen in Parijs gebeurden toen ze nog maar een paar maand oud was, en ik was er dan ook van overtuigd dat de crèche zou aangevallen worden, op zijn minst. Ik troostte mezelf met de gedachte dat ze gelukkig niet naar een grote school moest, en ik maakte mezelf wijs dat tegen die tijd (het leek zo eindeloos ver weg) al het kwaad de wereld uit zou zijn, en dat er voor alle vieze ziektes een remedie zou gevonden zijn.

De tijd is voorbij gevlogen

Die tijd is voorbij gevlogen, al die kleine stapjes vooruit droegen (en dragen nog steeds) bij aan dat wondermooie pientere meisje, een kleine onderhandelaar met sterke wil. En ondanks het feit dat zij en haar broer onze wereld zoveel mooier hebben gemaakt, zijn we er toch niet in geslaagd om wereldvrede te bereiken in die 2,5 jaar sinds haar bestaan, en we hebben ook geen nobelprijs gewonnen voor het verbannen van zinloze enge ziektes.

Mama zijn is loslaten

“Mama zijn is loslaten”. Ik kan niet anders dan mijzelf een beetje uitlachen als ik dit cliché neerzet. Maar het voelt alsof ik over twee weken pas echt ga beseffen wat dit betekent. School gaat haar veranderen, en ik ben bang dat ik niet goed mee ga kunnen volgen.

Ik haal haar op in de warme veilige crèche, waar zij inmiddels bij de grote kinderen hoort.

Ze is er klaar voor, maar ik niet

Ze is echt klaar voor school hé,” zegt de lieve verzorgster tegen mij.

“Ja, echt hoor,” glimlach ik stoer, en ik kijk naar haar slordig blond hoofdje dat aan een kleiner meisje uitlegt dat ze best op het bankje kan zitten om haar schoenen aan te trekken.

Zij wel, maar ik niet.