Zwanger van mijn kleine vechter: blog 2

  • door Gastmama

Ik was zwanger en in shock. Zo snel had ik het niet gewild. Maar na 4,5 maand dodelijk misselijk en vermoeid tussen het stof van ons huis - in - verbouwing rond te dwalen voelde ik vlinders in mijn buik.

Alles komt goed. Nee, alles ging in een stroomversnelling

Alle ellende verdween (het stof helaas niet) en vol geluk ging ik kennismaken met wat zich aan het ontpoppen was. Mijn man had geen tijd, verbouwing weetjewel. Met veel complicaties. Wist ik veel dat er ook op ander vlak veel complicaties gingen volgen. Er viel een stilte bij de gynaecoloog.

‘Kom over een week es terug, dan zal er vast wel maaginhoud te zien zijn’.

Een week later was ik pas echt zeker dat het niet goed was. Ik moest me geen zorgen maken, zei een bezorgde stem. Die meteen UZ Leuven belde voor een dringende afspraak bij een specialist.

Alles komt goed.

Nee, alles ging in een stroomversnelling. De specialist keek een half uur zonder iets te zeggen, zonder iets prijs te geven, elke cel van mijn baby na.

'Gaat u even zitten', zei hij. Ik was opnieuw alleen, ik had me immers geen zorgen hoeven te maken.

Ik weet niet meer hoe ik het ziekenhuis uit ben gekomen. Ik had geen benen meer, geen lichaam zelfs.

Zoals mijn baby geen slokdarm had. Nu ja, een klein stukje. En misschien, heel misschien, vonden ze na de geboorte nog een stukje. Daar moesten we op hopen.

Het zou nog vaak Gasthuisberg worden

Pas uren later drong het tot mij door dat de volgende afspraak die ik gekregen had, er een was waarop we moesten beslissen. 23 juni. Die dag stond al een jaar in het groot in onze agenda. Onze enige zonde tijdens de uitputtende verbouwing, de enige uren die we onszelf toestonden niet te werken en samen een dag naar Londen te gaan.

Het werd Gasthuisberg. En het zou nog vaak Gasthuisberg worden.

Een volle week moesten we wachten op de uitslag van de vruchtwaterpunctie. Als er bijkomende afwijkingen werden gevonden, wat vaak het geval is, zou het zeer moeilijk voor de baby worden. Die week de langste van mijn leven noemen is een understatement. Wiebe herinnerde me er elke minuut aan dat hij wou leven.

Ik kreeg de telefoon met het nieuws op mijn werk op 1 juli. Ik durfde niet opnemen maar hoorde ‘het resultaat is normaal’.

De rollercoaster kon beginnen. Op 5 juli kreeg ik ongelooflijke rugpijn. Op 8 juli viel ik bijna flauw van de pijn. Ik kon niet ademen en niet bewegen. Op 9 juli vond ik geen enkele houding die geen pijn deed.

Ik lag in een bed van steen terwijl rondom mij aannemers te laat kwamen en fouten maakten. De kans dat alles klaar zou zijn tegen de bevalling werd met de dag kleiner.

De kans op een voortijdige bevalling met de dag groter.  

mama met zwangere buik

Problemen met vruchtwater

Op 10 juli doe ik er vijf uur over om het avondeten te maken, kan ik niet meer op een stoel zitten en heb ik het gevoel dat die vlinder in mijn buik een monster is geworden die elk moment zijn vuist uit mijn buik kan steken.

Op 13 juli vindt men dat ik mijn werk al rechtstaand niet naar behoren kan doen. Zonder afscheid te kunnen nemen verlaat ik de plek om pas 7 maand later terug te keren.

Een dag later vertelt mijn gynaecologe me dat ik nu al bijna op de limiet van vruchtwater zit, en hoor ik van de arbeidsgeneesheer dat ik beter abortus had gepleegd. Niet met zoveel woorden, maar ik kan goed tussen de lijnen lezen.

Ik waggelde naar hem toe met een buik met de omvang van 33 weken in plaats van de 26 waar ik me op dat moment bevond.

Nog geen twee weken daarvoor was nauwelijks te zien dat ik zwanger was.  Het grote nietsdoen kwam steeds dichterbij. Ik voelde me een tikkende tijdbom.

Op 22 juli zette ik mijn laatste pijnlijke stappen en plofte neer op een broeierig heet en onmogelijk af te koelen bed. Overal rondom mij zag ik werk dat dringend moest gebeuren maar meer dan er mijn vinger naar uitsteken kon ik niet.

Ik kon niet bewegen en had echt verschrikkelijk, verschrikkelijk veel pijn.

Week 28 op de teller, week 40 volgens de metingen. Voor mijn baarmoeder was ik klaar om te bevallen, maar de baby woog nog geen kilo.

De dag erna was ik zo uitgeput en gek van de pijn dat ik geen andere uitweg zag dan de ambulance. Op het spoed vonden ze niks wat de pijn kon verklaren. Ik voelde me een aansteller.

De specialist en de gynaecologe waren wel bezorgd, vanaf nu zou ik wekelijks op controle moeten om het vruchtwater nauw op te volgen. Ik zat nu al lang op de limiet. Maar omdat bij een vruchtwaterpunctie de kans op bevallen groot is, probeerde ik het zo lang mogelijk vol te houden. Te lang wachten is dan ook weer niet goed, ook dan zou ik weeën kunnen krijgen.

De pijn is onhoudbaar

Die voortdurende twijfel… was erger dan de pijn. Hoe ver kan ik gaan en toch geen weeën krijgen? De pijn breidde uit naar mijn hoofd. Het leek wel een enorme tumor.

Op 30 juli probeerde ik een cursus bij te wonen over bevallen. Ik moest als enige deelnemer in een rolstoel afgevoerd worden, en slaagde er pas weken later via de vroedvrouw in alsnog het een en ander bij te leren. Al die tijd maakte ik me zorgen dat ik zou moeten bevallen zonder er iets over te weten. Ik haal het einde van de maand, maar dat werd niet gevierd.

Augustus doet zijn intrede. Mijn man heeft zijn handen vol aan ons huis, onze hond en ons huishouden. Ik kan niks doen behalve hem sparen. Ik zeg dus niks en neem een dagboek. De bladzijden vullen zich met de woorden ONHOUDBAAR.

Ik lig uren en uren aan de monitor. Ze hadden slechts 20 minuten gegevens nodig, maar dat lieve monstertje in mijn buik schopte de monitor er weer telkens af. Ach, er werd nog eens gelachen.

De pijn in mijn hoofd en mijn lichaam is soms zo erg dat ik pijnstillers terug overgeef. Slapen doe ik in de houding waar ik gedurende dat uur het minste last bij heb. Mijn buik is een enorme rots die me verpletterd.

Op 14 augustus krijgen we een rondleiding op neonato. Jullie kennen het daar, dus ik hoef niet meer te zeggen. Het is overweldigend en ik was pas 2 weken later moedig genoeg om in de brochures te kijken.

De gedachte ‘wat als…’ spookte nog volop door mijn hoofd als ik me op 20 augustus overgaf en vroeg om een punctie. Ik vreesde dat er weeën zaten aan te komen. Mijn hele lichaam stond op ontploffen, de buik eerst, dan mijn hoofd, dan mijn borstkast.

mama en vader to be

We haalden september

Ik kreeg longrijping, weeënremmers, de hele rimram. Twee dagen duurt het eer de longrijping rond is. Twee dagen kwam ik handen te kort om te duwen op de plekken waar het pijn deed.

Op 22 augustus, aan 32 weken, werd er de eerste keer drie liter vruchtwater weggenomen. De baby werd ook verdoofd, want die zat nu eenmaal niet stil in zijn trampoline van water.

Toen ik hersteld was van de ingreep en de nieuwe kuur weeënremmers hun werk hadden gedaan voelde ik me een paar dagen als herboren. Ik voelde terug kriebelende vlinders in mijn buik, en geen mokerslagen. Ik kon rondstappen.

De tranen die in die dagen over mijn buik liepen waren van miserie over alles wat misliep in onze verbouwing. Ik snakte naar een bad, een plek voor een wiegje, een proper bed. Ik lag nog steeds in het centrum van een bouwwerf.

Maar we haalden september en dat had niemand verwacht.

De maand was pas begonnen en ik kreeg opnieuw pijnaanvallen waarop mijn lichaam zich gedroeg als was het een breuklijn in de aardkorst. Ik kon niet ademen of bewegen en als ik alleen was voelde ik me niet veilig.

Op 10 september geef ik me voor de tweede keer over. Weer drie liter vruchtwater lichter en een weeënremmerskuur later mag ik naar huis. Met als aandenken een ontstoken infuus, maar ik kan terug een paar meter stappen en dat maakt alles goed. Ik heb de 35 weken gehaald. We plannen een nieuw doel: 37 weken.

Deze keer merk ik echter dat het sneller als de vorige keer bergaf gaat. Lawinegevaar.

Ik probeer zo snel mogelijk zo veel mogelijk te regelen, een trap in plaats van een gammele ladder (waar ik met een buik van mijn omvang niet opgeraak), een vloer, ramen, een badkamer. Geen tijd om vol verwachting naar het grote moment uit te kijken. Geen discussies over de kleur van de kinderkamer. Geen uitstapjes naar de winkel om er samen de mooiste doopsuiker te kiezen. Geen zachte streeltjes over de buik terwijl je schattige kleertjes uit het winkelrek haalt. Geen bedje opgemaakt met verse lakentjes, geen dromen over hoe het zal zijn met je slapend kindje erin. Ik kon zelfs niet lang genoeg op de computer werken om geboortekaartjes te bestellen.

Onze kleine prins zou geboren worden en er zou niks zijn. Helemaal niks.

Zie gynaecologe vaker dan eigen man

Op 18 september maakt de gynaecologe zich zorgen dat mijn vliezen gaan breken. Dat er toch nog een punctie zal nodig zijn valt me zwaar. Een uur muisstil liggen terwijl er een naald in je buik zit. Ik ken plezantere dingen.

Ondertussen zie ik de gynaecologe vaker dan mijn eigen man. Op 21 september wil ik naar het ziekenhuis vertrekken voor de laatste punctie, maar op dat moment beslist de kat van de buren onze hond een paar vlooien cado te doen.

Het vertrek wordt uitgesteld. Mijn man slaagt er wegens tijdsgebrek niet in de vlooien aan te pakken zoals het zou moeten. Ze zitten overal. Een van de redenen waarom we meer dan een maand later we niet klaar zijn om onze zoon mee naar huis te nemen.

In het ziekenhuis stelde ik de punctie nogmaals uit.

Ik schrijf dit bericht aan dezelfde tafel, op dezelfde stoel als die waarop ik zat in de namiddag van 23 september. Ik had mezelf op een koffie en een muffin getrakteerd, trots op mijn prestatie tot het hart van het UZ Leuven te waggelen.

Eigenlijk kijk ik meer rond dan ik schrijf. Ik zie zwangere vrouwen, kinderen in buggy’s van de E413, mensen met sondevoeding, of een katheder in de nek. Hoeveel anderen heb ik geïnspireerd terug te denken aan hun zware tijden?

Ondanks de nauwelijks te eten muffin voelde ik me even goed. Ik was gewoon een patiënte die quasi zorgeloos aan een tafeltje zat, in afwachting van een drieling. Of een vierling, dat geloofden ze vast ook.  

Toen ik wou terugkeren geraakte ik maar net op de kamer, een voorbode over wat er die nacht zou gebeuren. De lawine was nu echt losgebarsten. Ik smeekte maar er was geen operatiekamer vrij. Meer dan 24 u zou ik niks eten of drinken. Op 24 september werd ik voor de laatste maal 2,5 liter lichter.

Als ik op 26 september thuiskom kan ik eindelijk rusten in onze nieuwe en koele slaapkamer, en voor het eerst een bad nemen. De volgende dag zat ik net naar onze pas gelegde vloer te kijken toen de gynaecologe belde. De kinderartsen wilden dat ik maandagochtend zou bevallen. Alle vrees voor een vroeggeboorte ten spijt werd ik de volgende dag kunstmatig ingeleid.

Dit is Elines zoontje vandaag

We posten snel meer. Kun je niet wachten, neem dan al een kijkje op Elines blog: http://specialegevallen.blogspot.be/

jongetje kleuter