4 redenen waarom je peuterdriftbuien beter niet bestraft of negeert

  • door Mamabaas

De Amerikaanse psychologe en schrijfster van onder meer het boek The Gentle Parenting Book Sarah Ockwell-Smith stelt dat je een driftige peuter maar beter niet bestraft of negeert, en wel om vier redenen. Een waardevolle en verhelderende benadering voor als je het graag op een meer gentle manier aanpakt…

1. Peuters kunnen het niet helpen dat ze driftbuien krijgen

Peuters worden soms driftig om één eenvoudige reden: hun hersenen werken niet zoals die van volwassenen. Omwille van onrijpe verbindingen in hun hersenen zijn ze niet in staat hun emoties onder controle te houden zoals wij. Ons gesofisticeerde brein helpt ons om impulsen te controleren, ons sociaal aanvaardbaar te gedragen en onze gevoelens tot rust te brengen voor we gewelddadig worden of de controle verliezen.

Peuters zijn hier fysiek gezien niet toe in staat. Als ze een driftbui krijgen, zijn ze niet ondeugend of manipulatief, maar zijn ze gewoon peuters die aan het vechten zijn met grote gevoelens, slechte communicatievaardigheden en zelfs nog slechtere regulerende vaardigheden op emotioneel vlak.

Het kan ongelooflijk belachelijk lijken om een driftbui te krijgen omdat de kleur van een beker of de vorm waarin een boterham is gesneden niet goed is, maar voor een peuter zijn deze dingen even belangrijk als een lening of maandelijkse huur voor ons. Het is niet omdat het geen ‘echt ernstige’ dingen zijn in onze ogen dat ze dat niet zijn in de ogen van een peuter.

2. Peuters kunnen zichzelf niet kalmeren

Een peuter is zoals een pot kokend water zonder deksel op. Net als het water in de pot worden de emoties van een peuter steeds groter en groter. Ze borrelen op totdat ze, bij een onbewaakt moment, overkoken. De peuter kan het vuur niet afzetten zoals een volwassene dat kan; ze zullen alleen stoppen als ze helemaal opgekookt en uitgeput zijn.

Volwassenen kunnen hun eigen emotionele thermostaat regelen, ze kunnen het vuur minder zetten en het deksel opzetten. Peuters kunnen dat niet; ze hebben daarvoor onze hulp nodig. Peuters hebben een volwassene nodig om ervoor te zorgen dat ze niet overkoken, dat het vuur minder hoog wordt gezet en het deksel erop wordt geplaatst.

Met andere woorden: ze hebben jouw hulp nodig om tot rust te komen. Ze hebben rustige woorden en knuffels nodig, geduld en steun. Hen alleen in time-out zetten doet hen overkoken. Ze denken niet na over wat ze fout hebben gedaan of hoe ze zich de volgende keer beter kunnen gedragen, omdat ze voor zo’n ingewikkelde gedachte nog niet de hersencapaciteit hebben. Ze worden niet doelbewust terug kalm; ze doen dat alleen omwille van twee redenen: omdat ze uitgeput geraken en omdat ze leren dat je niet van hen houdt zolang ze zich weer kalmer gedragen. Eigenlijk leer je hen, door die methodes te hanteren, hun gevoelens te verbergen. Is het dan zo’n wonder dat zoveel volwassenen het zo moeilijk vinden om emotioneel eerlijk te zijn als we dit aanmoedigen in de kindertijd?

3. Peuters voelen zich even slecht als wij tijdens een driftbui

Een peuterdriftbui is echt heavy voor een ouder. Het kan soms aanvoelen alsof je peuter bewust iets doet om je op te winden: ze kiezen er altijd het slechtst mogelijke moment uit, als je moe of ziek bent of je je in een publieke ruimte begeeft. Je voelt je beschaamd, boos, hulpeloos, zelf ook zonder controle.

Het ding is: je peuter voelt exact dezelfde dingen. Ze genieten er niet van om een driftbui te hebben. Stel je even voor hoe erg het moet zijn om de controle compleet kwijt te zijn terwijl de persoon die je het meest van de hele wereld liefhebt en vertrouwt je volledig negeert terwijl je hem eigenlijk nodig hebt…

Hoe heavy het ook is om een ouder te zijn van een peuter die een driftbui heeft, het is zeker en vast nog zwaarder om de peuter met de driftbui te zijn.

4. Peuters krijgen vaak een driftbui als ze zich minder verbonden voelen met ons

Eén van de voornaamste redenen waarom peuters een driftbui krijgen is omdat ze zich niet verbonden voelen met hun ouder. Veelvoorkomende oorzaken zijn de komst van een nieuw broertje of zusje of het voor het eerst naar school gaan. In beide gevallen voelt de peuter zich minder verbonden. Het maakt hem/haar heel kwetsbaar, verward en bang.

Stel je voor dat je partner ineens thuiskomt en zegt: ‘Hey liefje, dit is mijn nieuwe vriendin, ze gaat vanaf nu bij ons komen inwonen. Ik hou heel veel van haar en ik jou nog altijd evenveel van jou. Mettertijd zul jij ook van haar gaan houden.’ Klinkt belachelijk? Dit is exact wat er gebeurt als je je peuter laat kennismaken met zijn nieuwe broer of zus.

De beste manier om hiermee om te gaan is dus niet door voor nog meer disconnectie te zorgen (door te negeren bijvoorbeeld of door hen van jou te verwijderen), maar door hen te laten voelen dat je hen nog even graag ziet als ervoor in handelingen en begrip.

Bron: Huffington Post

Meer info over Sarah Ockwell-Smith vind je op deze site. Meer info over haar boek vind je hier