Dichtbij en toch zo ver weg

  • door Mama

Ik ruik je, ik voel je, zo dichtbij en toch ben je zo ver weg. Ik voel je nabijheid en die doet me zo goed, want zonder jou voel ik me zo ontzettend alleen. Ik weet, je liefdevolle papa is daar, is dichtbij en zal er altijd voor me zijn, maar toch is dit anders. Jij bent een stukje van mij, jij leefde in mij. Ik ademde voor jou, jij bewoog in mij.

Nooit had ik gedacht dat ik dat zwangere gevoel zo zou koesteren. Nooit had ik gedacht je nog zo dichtbij te kunnen voelen ook al ben je er fysiek niet meer. Ik voel me voor altijd fysiek met jou verbonden. Jij bent een deel van de plek in mijn buik. Mijn buik is voor altijd een deel van jou.

Je zit in mij hart, maar mijn lijf mist jou. Mijn lijf mist jou fysiek. Want Ik voel je, ik voel je de hele tijd in mijn buik. Je beweegt, je stampt en dan komt het besef dat jij dit niet bent. Dat dit mijn darmen zijn. Het breekt me. Je zou hier nog veilig in mijn buik moeten zitten. Veilig en beschermd aan het genieten.

Hoe kan dit gevoel nu ooit veranderen. Hoe kan ik nu ooit verder? Hoe moet ik nu ooit verder als het mooiste stuk van mezelf met jou is meegegaan? Hoe vind ik ooit nog een doel in mijn leven? Want jij was mijn doel. Alles had ik over voor jou. Hoe kan ik ooit verder als alles me aan jou doet denken? Alles is jou, mooie meid, lieve dochter. Alles ademt jou en jij ademt alles.

Woorden schieten tekort prinses. Waarom wij? Maar vooral, waarom jij? Waarom kreeg jij geen kans om langer te leven? Om de wereld te ontdekken? Ik zoek troost in het feit dat jij nu vrij bent, dat jij nu de wereld bent en de wereld jou is.

Mijn wereld is jou. Ik adem jou, ik zie jou, ik leef jou, ik voel jou. Je verkleinde mijn wereld, maar je gaf me een nieuwe versie van de wereld. De wereld door jouw ogen. Je ogen waarin ik kon verdwalen, kon wegdromen, kon genieten van jou.

Lieve prinses, je bent ver weg maar toch ben ik dicht bij jou.