DOSSIER: Wanneer is je kind temperamentvol en hoe ga je er het best mee om?

  • door Mamabaas

Niet alle kinderen zijn gelijk. Niet qua energieniveau, niet qua motorische of verbale ontwikkeling, niet qua emotiebeleving. Toch hebben we een voorkeur voor bepaalde gedragskenmerken die een kindje ‘braaf’ of ‘flink’ maken (volgzaam in de richting van de ouders meelopen aan het handje, voortgaan als er beslist wordt voor te gaan, zwijgen als dat zo ‘hoort’).  Dat werkt niet bij alle kinderen zo, soms tot grote frustratie van hun ouders.

temperamentvolle kinderen, eva bronsveld

Die kinderen zijn ‘lastiger’: zij kunnen oprecht verdrietig (en/of kwaad) zijn omdat hun favoriete kledingstuk in de was zit, volledig overstuur omdat iemand boos was (al dan niet op hen) of absoluut tegendraads als iets van hen verwacht wordt waar ze geen zin in hebben (pyjama aandoen, bijvoorbeeld). 

Herkenbaar? Dan is jouw kind misschien wel temperamentvol. Eva Bronsveld schreef hierover het boek ‘Temperamentvolle kinderen’, waarvan wij een tipje van de sluier mogen oplichten.

Wat maakt een kind temperamentvol?

Een temperamentvol kind scoort gemiddeld hoger op deze vier eigenschappen:

- intens

Enthousiast, uitbundig, passioneel maar ook compleet van slag of aangedaan als ze zich pijn doen of verdriet hebben.

- opmerkzaam

Heeft oog voor detail, kan scherpzinnig uit de hoek komen en merkt zelfs kleine veranderingen op wat soms ook leidt tot afleiding of overweldigd als er te veel tegelijk op hen afkomt. 

- gevoelig

Ze kunnen zich inleven in anderen en weten wat de ander voelt, met als keerzijde dat ze zelf effect ondervinden van een slechte sfeer, negatieve emoties of gestresseerde en geïrriteerde reacties en ook overgevoelig kunnen reageren op harde geluiden, etiketjes in kleren.

- sterke eigen wil

Ze weten wat ze willen en en kunnen creatief uit de hoek komen om dat ook te bereiken. Ze leren best door iets te ervaren, soms kan je zelfs sensatiegericht noemen. Nadeel is dat het quasi onmogelijk kan zijn om hen van iets af te brengen en ze zullen zelden iets doen ‘gewoon’ omdat jij het zegt.

‘Temperamentvol’ is geen label of diagnose, het is een versterking van een eigenschap. Dat wil niet zeggen dat alle temperamentvolle kinderen op elk kenmerk even hoog scoren. Sommige hebben misschien een extreem sterke eigen wil, maar scoren niet zo hoog op gevoeligheid; een ander kind is dan weer zeer opmerkzaam maar heeft niet zo’n sterke eigen wil. Temperamentvolle kinderen verschillen onderling dus net zoveel als andere kinderen.

Begrijpen voor je kan doen

Als ouder die wanhopig wordt van de ruzies, de smeekbedes, de driftbuien, de koppigheid, wil je maar één ding weten: wat doe ik hieraan? Begrijpelijk, maar voor je iets kan doen, is het noodzakelijk dat je begrijpt wat deze kinderen drijft en wat hen over de grens kan doen gaan. 

Temperamentvolle kinderen hebben net als als iedereen een bepaalde ‘draagkracht’, visueel vaak voorgesteld als ‘emmertje’. Omdat ze meer opmerken, in zich opnemen, over nadenken of meer (aan)voelen, zit dat emmertje sneller vol dan bij andere kinderen. Het kan ook zijn dat het ‘herstel’ van een overvol emmertje (legen en draagkracht terug opbouwen) langer duurt.

Het gedrag van temperamentvolle kinderen wordt door een aantal dingen gestuurd: hun eigen behoeftes, hun eigen gevoeligheden (wat voor hen lastig of moeilijker is) en de reactie van de ouders.

Wat kan je doen als ouder?

Kort gesteld: tegemoet komen aan hun behoeftes, lastige zaken erkennen en oplossingen bieden en vooral: samenwerken met je kind. Temperamentvolle kinderen reageren over het algemeen slecht op het gebruik/misbruik van macht en straffen maar zijn wel gevoelig voor het gevoel van controle. Elk kind heeft zijn eigen behoeftes, interesses en gevoeligheden. Er is dus geen ‘one solution fits all’ maar een aantal zaken lijken wel terug te keren: 

  • Slaap 

Zorg voor voldoende slaap en/of rustig programma na een nacht met weinig slaap.

  • Water drinken

Neem altijd water mee en bied het vaak aan.

  • Controle 

Stimuleer het gevoel van controle bij je kind door ze (beperkte) keuzes te geven.

  • Behoefte aan verbinding 

Zorg voor verbinding door niet alleen lichamelijk maar ook mentaal aanwezig te zijn (of daarvoor een tijd af te spreken)

  • Behoefte aan voorspelbaarheid

Maak routines en afspraken, liefst samen met je kind. Kondig veranderingen ruim op voorhand aan

  • Ontspanning

Voorzie voldoende momenten van ontspanning, maar laat je kind wel kiezen wat ontspannend voor hem/haar is.

  • De lastige momenten herkennen en tijdig ingrijpen

Het komt er op aan ‘overprikkeling’ te vermijden en te weten waar de grens ligt voor jouw kind en daar ook naar te handelen. Ook al betekent dat dat je na twee één uur al een feestje moet verlaten - tenzij er een tussenoplossing te bedenken valt, zoals een uurtje bekomen in een ‘rustige’ ruimte.

  • Probeer te vermijden dat je je wil ‘oplegt’

Alleen al door het anders te formuleren en/of op een andere toon te zeggen, kan een heel ander effect hebben, ook al vraag je eigenlijk hetzelfde.

  • Vermijd ‘als… dan’ en straffen/belonen

Je kind doet wat jij doet, niet wat jij zegt! Het goede voorbeeld geven, en samenwerken, zorgen er dus voor dat je kind gemakkelijker doet wat jij wil of wat moet gebeuren. Werken met straffen daarentegen heeft zelden het gewenste effect: temperamentvolle kinderen doen enkel iets uit intrinsieke motivatie. Straf kan ook veel kapot maken, waaronder ook de verbinding tussen jullie.

  • Gebruik humor

Humor breekt de sfeer, en kan een kind uit een negatieve spiraal halen. Het zorgt er zelf ook voor dat je niet terugvalt op het mantra ‘doet wat ik zeg, nu, meteen’ maar alles in een ander licht ziet.

  • Sta altijd aan de kant van je kind

Niet altijd simpel als simpele taakjes tot een huzarenwerk worden herleid (zeker als er anderen op staan te kijken), maar wél een hele belangrijke. De verbinding tussen jou en je kind moet heel blijven. Vergeet wat anderen zeggen, vooral als ze denken dat ze het beter weten. Wat ook (voor jezelf en anderen) kan helpen, is het ‘lastige’ gedrag in positieve termen te benoemen.

De sleutel

Het belangrijkste dat je als ouder moet beseffen is dat deze kinderen iets niet doen omdat ze niet willen maar omdat ze niet kunnen. Ze doen het dus niet om jou te pesten, maar omdat ze niet weten hoe ze met zichzelf en de situatie kunnen omgaan. Hier ligt dus een belangrijke rol voor ouders. De beste oplossing hiervoor is samenwerken met je kind. Maak afspraken, zorg ervoor dat het duidelijk is voor iedereen en help je kind om zich aan afspraken te houden in plaats van hem te bestraffen als het hem niet lukt.

Bijkomend voordeel is dat je kind zo meer controle heeft over de situatie: hij is namelijk deel van de oplossing, wat hem meer gemotiveerd maakt om het uit te voeren.

Tot slot: jij kent je kind het beste, vertrouw daar dan ook op! Ook al ligt de aanpak niet in de lijn van wat ‘hoort’. Als het niet schadelijk is voor het kind of jezelf en het werkt (beter) dan iets anders, doe dan vooral verder. 

In Temperamentvolle kinderen gaat Eva Bronsveld nog dieper in op hoe je kinderen kan aanpakken, hoe je lastige situaties kan leren inschatten en hoe je eraan begint om samen te werken met je kind. Meer informatie vind je ook via haar website, de website over Temperamentvolle kinderen en Facebookpagina 'De Upvoedclub'.