Help, ik heb een huilbaby

“Er zal wel iets ferm mis mee zijn.”

Aan de onbekende heer in het ziekenhuis: neen, er is niets ‘ferm mis’ met mijn dochter. Mijn dochter is gewoon een huilbaby. En in plaats van ons zo te bekritiseren zou je beter wat meer begrip hebben.

Want ze huilt. Dag. Én. Nacht.

Wacht het nog even af

Die 3-3-3-regel was al snel achterhaald bij ons. Reken maar op minimum 8 à 9 uur per dag, elke dag van de week, zo’n 12 weken aan een stuk. Ik stond heel dicht op ‘het randje van’.

Het begon met een huilkaart, waaruit bleek dat ze vooral huilde na haar voedingen en ’s nachts. Maar alle baby’s hebben een huilpiek rond de zesde levensweek, dus moesten we het even uitzitten. Maar ze is nog maar vier weken? En eigenlijk min één, want ze is prematuur. ‘Wacht toch maar even af’, was de boodschap.

Machteloos

Na een kleine 8 weken kon ik niet meer. Ik huilde gewoon mee met m’n dochter. Ik huilde als mijn ouders op bezoek kwamen. Ik huilde als de vroedvrouw kwam. Ik huilde bij de pediater en bij Kind & Gezin. Ik huilde bij m’n vriendinnen en in bed bij m’n lief. Zij huilde en ik huilde.

Ik voelde me zo ongelooflijk machteloos. Ik zag dat mijn kind pijn had en kon dat niet verzachten. Ik zag dat ze boos en verdrietig was en kon haar niet troosten. Het enige wat ik kon, was vechten voor haar. Elke week zat ik bij de pediater. Bijna elke dag stond ik bij de apotheek. We bleven zoeken en proberen.

Iets mis

Na het zoveelste weekend vol tranen zat ik weer in het ziekenhuis, bij de pediater. Ik ging vooraf nog een koffie halen want het was weer een zware nacht geweest. Dochterlief lag in haar Maxi-Cosi. Te huilen, uiteraard. En toen hoorde ik die woorden. “Er zal wel iets ferm mis mee zijn.”

Ik had de energie niet om te reageren. Ik was op. Kaarsje uit, vatje leeg. Het enige wat ik kon was meehuilen met mijn dochter en hopen dat we snel een échte oplossing zouden vinden. Als ik aan dat moment terug denk, kookt mijn bloed. Wat zou ik die man graag van repliek dienen.
Er is nog zo veel onbegrip voor ouders met een huilbaby. Neen, er niks 'mis' met mijn kind. En neen, mijn dochter heeft geen honger. Neen, ze is niet moe. En ja, ik weet hoe ik mijn eigen kind moet troosten.

Je bent geen slechte mama

Als ik andere mama’s met een huilbaby’tje zie, denk ik alleen maar ‘houd vol’. Er is licht aan de einde van die uitzichtloze tunnel. Ik zou ze een knuffel willen geven en zeggen dat ze geweldig goed bezig zijn. Dat ze goeie mama’s zijn en dat het niet hun schuld is.

Wij zijn ‘erdoor’. Met aangepaste medicatie en hypoallergene melk op voorschrift. Het is een heuse zoektocht geweest, maar we zijn er (al geloof ik het nog niet altijd). Ze huilt stukken minder. Uiteraard zet ze af en toe haar keel nog eens open. Ze reageert heftiger op sprongetjes dan sommige andere baby’s. Ze heeft soms iets meer moeite met prikkels en als haar iets niet aanstaat zal je het geweten hebben. En ik merk dat ik geen filter meer heb voor al dat gehuil. Maar dan houd ik me voor dat het (hopelijk) nooit meer zo erg zal zijn als bij het begin.

Het is een karakterkopje, onze kleine meid. Maar ik zou ze voor geen geld van de wereld willen missen.