Hoe tastbare dingen het gemakkelijker maken om over Fons te praten

‘Mama, ik ga vragen of Jelle nog een kamer komt bijmaken in ons huis’ (Jelle is mijn neef en hij heeft tijdens mijn zwangerschap van Thieu in onze grote hall boven twee gyproc muren gezet waardoor Thieu nu een eigen kamer heeft) ‘Waarom, Miel?’ ‘Dan kan Fons terug bij ons komen wonen’ 

‘Mama, ik ga vragen of Jelle nog een kamer komt bijmaken in ons huis.’ (Jelle is mijn neef en hij heeft tijdens mijn zwangerschap van Thieu in onze grote hall boven twee gyproc muren gezet waardoor Thieu nu een eigen kamer heeft)
‘Waarom, Miel?’
‘Dan kan Fons terug bij ons komen wonen.’

‘Mama, als ik dood ga, ga ik dan naar dezelfde hemel als Fons?’
‘Natuurlijk.’
‘Oh, fijn, dan kan ik eindelijk met hem spelen in plaats van met Mon.’

(We passeren de zaal waar de babyborrels van Miel, Mon en Thieu plaatsvonden.) ‘Mama, waarom hebben jullie voor Fons nooit een feest gegeven in de zaal?’

‘Mama, tante Frieda is ook in de hemel, hè?’ (tante Frieda is een kinderverzorgster van zijn school die vorige zomer overleed)
‘Ja, lieverd.’
‘Dan is het goed, want die kan héél goed voor Fons zorgen.’

Zijn verhaal vertellen

Ik vraag me soms af of elke kleuter van 3,5 zoveel bezig is met de dood en de hemel als die van ons. Doordat we altijd open en eerlijk verteld hebben dat we nóg een kindje gehad hebben voor hem, gaat hij erover nadenken. En dan komen er vragen. Vaak op onverwachte momenten. En soms zijn ze pijnlijk. Zoals toen Thieu nog niet geboren was: ‘Wanneer gaat deze baby dood?’

Meestal stopt het bij één vraag, maar soms wil hij meer weten. En dan ben ik heel blij met alle spullen die ons helpen om het verhaal van Fons te vertellen. We hebben meer dan 300 foto’s, voornamelijk genomen door de supermensen van NICU Gasthuisberg. We hebben er zelfs enkele die de kinderarts in Hasselt maakte vlak na de keizersnede. Ik heb er kleine fotoalbums van gemaakt, een soort reconstructie van Fons zijn korte leven. Onze naaste familie kreeg er elk één, ons eigen exemplaar ligt binnen handbereik voor als de kindervragen komen.

We hebben een herinneringsdoos met een pampertje, badolie, een plakkertje waarmee sensoren worden vastgeplakt, een knuffeltje dat op sommige foto’s staat… Dus we kunnen de foto’s ook tastbaar maken.

Het eendje staat symbool voor onze Fons

We hebben het graf, waar we af en toe samen naartoe gaan en waar een eendje op afgebeeld staat. Want eendjes horen bij onze Fons. Tim vertelde er ook over in de begrafenis van Fons:

'In en rond de vijvers van Gasthuisberg staan bankjes. Ik heb vaak op zo’n bankje gezeten om na te denken. Terwijl je daar zit kan je kijken naar de vele eendjes die er rondwaggelen.
Eén familie van eenden trok mijn aandacht. Mama en papa eend hebben een kroost van tien kleine eendjes. Negen eendjes zijn donker en hebben één of meer gele vlekjes. Het tiende eendje is geel en heeft donkere vlekjes. En toch hoort hij bij de familie. Hij waggelt zoals de anderen en hij laat zich niet doen als er om brood geravot wordt.
Fons is voor ons zoals dat eendje: een beetje anders dan je had verwacht en een beetje anders dan de andere eendjes. Maar desondanks, hoort hij wel bij de familie. Fons hoort voor altijd bij onze familie, wij zijn voor altijd zijn mama en papa.'

Op onze huwelijksreis, ik was toen zwanger, kochten we de eerste knuffel voor Fons. Toevallig was dat ook een eendje. We gaven het mee aan hem toen hij begraven werd.

Overal doken eendjes op: kinderen van vrienden maakten tekeningen en knutselwerkjes van eendjes, in de kerk hing een eendenballon, bij de eerstvolgende moederdag vond ik een klein eendensleutelhangertje aan de deurklink, mijn schoonzus haakte een eendenknuffeltje, een vriendin bracht een leesboekje over eendjes… Zelfs toen Miel geboren werd, bleven de eendjes toestromen.

De dag dat Fons gedoopt werd (het was ook zijn laatste dag), had “zijn” verpleegster Christine hem een kruippakje aangedaan. Alle kleertjes die wij bij hadden waren te groot, want ondanks de zwangerschap van 38 weken was hij veel kleiner dan een gezond kindje van die leeftijd. Ik had dus niks kleiners dan maatje 50 bij. Het pakje had bovendien overal knoopjes zodat alle buisjes en kabeltjes er moeiteloos door konden. Het maakte ons zo blij. We deden hem sokjes en een mutsje aan. Spullen die wel uit mijn bevallingsvalies kwamen. Het mutsje maakte deel uit van een setje kleren. De rest van dat setje hebben onze andere jongens enorm veel gedragen. Ze zijn versleten, maar ik zal ze nooit wegdoen, omdat ze voor mij een extra connectie tussen al mijn baby’s vertegenwoordigen. Zelfs mijn nepbaby, want sinds een jaar of zo draagt de babypop hier het t-shirtje…

Al die tastbare dingen maken het makkelijker om over Fons te praten. En om hem niet te vergeten. Een eendje maakt mij altijd blij. Fons zijn geboortekader hangt hier tegen de muur, net zoals die van de anderen (die van Thieu staat nog tegen de muur, om de één of andere reden mag ik geen nagels in de muur kloppen van mijn wederhelft).

fotoalbum met foto van eendjes

Een groot project: Kleine Helden

Gisteren las ik toevallig op Facebook over Kleine Held (klik hier). Een project van, in mijn ogen, grote heldinnen. Want Sharon en Sofie zorgen voor tastbare foto’s en spulletjes voor mama’s en papa’s op de moeilijkste momenten van hun leven. (nvdrKleine Helden maken op maat kleine kleertjes en andere spulletjes voor sterrenkindjes en prematuurtjes en fotograferen de sterrenkindjes). 

En zo worden die momenten later mooie herinneringen.

Meer lezen van mama Sara V.A.?

Mijn eerste zoon, voor altijd