Hoe zeg je dat je nu wel echt genoeg spulletjes hebt gekregen?

  • door Gastmama

‘Of je geïnteresseerd bent in een verzorgingstafel.’  ‘Dat we hier nog een autostoel hebben staan.’ ‘Want die kleren, daar zijn ze toch uitgegroeid en verkopen is zo’n gedoe.’ ‘Die tante had nog zo’n schoon speelgoed. Wel drie dozen vol. Mogen we dat dan morgen brengen?’ Al een maand of 7 word ik bestookt met dit soort uitspraken, mails, sms’en en telefoontjes.

Wat mensen weggeven, je begrijpt het totaal niet. Ze willen er maar een kleine vergoeding voor in de plaats. Of hoeven helemaal niets, ‘trakteer maar eens een pint’.

Elk duwtje in de rug is een zegen

Grote dankbaarheid van mijn kant uit. Want als alleenstaande mama-to-be is het niet simpel om de hele boel bij elkaar te krijgen. Elk duwtje in de rug is een zegen. En ik zal wel een geboortelijst leggen, maar wat als mensen daar niet veel van kopen? Dus zeg ik gretig dankjewel en sleep zak na doos na meubel aan.

Zoveel maanden later kijk ik rond in mijn huis. Het staat vol met spullen. Tijdens het leggen van de geboortelijst hoor ik mezelf heel vaak zeggen dat ik ‘dat al gekregen heb’. De kast van mijn toekomstig zoontje puilt uit met kleertjes en aan speelgoed is er (nu al) geen gebrek.

De ene doos na de andere

Maar na het zoveelste telefoontje heb ik het even gehad. Meer dan ooit blijkt: ‘Des goûts et des couleurs, on ne discute pas’ en de goodwill van vrienden, kennissen en familie resulteert dan ook al eens in een extra tripje naar de kringloopwinkel of (nog erger) het containerpark. Bovendien kriebelt het uiteraard om nieuwe dingen te kopen voor mijn kleine held. Iets wat mama helemaal zelf gekozen heeft en dat nog uit de verpakking komt.

Of is dat egoïstisch dan? Die mensen hebben ten slotte allemaal de beste bedoelingen en ik kan dat bekertje met kleine beschadiging wel gebruiken in plaats van een nieuwe, toch?

Ik laad de volgende doos uit, sorteer in bruikbaar en minder bruikbaar en antwoord tussendoor even die vriendin dat ik nu echt wel genoeg kleertjes heb in de kleinste maatjes. ‘Maar toch heel erg bedankt. Dat je aan me denkt is heel lief!’