Karamellenverzen van een papa

  • door Gastpapa

‘Nel mezzo del cammin di nostra vita …’. Oftewel ‘in het midden van de weg van ons leven …’. Zo leidde Dante zijn La Divina Commedia in, een fictieve reis door het hiernamaals. Papa Baas Jan kan zijn eigen leven onmogelijk treffender en bondiger samenvatten. Hij mijmert over gisteren, vandaag en morgen.

‘Nel mezzo del cammin di nostra vita …’. Oftewel ‘in het midden van de weg van ons leven …’. Zo leidde Dante zijn La Divina Commedia in, een fictieve reis door het hiernamaals. Papa Baas Jan kan zijn eigen leven onmogelijk treffender en bondiger samenvatten. Hij mijmert over gisteren, vandaag en morgen.

Zondagskind

35 jaar, professioneel op kruissnelheid, bijna tien jaar getrouwd en net voor de derde keer papa. Kortom, in het midden van de weg van mijn leven.

Ik werd geboren in Brussel, zoon van een huisdokter en een verpleegster. Eigenlijk eerder dood dan levend, maar de toenmalige medische wetenschap stond gelukkig ver genoeg om mij door die eerste hachelijke ogenblikken te loodsen. Mijn moeder kon mij tijdens mijn eerste levensdagen niet trots voorstellen aan familie en vrienden, wegens té blauw en té weinig levensvatbaar. Maar blijkbaar ben ik een zondagskind. Amper drie jaar later had ik twee zusjes en waren we een gezinnetje vijf.

Al katholiek wat de klok slaat

Mijn jeugd speelde zich af in het landelijke Vlezenbeek, ietwat gewrongen tussen de grootstad Brussel en het pittoreske Pajottenland. En die jeugd evolueerde rimpelloos. Ik liep school op de plaatselijke Ave Maria Basisschool, speelde voetbal bij de jeugd van SK Vlezenbeek en bracht mijn zondagen door bij de Katholieke Landelijke Jeugd van Vlezenbeek.

Mijn vader vond het aangewezen dat ik na de lagere school naar het Sint-Jan Berchmanscollege, notoir jezuïetencollege, in Brussel trok. Hoeveel katholieke waarden kan één jonge knaap aan, zo zou een normaal mens zich kunnen afvragen. En dat is precies wat ik me begon af te vragen na mijn middelbare studies.

Over lente en kersenbomen

Ik was 17 en vond het welletjes. Tijd om mijn vleugels uit te slaan en op eigen benen te staan. De lokroep van het kotleven klonk luid en ik ging rechten studeren aan de geseculariseerde universiteit in Gent. Hopend op vrije geesten, vele inzichten, boeiende leerstof en veel meer. Twee weken zat ik er en toen ontmoette ik mijn toekomstige vrouw. Eén fuif in het socialistische bastion De Vooruit en het was al koekenbak. Liefde op het eerste gezicht.

‘Ik wil met jou doen, wat de lente doet met de kersenbomen.’ (Coelho) Als het van mij afhangt, de mooiste versregel ooit in de poëzie.

Tijdens mijn studentenleven in Gent werd ik heen en weer geslingerd tussen cursussen en codexen enerzijds en een openbloeiende en verslindende liefde anderzijds. Dat alles tegen de achtergrond van studentencafés, bioscopen, aula’s en fuifzalen. Vriendschappen en toekomstplannen werden gesmeed, inzichten en kennis verworven. De kennis drong minder snel door dan voorzien, maar dat liet ik niet aan mijn verliefde hart komen. Ik kwam stilaan in de lente van mijn leven en de kersenbomen bloeiden rijkelijk.

De romance en het verlengde

Zomer 2004. Plots was het gedaan met spelen. Ik kon het behalen van mijn diploma niet langer op een geloofwaardige manier uitstellen. Tijd om keuzes te maken. Dus schafte ik mezelf een statige toga aan en ik schreef me in als advocaat-stagiair aan de balie. En in één moeite vroeg ik ook maar meteen mijn toekomstige ten huwelijk.

Ons huwelijksfeest in oktober 2005 lag in het verlengde van onze romance: ongewoon, maar memorabel. Onze getuigen en de trouwringen arriveerden te laat op het stadhuis, de tafelindeling raakte definitief zoek, onze respectievelijke papa’s gaven gezamenlijk een vreemde speech en een zatte nonkel sukkelde in een vijver. Kortom: het was geweldig. Daags nadien vertrokken we op huwelijksreis en in juli 2006 werd Victor geboren.

 

Zeemansverhalen

De geboorte van Victor leidde een van de mooiste, maar tegelijk meest hectische periodes uit mijn leven in. Balie-examens tussen de soep en de geprakte patatjes, mijn prille echtgenote draaide als pediater lange en vermoeiende wachtdiensten in het ziekenhuis, we kochten een huis en we verwelkomden nog een kindje. Ella, mijn eerste dochter.

De jaren nadien ging de wind wat liggen, de woeste zee kwam tot bedaren. Tot 8 december 2014, de dag waarop ons derde wonder werd geboren en onze wereld weer iets woeliger werd.

 

Die mooie ronde buik, waaraan we zoveel voelden

Die mooie ronde buik, waarin je lag te woelen

Die buik die maakt nu plaats, voor ons derde wonder

Starend vanuit haar wiegje, naar een wereld zo bijzonder

(geboortekaartje Lily)