Laatste postpartumcheck ooit

  • door Gastmama

Voor de laatste keer route 81. Of toch voor iets zwangerschapsgerelateerds. Blindelings ken ik de weg. Na vijf jaar. En ontelbaar vele ziekenhuisbezoekjes. Tijdens mijn zwangerschap van N. zelfs elke week. Tel maar eens op.

Routine

Fiets parkeren. Mondmasker op. Handen ontsmetten. De vertrouwde geur inademen. Me aanmelden bij de automaat. Naar het toilet. Ticket scannen. Wachten. Ga ik zijn gezichtje zien? Nog eens naar het toilet – oh die blaas. Hoeveel zou hij wegen? Wachten.

In de lente en zomer zat ik hier altijd met een positief gevoel. En ook bijna altijd op mijn eentje. Corona en partners die niet mee mogen.

“Alles ok met de kleine pruts!”, die bevestiging had ik wekelijks nodig om de zwangerschap draaglijk te maken. Net zoals haar positieve vibes. En onze gezellige babbels nam ik er met plezier bij. Naast arts en patiënte waren en we ook gewoon twee mama’s. Ventileren over de lockdown en entertainmenttips uitwisselen – fijn toch?

Vandaag is anders

Geen spanning en uitkijken naar. Wel tranen. Thuis. Op de fiets. Aan de aanmeldautomaat. Op het toilet. In de wachtzaal. Vooral omdat N. niet mee mag – denk ik. Rotcorona.

Wat zou ik hem graag laten zien. Uit fierheid. Maar vooral uit dankbaarheid.

Mijn beurt

Van mevrouw D. naar E. Opeens voel ik me weer mezelf. En is alles zoals alle andere woensdagen. Alleen zonder baby in mijn buik.

We praten over P., L.* en N. Over haar jongens. Over van alles en nog wat. En mijn lichaam is ook weer helemaal hersteld.

Ik voel me niet droef met een tikje blij. Maar blij met een tikje droef.

Want hoe mooi is dit wel niet? Wij zijn papa en mama van drie prachtige jongens. Kindjes die we nooit zelf hadden kunnen maken.

Zottrots ben ik daarop. En ook zotdankbaar.

Geen afscheid

Dit hoofdstuk afsluiten valt me zwaar. En mijn hart moet afkicken. Nog lang. Van de rollercoaster waar we jaren in zaten. Van zwanger zijn. Van hoop en (on)gezonde spanning. Van pilletjes en spuitjes. Van seksen op commando. En van haar. Vooral dat laatste maakt me bang.

Toch is vandaag geen afscheid. Voor mij zijn onze jongens onlosmakelijk verbonden met haar. Voor altijd.

En hé. Ik ben maar een mens. Zij ook. En soms wint het emotionele het van het rationele.

 

Ellen